Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2026-03-17
ECLI:NL:RBAMS:2026:2751
Strafrecht; Internationaal strafrecht
Eerste en enige aanleg
2,011 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBAMS:2026:2751 text/xml public 2026-03-23T15:47:56 2026-03-17 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Amsterdam 2026-03-17 13-001047-26 Uitspraak Eerste en enige aanleg NL Amsterdam Strafrecht; Internationaal strafrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:2751 text/html public 2026-03-23T14:08:59 2026-03-23 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBAMS:2026:2751 Rechtbank Amsterdam , 17-03-2026 / 13-001047-26 Executie EAB uit Polen. De situatie als bedoeld in artikel 12 sub b OLW is van toepassing. Artikel 11 OLW: Verweer dat geen sprake is geweest van een eerlijk proces als gevolg van betrokkenheid van een NEO-KRS aangestelde rechter verwopen. Overlevering toestaan RECHTBANK AMSTERDAM INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER Parketnummer: 13-001047-26 Datum uitspraak: 17 maart 2026 UITSPRAAK op de vordering van 6 januari 2026 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Dit EAB is uitgevaardigd op 16 december 2025 door the Circuit Court of Lublin, Polen, (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van: [opgeëiste persoon] , geboren op [geboortedag] 1985 te [geboorteplaats] (Polen), zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande, nu gedetineerd in [detentieplaats] , hierna ‘de opgeëiste persoon’. 1 Procesgang De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 3 maart 2026, in aanwezigheid van mr. K. van der Schaft, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsvrouw mr. D.S. Altena, advocaat te Utrecht die waarneemt voor haar kantoorgenoot, mr. R. Zilver en door een tolk in de Poolse taal. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met dertig dagen verlengd. Daarnaast heeft de rechtbank voor sluiting van het onderzoek ter zitting de gevangenhouding bevolen. 2 Identiteit van de opgeëiste persoon Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Poolse nationaliteit heeft. 3 Grondslag en inhoud van het EAB Het EAB vermeldt the judgment of the Circuit Court of Lublin of July 8th 2022, reference IV K 135/22. De overlevering wordt verzocht ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf voor de duur van twee jaar en tien maanden, door de opgeëiste persoon te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat. Van deze straf resteren volgens het EAB nog twee jaar, drie maanden en één dag. De vrijheidsstraf is aan de opgeëiste persoon opgelegd bij het hiervoor genoemde vonnis. Dit vonnis betreft de feiten zoals die zijn omschreven in het EAB. 4 Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW Inleiding Uit de van de uitvaardigende justitiële autoriteit ontvangen aanvullende informatie van 12 februari 2026 blijkt dat er tegen de veroordeling van 8 juli 2022 een hoger beroep procedure is geweest resulterend in de beslissing van 1 maart 2023 van the Court of Appeal of Lublin met kenmerk II AKa 368/22. Standpunt van de raadsvrouw De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat (enkel) de beslissing van the Court of Appeal of Lublin met kenmerk II AKa 368/22 aan artikel 12 OLW dient te worden getoetst. De raadsvrouw heeft zich verder op het standpunt gesteld dat er geen sprake is van een situatie zoals bedoeld in artikel 12, onder a of b, OLW. Uit het EAB en de aanvullende informatie blijkt niet dat de opgeëiste persoon bij de behandeling van zijn zaak aanwezig was of dat de opgeëiste persoon een raadsman heeft gemachtigd om zijn verdediging te voeren. Verder blijkt niet dat de opgeëiste persoon ervan op de hoogte was dat er een beslissing kon worden genomen wanneer hij niet op de zitting zou verschijnen. De raadsvrouw heeft de rechtbank verzocht niet af te zien van weigering, omdat onvoldoende duidelijk is of de opgeëiste persoon gebruik heeft kunnen maken van zijn verdedigingsrechten. Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich primair op het standpunt gesteld dat de beslissing in hoger beroep dient te worden getoetst aan artikel 12 OLW en dat de situatie als bedoeld in artikel 12, sub b, OLW van toepassing is. Uit het D-formulier blijkt immers dat een gemachtigde raadsman namens de opgeëiste persoon de verdediging heeft gevoerd. Subsidiair heeft de officier van justitie de rechtbank verzocht af te zien van toepassing van deze weigeringsgrond. Uit het EAB en de aanvullende informatie blijkt dat de opgeëiste persoon op de hoogte was van de procedure tegen hem. Hij was bij de behandeling van zijn zaak in eerste aanleg aanwezig, op de zitting in hoger beroep hebben zijn advocaten medegedeeld dat de opgeëiste persoon van de zitting in hoger beroep op de hoogte was en de oproepingen voor die zitting naar het door de opgeëiste persoon opgegeven adres zijn gestuurd. Oordeel van de rechtbank Als het proces in twee opeenvolgende instanties heeft plaatsgevonden, namelijk een eerste aanleg gevolgd door een procedure in hoger beroep, dan is de laatste van die beslissingen relevant voor de beoordeling of is voldaan aan de vereisten van artikel 4 bis, eerste lid, Kaderbesluit 2002/584/JBZ en artikel 12 OLW, voor zover daartegen geen gewoon rechtsmiddel meer openstaat en daarom de zaak ten gronde definitief is afgedaan. De rechtbank zal daarom de procedure in hoger beroep aan artikel 12 OLW toetsen. De rechtbank stelt vast dat het EAB strekt tot de tenuitvoerlegging van een arrest terwijl de opgeëiste persoon niet in persoon is verschenen bij het proces dat tot die beslissing heeft geleid. De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft bij de aanvullende informatie van 17 februari 2026 een ingevuld onderdeel D) toegezonden die ziet op de procedure in hoger beroep. Daarin is aangekruist dat de opgeëiste persoon op de hoogte was van het voorgenomen proces, een advocaat heeft gemachtigd om zijn verdediging te voeren, en dat deze advocaat tijdens het proces zijn verdediging ook daadwerkelijk heeft gevoerd. Onder punt 2 van onderdeel D) is nader toegelicht dat de opgeëiste persoon op de zitting van 1 maart 2023 is vertegenwoordigd door twee advocaten die hebben medegedeeld dat de opgeëiste persoon van de zittingsdatum op de hoogte was. De rechtbank is daarom van oordeel dat sprake is van de situatie als bedoeld in artikel 12, sub b, OLW. De weigeringsgrond van artikel 12 OLW is derhalve niet van toepassing. 5 Strafbaarheid 5.1 Feit vermeld op bijlage 1 bij de OLW De uitvaardigende justitiële autoriteit wijst feit 1 aan als zogenoemd lijstfeit, dat in Nederland in de lijst van bijlage 1 bij de OLW staat vermeld, te weten: deelneming aan een criminele organisatie. Uit het EAB volgt dat op dit feit naar het recht van Polen een vrijheidsstraf met een maximum van ten minste drie jaren is gesteld. Dit betekent dat een onderzoek naar de dubbele strafbaarheid van dit feit waarvoor de overlevering wordt verzocht, achterwege moet blijven. 5.2 Feiten waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft de feiten 2, 3 en 4 niet aangeduid als feiten waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, indien voldaan wordt aan de eisen die in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, OLW zijn neergelegd. De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan. De feiten leveren naar Nederlands recht op: telkens: opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte niet doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, meermalen gepleegd. 6 Artikel 11 OLW: artikel 47 van het Handvest van de grondrechten van de EU De rechtbank heeft eerder vastgesteld dat, vanwege structurele of fundamentele gebreken in de Poolse rechtsorde, in Polen een algemeen reëel gevaar bestaat van schending van het grondrecht op een eerlijk proces voor een onafhankelijk en onpartijdig gerecht dat vooraf bij wet is ingesteld.