Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2025-05-21
ECLI:NL:RBAMS:2025:3314
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Eerste aanleg - enkelvoudig
810 tokens
Inleiding
RECHTBANK Amsterdam
Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel
Zaaknummer: C/13/768382 / KG ZA 25-320 EAM/MAH
Vonnis in kort geding van 21 mei 2025
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
R-TOWN B.V.,
gevestigd te Utrecht,
eiseres bij dagvaarding van 1 mei 2025,
advocaat: mr. Th.C. Visser te Rotterdam,
tegen
HEN DIE VERBLIJVEN IN DE ONROERENDE ZAAK OF EEN GEDEELTE DAARVAN AAN HET ADRES [adres],
gedaagden,
niet verschenen.
Procesverloop
Op de zitting van 20 mei 2025 heeft eiseres de - aan dit vonnis gehechte - dagvaarding toegelicht en verzocht vonnis te wijzen. Vonnis is bepaald op vandaag.
Beoordeling
2.1.
Bij de dagvaarding zijn de bij de wet voorgeschreven formaliteiten in acht genomen, zodat het gevraagde verstek zal worden verleend.
2.2.
Het gevorderde komt niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal worden toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
2.3.
Gedaagden zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De gevorderde wettelijke rente wordt eveneens toegewezen.
Dictum
De voorzieningenrechter
3.1.
verleent verstek tegen de niet verschenen gedaagden,
3.2.
veroordeelt gedaagden om binnen drie dagen na betekening van dit vonnis het pand aan de [adres] te ontruimen en te verlaten met al de hunnen en het hunne en het pand leeg aan eiseres ter vrije beschikking te stellen;
3.3.
bepaalt dat deze veroordeling, op de voet van artikel 557a lid 3 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, bij herkraak tot een jaar na de dag waarop dit vonnis wordt uitgesproken ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die ten tijde van de tenuitvoerlegging zich in het pand bevindt of daar binnentreedt en telkens wanneer zich dat voordoet,
3.4.
veroordeelt gedaagden hoofdelijk in de proceskosten van eiseres, die worden begroot op:
- € 119,40 aan dagvaardingskosten
- € 714,00 aan griffierecht
- € 715,00 aan salaris advocaat
- € 131,00 aan nakosten,
te vermeerderen met de kosten gemaakt voor de in artikel 61 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering voorgeschreven advertentie,
en vermeerderd met de wettelijke rente over al deze kosten indien gedaagden deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving hebben voldaan,
3.5.
veroordeelt gedaagden - indien het vonnis wordt betekend - hoofdelijk in de nakosten van € 68,00 en de kosten van betekening,
3.6.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
3.7.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. E.A. Messer, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. M.A.H. Verburgh, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 21 mei 2025.
Type: MAH
Coll: BB