Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2023-11-28
ECLI:NL:RBDHA:2023:21956
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
430 tokens
=== VOLLEDIG ===
RECHTBANK DEN HAAG
Bestuursrecht
zaaknummer: SGR 23/2602 AKW
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 november 2023 in de zaak tussen
[eiser], uit [woonplaats], eiser,
en
de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank, verweerder,
gemachtigde: mr. W. van den Berg.
Zitting hebben:
- mr. N.E.M. de Coninck, rechter,
- mr. S.R. Veili, griffier.
Ter zitting is verschenen de gemachtigde van verweerder.
De rechter heeft de zitting geopend en de zaak inhoudelijk besproken met partijen. Daarna heeft de rechter het onderzoek gesloten en meteen uitspraak gedaan als volgt.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond omdat verweerder gehouden is een onverschuldigd bedrag aan kinderbijslag terug te vorderen. Het beroep van eiser op de dringende reden slaagt niet, eiser heeft niet onderbouwd dat de terugvordering onaanvaardbare financiële gevolgen zou hebben. Voor een vergoeding van kosten door verweerder aan eiser bestaat geen aanleiding.
De rechter heeft erop gewezen dat binnen zes weken na de dag van verzending van het proces-verbaal hoger beroep tegen de uitspraak kan worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep. Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening.
Waarvan proces-verbaal.
griffier rechter
Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op: