Rechtspraak
Rechtbank Den Haag
2022-04-07
ECLI:NL:RBDHA:2022:9977
Civiel recht; Personen- en familierecht
Tussenbeschikking
982 tokens
Inleiding
Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 21-4756
Zaaknummer: C/09/615126
Datum beschikking: 7 april 2022
Beschikking op het op 16 juli 2021 ingekomen verzoekschrift van:
[naam 1] en [naam 2] ,
hierna ook: [naam 1] dan wel [naam 2] , dan wel gezamenlijk: verzoekers of wensouders,
wonende te [woonplaats] ,
advocaat mr. J.H. van der Tol te Amsterdam.
Als belanghebbende is aangemerkt:
de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente [plaats] ,
zetelend te [plaats] ,
hierna te noemen: de ambtenaar.
Procedure
Het verzoekschrift van de wensouders ziet op het door hen afgelegde traject van internationaal draagmoederschap en het hieruit geboren minderjarige kind (in de Basisregistratie Personen geregistreerd als):
- [minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2021, in de Verenigde Staten van Amerika.
De rechtbank heeft in deze procedure de wensouders, de ambtenaar en de Raad voor de Kinderbescherming bij brief van 8 februari 2022 medegedeeld dat zij de behandeling van de verzoeken pro forma heeft aangehouden tot 1 september 2022 in afwachting van de beantwoording van prejudiciële vragen door de Hoge Raad in vergelijkbare bij deze rechtbank aanhangige zaken, bekend onder ECLI:NL:RBDHA:2021:13949 en ECLI:NL:RBDHA:2021:13950.
Bij brief van 21 februari 2022 hebben verzoekers hun verzoek aangevuld. Zij verzoeken nu om hen, naar de rechtbank begrijpt in afwachting van het verdere verloop van deze procedure, tot voogd over [voornaam minderjarige] te benoemen.
De ambtenaar is in het kader van dit verzoek geen belanghebbende, zodat hij niet in de gelegenheid is gesteld op dit verzoek te reageren.
Beoordeling
[voornaam minderjarige] verblijft nu in Nederland bij verzoekers, terwijl verzoekers nog niet worden erkend als ouders van [voornaam minderjarige] . Er is ook nog niet bij (onherroepelijke) einduitspraak beslist dat de kinderen onder gezag staan van (één van) verzoeker(s). In het gezagsregister is geen aantekening betreffende [voornaam minderjarige] opgenomen. Dit maakt dat [voornaam minderjarige] in Nederland verblijft terwijl nog niet is beslist wie het gezag over hem uitoefent en er ook niet op wettige wijze in de voogdij is voorzien. Belangrijke zaken omtrent [voornaam minderjarige] kunnen niet worden geregeld.
In het voorgaande ziet de rechtbank aanleiding om in de voogdij over [voornaam minderjarige] te voorzien. Nu op grond van de in de procedure overgelegde stukken vooralsnog aannemelijk is gemaakt dat verzoekers [voornaam minderjarige] sinds zijn geboorte verzorgen en opvoeden en dat één van de verzoekers de biologische vader is van [voornaam minderjarige] , zullen verzoekers, in afwachting van het verdere verloop van deze procedure, tot voogd over [voornaam minderjarige] worden benoemd. De rechtbank wijst het verzoek van de wensouders ten aanzien van de voogdij dan ook toe.
Dictum
De rechtbank:
*
benoemt [naam 1] , geboren op [geboortedatum 2] 1983 te [geboorteplaats 1] , [geboorteland 2] , en [naam 2] , geboren op [geboortedatum 3] 1985 te [geboorteplaats 2] , [geboorteland 1] , tot voogd over de minderjarige [minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2021, in de Verenigde Staten van Amerika, en verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;
*
houdt deze zaak pro forma aan tot 1 september 2022;
*
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.S.F. de Nijs, rechter, bijgestaan door mr. M.T.E. Krijger-van Huut als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 april 2022.