Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2026-04-16
ECLI:NL:RBAMS:2026:4280
Civiel recht; Personen- en familierecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
2,763 tokens
Volledig
ECLI:NL:RBAMS:2026:4280 text/xml public 2026-05-06T15:31:08 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Amsterdam 2026-04-16 C/13/786300 / FA RK 26/2981 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Mondelinge uitspraak Beschikking NL Amsterdam Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:4280 text/html public 2026-05-06T11:12:44 2026-05-06 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBAMS:2026:4280 Rechtbank Amsterdam , 16-04-2026 / C/13/786300 / FA RK 26/2981 VCM toegewezen. Raadsman heeft aangevoerd dat ernstig nadeel meer past in het kader van een ZM dan bij een VCM en heeft verzocht om afwijzing. beschikking RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd zaaknummer / rekestnummer: C/13/786300 / FA RK 26/2981 kenmerk: VCM/IND/200292 Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel Beschikking van 16 april 2026 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van: [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1998 te Bondsrepubliek Duitsland, zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande, verblijvende te [plaats] , [adres] , hierna te noemen: betrokkene, advocaat: mr. A.L. Cohen te Amsterdam, zorgaanbieder: Arkin. 1 Procesverloop Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 14 april 2026, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 13 april 2026 opgelegde crisismaatregel. De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 16 april 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder. Ter zitting heeft de rechtbank de volgende personen gehoord: - betrokkene, bijgestaan door een tolk in de Engelse taal; - de raadsman; - dhr. [persoon 1] , psychiater; - dhr. [persoon 2] , senior co-assistent. Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen. 2 Beoordeling 2.1. Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in: ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat hij/zij onder invloed van een ander raakt. Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van een psychotische stoornis. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht. 2.2. De rechtbank is van oordeel dat van de zorg die is genoemd in de crisismaatregel, de volgende vormen van zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden: toedienen van vocht en voeding; toedienen van medicatie; het verrichten van medische controles; het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening; beperken van de bewegingsvrijheid; insluiten; uitoefenen van toezicht op betrokkene; onderzoek aan kleding of lichaam; onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen; controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen; aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen; beperken van het recht op ontvangen van bezoek; opnemen in een accommodatie. 2.3. De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief . Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. 2.4. De raadsman heeft namens betrokkene verzocht het verzoek af te wijzen. Het ernstig nadeel wat bij betrokkene speelt past meer in het kader van een zorgmachtiging dan in het kader van een voortzetting crisismaatregel. Betrokkene wil graag een bestaan opbouwen en een baan vinden. De psychiater heeft aangegeven dat de opname in het begin vrijwillig was, maar dat hij niet in staat bleek zijn leven op te bouwen. Betrokkene had een goede baan, opleiding en steunsysteem maar is maatschappelijk teloorgegaan. Omdat betrokkene geen postadres heeft in Nederland is het lastig om iets op te bouwen. Hij heeft al een grote schuld en daar zijn zorgen over. 2.5. Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden. 3 Beslissing De rechtbank: verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1998 te Bondsrepubliek Duitsland, voor zover het de in rechtsoverweging 2.2 genoemde vormen van verplichte zorg betreft; bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 7 mei 2026; Deze beschikking is op 16 april 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door mr. E. Dinjens, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 24 april 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open .
Volledig
ECLI:NL:RBAMS:2026:4280 text/xml public 2026-05-06T15:31:08 2026-05-01 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Amsterdam 2026-04-16 C/13/786300 / FA RK 26/2981 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Mondelinge uitspraak Beschikking NL Amsterdam Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:4280 text/html public 2026-05-06T11:12:44 2026-05-06 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBAMS:2026:4280 Rechtbank Amsterdam , 16-04-2026 / C/13/786300 / FA RK 26/2981 VCM toegewezen. Raadsman heeft aangevoerd dat ernstig nadeel meer past in het kader van een ZM dan bij een VCM en heeft verzocht om afwijzing. beschikking RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd zaaknummer / rekestnummer: C/13/786300 / FA RK 26/2981 kenmerk: VCM/IND/200292 Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel Beschikking van 16 april 2026 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van: [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1998 te Bondsrepubliek Duitsland, zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande, verblijvende te [plaats] , [adres] , hierna te noemen: betrokkene, advocaat: mr. A.L. Cohen te Amsterdam, zorgaanbieder: Arkin. 1 Procesverloop Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 14 april 2026, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 13 april 2026 opgelegde crisismaatregel. De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 16 april 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder. Ter zitting heeft de rechtbank de volgende personen gehoord: - betrokkene, bijgestaan door een tolk in de Engelse taal; - de raadsman; - dhr. [persoon 1] , psychiater; - dhr. [persoon 2] , senior co-assistent. Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen. 2 Beoordeling 2.1. Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in: ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat hij/zij onder invloed van een ander raakt. Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van een psychotische stoornis. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht. 2.2. De rechtbank is van oordeel dat van de zorg die is genoemd in de crisismaatregel, de volgende vormen van zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden: toedienen van vocht en voeding; toedienen van medicatie; het verrichten van medische controles; het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening; beperken van de bewegingsvrijheid; insluiten; uitoefenen van toezicht op betrokkene; onderzoek aan kleding of lichaam; onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen; controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen; aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen; beperken van het recht op ontvangen van bezoek; opnemen in een accommodatie. 2.3. De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief . Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. 2.4. De raadsman heeft namens betrokkene verzocht het verzoek af te wijzen. Het ernstig nadeel wat bij betrokkene speelt past meer in het kader van een zorgmachtiging dan in het kader van een voortzetting crisismaatregel. Betrokkene wil graag een bestaan opbouwen en een baan vinden. De psychiater heeft aangegeven dat de opname in het begin vrijwillig was, maar dat hij niet in staat bleek zijn leven op te bouwen. Betrokkene had een goede baan, opleiding en steunsysteem maar is maatschappelijk teloorgegaan. Omdat betrokkene geen postadres heeft in Nederland is het lastig om iets op te bouwen. Hij heeft al een grote schuld en daar zijn zorgen over. 2.5. Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden. 3 Beslissing De rechtbank: verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1998 te Bondsrepubliek Duitsland, voor zover het de in rechtsoverweging 2.2 genoemde vormen van verplichte zorg betreft; bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 7 mei 2026; Deze beschikking is op 16 april 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door mr. E. Dinjens, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 24 april 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open .