Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2026-04-20
ECLI:NL:RBAMS:2026:4302
Civiel recht; Personen- en familierecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,555 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBAMS:2026:4302 text/xml public 2026-05-06T16:41:21 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Amsterdam 2026-04-20 C/13/786408 / FA RK 26/3041 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Mondelinge uitspraak Beschikking NL Amsterdam Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:4302 text/html public 2026-05-06T11:56:07 2026-05-06 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBAMS:2026:4302 Rechtbank Amsterdam , 20-04-2026 / C/13/786408 / FA RK 26/3041 VCM toegewezen. Betrokkene verblijft in een separeercel en is gehoord in de ruimte voor de separeercel. beschikking RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd zaaknummer / rekestnummer: C/13/786408 / FA RK 26/3041 kenmerk: VCM/IND/200577 Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel Beschikking van 20 april 2026 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van: [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1999 te [geboorteplaats] (Eritrea), wonende te [woonplaats] , [adres 1] , verblijvende te [verblijfplaats] , [adres 2] , hierna te noemen: betrokkene, advocaat: mr. J.M.J.H. Coumans te Amsterdam-Duivendrecht, zorgaanbieder: Arkin, locatie [locatie] . 1 Procesverloop Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 16 april 2026, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 15 april 2026 opgelegde crisismaatregel. De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 20 april 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder. Ter zitting heeft de rechtbank de volgende personen gehoord: - betrokkene, bijgestaan door een tolk in de taal Tigrinja; - mr. P. Figge, namens mr. J.M.J.H. Coumans, de raadsman van betrokkene; - mw. [persoon 1] , psychiater; - [persoon 2] , verpleegkundige. Betrokkene verblijft in een separeercel en wordt gehoord in de ruimte voor de separeercel. Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen. 2 Beoordeling 2.1. Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in: levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel en de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept. Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van een psychose. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht. 2.2. De rechtbank is van oordeel dat van de zorg die is genoemd in de crisismaatregel, de volgende vormen van zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden: toedienen van vocht en voeding; toedienen van medicatie; het verrichten van medische controles; het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening; beperken van de bewegingsvrijheid; insluiten; uitoefenen van toezicht op betrokkene; onderzoek aan kleding of lichaam; onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen; controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen; aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen; opnemen in een accommodatie. 2.3. De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief . Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. 2.4. De raadsvrouw heeft namens betrokkene verzocht het verzoek af te wijzen omdat betrokkene heeft aangegeven weg te willen en zich te willen wassen in heilig water in zijn land van herkomst. 2.5. Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden. 3 Beslissing De rechtbank: verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1999 te [geboorteplaats] (Eritrea), voor zover het de in rechtsoverweging 2.2 genoemde vormen van verplichte zorg betreft; bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 11 mei 2026; Deze beschikking is op 20 april 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door mr. C.P. Bleeker, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 23 april 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open .
Volledig
ECLI:NL:RBAMS:2026:4302 text/xml public 2026-05-06T16:41:21 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Amsterdam 2026-04-20 C/13/786408 / FA RK 26/3041 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Mondelinge uitspraak Beschikking NL Amsterdam Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:4302 text/html public 2026-05-06T11:56:07 2026-05-06 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBAMS:2026:4302 Rechtbank Amsterdam , 20-04-2026 / C/13/786408 / FA RK 26/3041 VCM toegewezen. Betrokkene verblijft in een separeercel en is gehoord in de ruimte voor de separeercel. beschikking RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd zaaknummer / rekestnummer: C/13/786408 / FA RK 26/3041 kenmerk: VCM/IND/200577 Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel Beschikking van 20 april 2026 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van: [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1999 te [geboorteplaats] (Eritrea), wonende te [woonplaats] , [adres 1] , verblijvende te [verblijfplaats] , [adres 2] , hierna te noemen: betrokkene, advocaat: mr. J.M.J.H. Coumans te Amsterdam-Duivendrecht, zorgaanbieder: Arkin, locatie [locatie] . 1 Procesverloop Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 16 april 2026, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 15 april 2026 opgelegde crisismaatregel. De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 20 april 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder. Ter zitting heeft de rechtbank de volgende personen gehoord: - betrokkene, bijgestaan door een tolk in de taal Tigrinja; - mr. P. Figge, namens mr. J.M.J.H. Coumans, de raadsman van betrokkene; - mw. [persoon 1] , psychiater; - [persoon 2] , verpleegkundige. Betrokkene verblijft in een separeercel en wordt gehoord in de ruimte voor de separeercel. Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen. 2 Beoordeling 2.1. Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in: levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel en de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept. Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van een psychose. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht. 2.2. De rechtbank is van oordeel dat van de zorg die is genoemd in de crisismaatregel, de volgende vormen van zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden: toedienen van vocht en voeding; toedienen van medicatie; het verrichten van medische controles; het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening; beperken van de bewegingsvrijheid; insluiten; uitoefenen van toezicht op betrokkene; onderzoek aan kleding of lichaam; onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen; controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen; aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen; opnemen in een accommodatie. 2.3. De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief . Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. 2.4. De raadsvrouw heeft namens betrokkene verzocht het verzoek af te wijzen omdat betrokkene heeft aangegeven weg te willen en zich te willen wassen in heilig water in zijn land van herkomst. 2.5. Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden. 3 Beslissing De rechtbank: verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1999 te [geboorteplaats] (Eritrea), voor zover het de in rechtsoverweging 2.2 genoemde vormen van verplichte zorg betreft; bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 11 mei 2026; Deze beschikking is op 20 april 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door mr. C.P. Bleeker, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 23 april 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open .