Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-11-20
ECLI:NL:RBDHA:2024:19156
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Vereenvoudigde behandeling
806 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.35828
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], V-nummer: [nummer],
[naam], V-nummer: [nummer],
[naam], V-nummer: [nummer],
[naam], V-nummer: [nummer],
[naam], V-nummer: [nummer],
tezamen: eisers,
(gemachtigde: mr. S.R. Nohar),
en
de Minister van Asiel en Migratie, de minister.
Overwegingen
1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eisers tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag, ontvangen op 12 februari 2024, om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor verblijf als familie- of gezinslid bij [naam] (referent) in het kader van nareis.
2. Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.
Beoordeling
3. Eisers hebben op 13 september 2024 een eerste beroep (NL24.35823) tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag ingediend. Op 13 september 2024 is nogmaals een beroep (NL24.35828) tegen het niet tijdig beslissen op dezelfde aanvraag ingediend. Bij uitspraak van vandaag heeft deze rechtbank en zittingsplaats uitspraak gedaan in het beroep van zaak NL24.38523.
4. De rechtbank dient ambtshalve te beoordelen of eisers procesbelang hebben bij een beoordeling van hun tweede beroep. Naar het oordeel van de rechtbank ontbreekt dit procesbelang. Er is door deze rechtbank en zittingsplaats immers al beslist op het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag van eisers. Aangezien de rechtbank niet twee keer kan beslissen op een beroep gericht tegen hetzelfde niet tijdig nemen van een besluit dat hetzelfde doel dient, namelijk het verzoek tot het opleggen van een beslistermijn aan de minister, hebben eisers geen belang bij hun tweede beroep.
5. Ten overvloede merkt de rechtbank op dat eisers geen nieuwe feiten en omstandigheden, dan wel een relevante wijziging van recht aan dit beroep ten grondslag hebben gelegd.
Conclusie
6. Het beroep van eisers tegen het niet tijdig nemen van een besluit is kennelijk niet-ontvankelijk.
7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
8. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van T.H. Bos, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.