Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2023-11-23
ECLI:NL:RBDHA:2023:18373
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
637 tokens
Inleiding
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.32805
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiser,
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. A. Jhingoer),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
(gemachtigde: mr. S. Vreugdehil-Brock).
Procesverloop
Bij besluit van 10 oktober 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder eisers asielaanvraag niet in behandeling genomen, omdat Roemenië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
De rechtbank heeft het beroep op 23 november 2023 op zitting behandeld. Eiser en zijn gemachtigde zijn, met voorafgaand bericht, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.
Overwegingen
1. Eiser heeft asiel aangevraagd in Nederland. Bij bericht van 21 november 2023 heeft verweerder laten weten dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken. De gemachtigde van eiser heeft dit niet weersproken en op dezelfde dag aangegeven geen contact meer te hebben met eiser. Eiser en zijn gemachtigde zijn ook niet verschenen op de zitting.
2. Gelet op vaste jurisprudentie en de reactie van de gemachtigde van eiser neemt de rechtbank aan dat eiser niet langer prijs stelt op de aanvankelijk gezochte internationale bescherming in Nederland. Eiser heeft dan ook geen belang meer bij de inhoudelijke beoordeling van zijn beroep.
3. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 23 november 2023 door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van R. Ben Sellam, griffier, en het proces-verbaal hiervan is openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl
Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.
ABRvS 22 september 2019, ECLI:NL:RVS:2019:579.