Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2024-01-25
ECLI:NL:RBDHA:2024:1032
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
457 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummers: NL24.1060 en NL24.1062
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[naam verzoeker], verzoeker
V-nummer: [nummer 1]
[naam verzoekster], verzoekster
V-nummer: [nummer 2]
hierna tezamen: verzoekers
(gemachtigde: mr. R.E. Temmen),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Bij besluiten van 10 januari 2024 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van verzoekers niet in behandeling genomen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL24.1059 en NL24.1061, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Dictum
De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. K.M. de Jager, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. R. de Mul, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.