Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-11-05
ECLI:NL:RBDHA:2024:18181
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
521 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.19946
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker,
V-nummer: [V-nummer],
(gemachtigde: mr. I. Petkovski),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 20 juni 2023 (het primaire besluit) heeft verweerder eisers aanvraag om
verlening van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd afgewezen.
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het primaire besluit. Daarnaast heeft hij de
voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Bij besluit van 9 april 2024 heeft verweerder op het bezwaar beslist. Verzoeker
heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit (NL24.19235). Op grond van artikel 8:81,
vijfde lid, van de Awb is het verzoek gelijkgesteld met een verzoek hangende dit beroep.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb uitspraak
zonder zitting.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.19235, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan op 5 november 2024 door mr. M.L. Weerkamp, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J. de Winter, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Algemene wet bestuursrecht.