Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2026-03-27
ECLI:NL:RBAMS:2026:3100
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,996 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBAMS:2026:3100 text/xml public 2026-04-09T09:55:57 2026-03-26 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Amsterdam 2026-03-27 11854702 \ CV EXPL 25-11665 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Op tegenspraak Tussenuitspraak NL Amsterdam Civiel recht; Verbintenissenrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:3100 text/html public 2026-04-09T09:53:02 2026-04-09 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBAMS:2026:3100 Rechtbank Amsterdam , 27-03-2026 / 11854702 \ CV EXPL 25-11665 Tussenvonnis partijen moeten zich uitlaten of gedaagde, ondernemer in spe, consument is of niet ahv ECLI:EU:C:2025:876 Šiľarský RECHTBANK AMSTERDAM Civiel recht Kantonrechter Zaaknummer: 11854702 \ CV EXPL 25-11665 Vonnis van 27 maart 2026 in de zaak van PROXIMEDIA NEDERLAND B.V. , gevestigd in Utrecht, eiseres, gemachtigde: Nouta Westland, tegen [gedaagde] , wonend in [woonplaats] , gedaagde, procederend in persoon. De kantonrechter noemt partijen hierna Proximedia en [gedaagde] . 1 De zaak in het kort 1.1. Proximedia en [gedaagde] hebben twee overeenkomsten gesloten voor online advertentiediensten voor de websites van [gedaagde] met een looptijd van twee jaar. Proximedia wil dat [gedaagde] de openstaande facturen betaalt en dat zij de resterende 19 betaaltermijnen van de looptijd betaalt. [gedaagde] vindt dat zij niets hoeft te betalen omdat zij de overeenkomsten geannuleerd heeft en Proximedia volgens haar ook niets heeft gedaan. Volgens Proximedia kunnen de overeenkomsten niet worden opgezegd voordat de looptijd afgelopen is. 1.2. De kantonrechter oordeelt voorlopig dat [gedaagde] bij het sluiten van de overeenkomst consument was. In dat geval gelden regels die bedoeld zijn consumenten te beschermen. Toepassing van die regels leidt, zo oordeelt de kantonrechter voorlopig, tot afwijzing van de vordering van Proximedia. Partijen krijgen de gelegenheid om hierover hun mening te geven. De kantonrechter neemt nu dus nog geen eindbeslissing in de zaak. 2 De procedure 2.1. In het dossier zitten: de dagvaarding van 7 augustus 2025 met producties, de conclusie van antwoord met producties, het tussenvonnis van 19 september 2025 waarin de kantonrechter een mondelinge behandeling heeft bepaald, de aanvullende producties 14 tot en met 17 van Proximedia, de aantekeningen van de mondelinge behandeling van 27 februari 2026, de door Proximedia op de mondelinge behandeling overgelegde telefoonnotitie. 3 De vordering van Proximedia 3.1. Proximedia vordert dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt om € 7.464,59 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 1 augustus 2025 over € 5.823,90. De vordering bestaat uit € 5.823,90 aan hoofdsom, € 767,10 aan wettelijke handelsrente en € 873,59 aan buitengerechtelijke incassokosten. Proximedia vordert ook dat de kantonrechter [gedaagde] in de proceskosten veroordeelt. Zij verzoekt de kantonrechter daarbij te bepalen dat zij het vonnis meteen kan uitvoeren, ook als er hoger beroep wordt ingesteld (uitvoerbaar bij voorraad). 3.2. Proximedia stelt dat partijen twee overeenkomsten hebben gesloten waarbij zij hebben afgesproken dat Proximedia tegen betaling diensten verricht voor [gedaagde] . Proximedia wil dat [gedaagde] de gemaakte afspraken nakomt. [gedaagde] heeft niet voldaan aan haar betalingsverplichtingen. Zij heeft een aantal facturen niet betaald en dat moet zij alsnog doen. [gedaagde] is vanaf 8 januari 2024 in verzuim. Verder moet [gedaagde] ook de resterende 19 termijnen betalen omdat de overeenkomst niet tussentijds kan worden opgezegd. Daarnaast moet zij op grond van artikel 7 van de overeenkomsten buitengerechtelijke incassokosten betalen van 15% van € 5.823,90. 4 De beoordeling Partijen mogen reageren 4.1. Proximedia doet een beroep op de overeenkomsten tussen haar en [gedaagde] . Als het hier gaat om een contract tussen een handelaar en een consument moet de kantonrechter de overeenkomsten en de totstandkoming ervan toetsen op een aantal punten. Dat moet ook als partijen, zoals in dit geval, er niet zelf over beginnen (ambtshalve toetsen). Deze controle moet de kantonrechter doen voordat zij ingaat op de inhoudelijke standpunten van partijen. Proximedia en [gedaagde] hebben nog niet goed hun mening kunnen geven over de vraag of [gedaagde] consument was toen zij de overeenkomsten sloot en zo ja welke gevolgen dat voor de vordering van Proximedia heeft. Zij krijgen de gelegenheid om dat te doen voordat de kantonrechter een definitieve beslissing neemt. Hierna legt de kantonrechter alvast uit hoe zij er op dit moment tegen aan kijkt. Voorlopig oordeel: [gedaagde] handelde als consument 4.2. De kantonrechter oordeelt voorlopig dat [gedaagde] als consument heeft gehandeld. Uit de uitspraak van het Europees Hof van Justitie (hierna: EU-hof) van 13 november 2025 volgt dat onder ‘consument’ wordt begrepen iedere natuurlijke persoon die handelt voor doeleinden die buiten zijn bedrijfs- of beroepsactiviteit vallen. Of sprake is van handelen als een consument moet worden beoordeeld naar het moment van het sluiten van de overeenkomst. Het ging in die zaak om de voorgenomen oprichting van een bedrijf, waarvoor juridisch bijstand werd ingeschakeld. Onderdeel van de afweging van het EU-hof om in die zaak te concluderen dat het om een consument ging, was dat niet bleek dat de persoon in kwestie op het moment van het sluiten van de overeenkomst een zelfstandige economische activiteit uitvoerde waar die overeenkomst op zag. Dat het doel van die persoon was om in de toekomst zelfstandige economische activiteiten te gaan uitvoeren, maakte voor die beoordeling volgens het EU-hof niet uit. 4.3. De kantonrechter vindt dat deze redenering ook opgaat voor [gedaagde] . [gedaagde] heeft op de zitting verteld dat zij de overeenkomsten heeft gesloten met de bedoeling dat Proximedia haar webshop zou promoten. Op dat moment stond zij ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, maar had ze nog geen webshop. De webshop is gemaakt door een derde en was eind november/ begin december 2023 af. Proximedia heeft hier niets tegenin gebracht. 4.4. Toen [gedaagde] de overeenkomsten met Proximedia sloot was zij nog niet begonnen met haar webshop. De overeenkomsten zijn dus niet gesloten in het kader van toen al bestaande bedrijfsmatige activiteiten. Daarom beschouwt de kantonrechter [gedaagde] voorlopig als consument. Voorlopig oordeel: [gedaagde] heeft de overeenkomsten rechtsgeldig ontbonden 4.5. [gedaagde] is telefonisch benaderd door Proximedia waarna bij haar thuis een gesprek heeft plaatsgevonden en de overeenkomsten zijn getekend. Omdat de overeenkomsten zijn gesloten bij [gedaagde] thuis, zijn ze gesloten ‘buiten de verkoopruimte’. In dat soort gevallen heeft de consument, [gedaagde] , het recht om overeenkomsten binnen veertien dagen na het sluiten daarvan de overeenkomsten te ontbinden. De handelaar moet de consument daarover informeren. Zolang de handelaar dat niet doet wordt de termijn waarbinnen de consument de ontbinding in kan roepen verlengd tot maximaal 12 maanden. 4.6. De kantonrechter stelt vast dat Proximedia [gedaagde] niet heeft geïnformeerd over haar ontbindingsrecht. [gedaagde] heeft Proximedia op 24 november 2023 (één dag na het sluiten van de overeenkomsten) gebeld en in elk geval gezegd één van de overeenkomsten (de SMA-overeenkomst) te willen annuleren. Ook op 27 februari 2024 (telefonisch) en op 26 maart 2024 (per e-mail) heeft zij Proximedia gemeld dat zij gestopt is met haar bedrijf en dat zij de overeenkomsten wil opzeggen. Deze momenten vallen binnen genoemde twaalf maanden termijn waarmee [gedaagde] beide overeenkomsten dus geldig heeft ontbonden. 4.7. Het voorlopige oordeel van de kantonrechter is daarom dat [gedaagde] als consument de overeenkomsten rechtsgeldig heeft ontbonden. De vordering van Proximedia is dan gebaseerd op niet langer bestaande overeenkomsten en kan niet worden toegewezen. Voorlopig oordeel: ook overtreding andere regels voor consumentenbescherming 4.8.