Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-07-30
ECLI:NL:RBDHA:2024:11860
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
744 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummers: NL24.23663 en NL24.23665
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[eisers] , V-nummers: [nummer] en [nummer] , verzoekers
mede namens:
[kind 1]
, geboren op [geboortedatum] , V-nummer [nummer]
[kind 2]
, geboren op [geboortedatum] , V-nummer [nummer]
[kind 3]
, geboren op [geboortedatum] , V-nummer 2943041939
[kind 4]
, geboren op [geboortedatum] , V-nummer [nummer] ,
tezamen: de kinderen
(gemachtigde: mr. H.M.A. Breuls),
en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
(gemachtigde: mr. P. Boelhouwer).
Inleiding
Bij besluiten van 6 juni 2024 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekers hebben tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft de verzoeken, tezamen met de zaken NL24.23662 en NL24.23664, op 10 juli 2024 op zitting behandeld. Verzoekers zijn verschenen, bijgestaan door hun gemachtigde. Als tolk is verschenen B. Epozdemir. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Beoordeling
Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.23662 en NL24.23664, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
Gelet op de uitkomst van de bodemzaak veroordeelt de voorzieningenrechter verweerder wel in de door verzoekers gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 875,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 875,- en een wegingsfactor 1). Omdat aan verzoekers een toevoeging is verleend, moet verweerder de proceskostenvergoeding betalen aan de rechtsbijstandverlener.
Dictum
De voorzieningenrechter:
- wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekers tot een bedrag van € 875,-.
Deze uitspraak is gedaan door mr. D.M. Schuiling, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. L.J. van der Veen, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.