Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2025-05-27
ECLI:NL:RBAMS:2025:3384
Civiel recht; Europees civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,045 tokens
Inleiding
vonnis
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht
zaaknummer: 11221291 CV EXPL 24-9070
vonnis van: 27 mei 2025
fno.: 480
vonnis van de kantonrechter
I n z a k e
Stichting Waternet
gevestigd te Amsterdam
eiseres
nader te noemen: Waternet
gemachtigde: [gemachtigde]
t e g e n
[gedaagde]
wonende te Amsterdam
gedaagde
nader te noemen: [gedaagde]
procederend in persoon bij [naam]
Procesverloop
Bij exploot van dagvaarding van 17 augustus 2023 heeft Waternet gevorderd dat gedaagde partij zal worden veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 942,02 met nevenvordering(en), één en ander zoals in de dagvaarding nader omschreven.
[gedaagde] heeft geen uitstel verzocht en evenmin uiterlijk op de in de dagvaarding vermelde terechtzitting geantwoord. Tegen [gedaagde] is verstek verleend.
Op 17 oktober 2024 is een tussenvonnis gewezen waarin Waternet haar stelling dat de overeenkomst op 11 oktober 2022 digitaal is afgesloten nader toe te lichten en met stukken te onderbouwen. Dit vonnis diende ook aan [gedaagde] te worden toegestuurd met de mogelijkheid hierop te reageren.
Op de rolzitting van 16 januari 2025 heeft Waternet een akte wijziging van de gronden van de eis overgelegd, welke akte bij exploot aan [gedaagde] is betekend.
[gedaagde] is op de rolzitting van 16 januari 2025 verschenen bij [naam] , waarmee het verstek is gezuiverd. Er is een mondeling antwoord opgenomen, waarna de procedure op tegenspraak is voorgezet.
Waternet heeft vervolgens een conclusie van repliek ingediend, waarop [gedaagde] , na hiertoe in de gelegenheid te zijn gesteld, niet meer heeft gereageerd.
De zaak staat thans weer voor vonnis.
Gronden van de beslissing
Eisende partij vordert betaling van € 910,33 aan hoofdsom, vermeerderd met rente en kosten. Waternet stelt bij dagvaarding - kort gezegd - dat zij met [gedaagde] online een overeenkomst tot levering van drinkwater heeft gesloten ten behoeve van het adres [adres] . Dit diende Waternet bij akte nader te motiveren.
Waternet heeft in voornoemde akte wijziging van gronden van eis gesteld dat gebleken is dat er toch geen online overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen. Waternet heeft de gegevens van [gedaagde] van een zogenaamde slaperslijst gehaald. Een slaperslijst is een lijst met natuurlijke personen die zich op een adres hebben ingeschreven bij de [gemeente] , maar geen overeenkomst tot levering van drinkwater hebben afgesloten bij Waternet. Waternet voert die gegevens zelf in haar systeem in en stuurt vervolgens een aanmeldingsbrief zoals bij dagvaarding overgelegd en in het tussenvonnis omschreven.
Namens [gedaagde] is [naam] op de rolzitting verschenen die heeft verklaard dat de overeenkomst met Waternet op voornoemd verbruikadres op zijn naam staat. Dat is afgelopen december 2024 gebeurt toen hij contact met Waternet heeft gehad. De volledige vordering is ook al betaald voordat de dagvaarding werd uitgebracht, waarvan betalingsbewijzen zijn overgelegd.
Bij repliek heeft Waternet erkend dat er op 8 juli 2024 al een betaling is ontvangen voor de openstaande facturen, die in onderhavige procedure werden gevorderd. [gedaagde] had dus niet gedagvaard hoeven te worden.
Nu uit vorenstaande blijkt dat de hoofdsom al voor dagvaarding volledig is betaald, zal de vordering worden afgewezen en zal Waternet worden veroordeeld in de proceskosten, welke aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op nihil.
Dictum
De kantonrechter:
wijst de vorderingen af;
veroordeelt Waternet in de kosten, tot heden aan de zijde van [gedaagde] begroot op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. E. Pennink, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 27 mei 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.