Rechtspraak Rechtbank Amsterdam 2025-11-06
ECLI:NL:RBAMS:2025:10874
vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling Publiekrecht Teams Strafrecht Parketnummer: 81/270266-23 Datum uitspraak: 6 november 2025 Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige economische kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen: [verdachte] , gevestigd op het adres [adres] ( hierna: verdachte of [verdachte] ) 1 Het onderzoek ter terechtzitting Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 9 oktober 2025 en 23 oktober 2025. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. J.S. de Weijer en van wat [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , (middellijk) bestuurders van [verdachte] , en hun raadsman mr. J. Keekstra naar voren hebben gebracht. De rechtbank heeft de zaak tegen verdachte gelijktijdig – maar niet gevoegd – behandeld met de zaken tegen medeverdachten [bedrijf 1] (81/101577-22) [bedrijf 2] (81/270294-23), [medeverdachte 1] (81/269467-23), [medeverdachte 2] (81/269726-23) en [medeverdachte 3] (81/311201-23). De rechtbank doet gelijktijdig uitspraak in deze zaken. 2 Inleiding Verdachte is, net als [bedrijf 1] , een onderneming die zich richt op het kweken van de vlinderorchidee (Phalaenopsis), een potplant. Bij het kweekproces kan sprake zijn de vorming van potworm. Deze is schadelijk voor het kweekproces. Ter bestrijding daarvan heeft de onderneming het gewasbeschermingsmiddel Vydate 10g gebruikt. Dat was op dat moment een toegelaten middel, maar er golden wel gebruiksvoorschriften. Verdachte wordt verweten het middel in strijd met de voorschriften te hebben gebruikt. 3 Tenlastelegging Aan verdachte is - na wijziging op de zitting - ten laste gelegd dat zij in of omstreeks de periode van 1 september 2020 tot en met 16 september 2022 te [plaats] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, al dan niet opzettelijk meermalen heeft gehandeld in strijd met artikel 55 van de verordening (EG) 1107/2009, immers heeft zij Vydate 10G, althans een gewasbeschermingsmiddel niet op juiste wijze gebruikt door Vydate 10G te mengen met bulgur en dat na het oppotten van de orchideeën aan de bark toe te voegen en/of over de planten(potten) te verstrooien. 4 Geldigheid van de dagvaarding 4.1. Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft bepleit dat de dagvaarding nietig moet worden verklaard omdat onvoldoende duidelijk is tegen welke beschuldiging verdachte zich moet verdedigen. Het verweten onjuiste gebruik van Vydate 10G - in de tenlastelegging omschreven als: ‘niet op de juiste wijze gebruikt’ - is namelijk niet nader verfeitelijkt in de tenlastelegging. Daardoor is het verdachte niet duidelijk waarin dit onjuiste gebruik volgens de tenlastelegging concreet zou zijn gelegen. 4.2. Het standpunt van het Openbaar Ministerie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de tenlastelegging moet worden gezien in onderlinge samenhang met het dossier. Uit het dossier en de afgelegde verklaringen van verdachten blijkt onmiskenbaar dat zij precies weten over welke gedragingen het gaat. De verdenkingen zijn vanaf het eerste verhoor voorgehouden en uit de gevoerde inhoudelijke verweren valt op de maken dat duidelijk is wat hen wordt verweten. Tot slot heeft de officier van justitie onder verwijzing naar artikel 47 van de Wet op de economische delicten gesteld dat verfeitelijking in het geval van een economisch delict niet noodzakelijk is. 4.3. Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat de omschrijving van het tenlastegelegde voldoet aan de eisen van artikel 261 van het Wetboek van Strafvordering. In de tekst is opgenomen waaruit het niet op juiste wijze gebruiken van Vydate 10G bestaat, namelijk door het middel te mengen met bulgur en dat na het oppotten van de orchideeën aan de bark toe te voegen en/of over de planten(potten) te verstrooien. De omschrijving van het feit is dan ook, mede bezien tegen de achtergrond van het dossier, voldoende duidelijk en feitelijk. De rechtbank [medeverdachte 3] heeft verklaard dat deze werkwijze niet volgens het gebruiksvoorschrift van Vydate is. Aangezien [medeverdachte 3] heeft verklaard dat hij het mengsel van Vydate en bulgur wekelijks over een nieuwe batch jonge plantjes strooide, stelt de rechtbank vast dat het feit meermalen is gepleegd. Het verweer dat geen sprake was van opzet op het handelen in strijd met artikel 55 van de Verordening wordt verworpen. [medeverdachte 3] , die verantwoordelijk was voor de toepassing van bestrijdingsmiddelen binnen de onderneming, wist dat hij niet volgens het gebruiksvoorschrift van Vydate handelde. Bij hem was er dus sprake van vol opzet. De directie van verdachte wist hoe [medeverdachte 3] het middel gebruikte. Bij verdachte was er daarom tenminste sprake van kleurloos opzet. Medeplegen De rechtbank is van oordeel dat bij het plegen van het feit sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en de medeverdachten [bedrijf 1] en [medeverdachte 3] , waardoor sprake is van medeplegen. [medeverdachte 3] heeft verklaard dat hij de Vydate met bulgur mengde op de locatie van [verdachte] . [medeverdachte 1] heeft eveneens verklaard dat het mengen op voornoemde locatie gebeurde. Verder volgt uit de verklaringen van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] dat op zowel de locatie van [verdachte] als op de locatie van [bedrijf 1] Vydate gemengd met bulgur over de planten werd gestrooid. Op de locatie van [bedrijf 1] deed alleen [medeverdachte 3] dat en bij [verdachte] werd het ook door [naam] (hierna: [naam] ) gedaan. Verder werden de planten volgens [medeverdachte 1] heen en weer gereden tussen de beide kwekerijen. Gelet op voornoemde werkwijze werden de beiden vennootschappen feitelijk niet uit elkaar gehouden. Pleegperiode Ten aanzien van de pleegperiode heeft de raadsman zich op het standpunt gesteld dat het gebruik van Vydate eind 2021 al was gestaakt. Uit de verklaringen van verdachten volgt dat zij vanaf januari 2022 klamboes toepasten ter bestrijding van de potworm. De rechtbank is van oordeel dat is bewezen dat tot en met de dag van de inval op 16 september 2022 Vydate gemengd met bulgur over de planten werd gestrooid. [medeverdachte 1] heeft op de dag van de inval verklaard dat ze nu ter bestrijding van de potworm telen onder klamboes en dat ze Vydate daardoor niet meer nodig hebben. Verder heeft hij verklaard dat ze een jaar in de netten-teelt zitten en de potworm goed onder controle hebben en dat dus Vydate helemaal uitgefaseerd kan worden. Voorts heeft hij verklaard dat ze eerst nog wat wantrouwig waren en ze nog wel Vydate gebruikten om te corrigeren of als extra bescherming, maar dat ze er nu van overtuigd zijn dat ze volledig zonder het gebruik van Vydate kunnen. Verder is volgens [medeverdachte 1] op de locatie van [verdachte] nog vrij recent Vydate gebruikt. [medeverdachte 3] heeft verklaard dat op de locatie van [bedrijf 1] is gestopt met het gebruik van Vydate net voor de inval op 16 september 2022. Over [verdachte] heeft [medeverdachte 3] op 26 september 2022 verklaard dat het daar nu nog incidenteel wordt gebruikt. Bij een paar tafels is het gaas eraf gehaald, de zieke planten eruit gehaald en is er gelijk nog even overheen gestrooid. Hij voegde daaraan toe “Ik denk dat je dat gezien hebt van wat je zegt van dat ding ziet er best wel vies uit”. Vermoedelijk bedoelde [medeverdachte 3] hiermee de aangetroffen mixer. Bij de doorzoeking op 16 september 2022 werd bij [verdachte] een Hikoki mixer aangetroffen en een verstrooier. De opstelling stond midden in de ruimte van de kas. Verder stonden er emmers en witte mengtonnen. In de mengtonnen zaten resten van een mengsel dat sterk leek op Vydate met bulgur. Van de boorkop van de mixer en van de resten in de emmer zijn monsters genomen. In de monsters is Oxamyl aangetroffen, de werkzame stof van Vydate. In de kas waarin diverse jonge planten werden geteeld stond op een pad in de kas een granulaatstrooier. In de granulaatstrooier zaten korrels, vermoedeli Van het ontbreken van de materiële wederrechtelijkheid kan sprake zijn als door de handelwijze van verdachte het met de overtreden strafbepaling nagestreefde doel wordt bereikt of daardoor een hoger belang wordt gediend, of wanneer bepaald gedrag naar algemeen aanvaarde professionele of maatschappelijke normen toelaatbaar is. Dat hiervan sprake zou zijn is door verdachte onvoldoende onderbouwd. Niet is gebleken dat de toepassingswijze die verdachte heeft gehanteerd naar de huidige stand van de wetenschap tot hetzelfde of een hoger niveau van bescherming van de gezondheid van de mens zou leiden. Het had op de weg van verdachte gelegen het standpunt nader te onderbouwen. De rechtbank verwerpt het verweer. Het bewezen geachte feit is volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden. 8 De strafbaarheid van verdachte Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar. 9 De motivering van de straf 9.1. De eis van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor het door hem bewezen geachte feit zal worden veroordeeld tot een geldboete van € 20.000,-. 9.2. Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft verzocht om - als er een straf wordt opgelegd - rekening te houden met overschrijding van de redelijke termijn, de buitenproportionele inzet van (bijzondere) opsporingsbevoegdheden en de voor verdachte nadelige gevolgen van het opsporingsonderzoek, zoals het verlies van klanten en orders. Hij heeft verzocht een geheel voorwaardelijke geldboete op te leggen. 9.3. Het oordeel van de rechtbank De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en voorts met de aard en de hoedanigheid van de verdachte als rechtspersoon en haar draagkracht. Ernst van het feit Verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt het niet volgen van gebruiksvoorschriften bij het toepassen van een zeer giftig gewasbeschermingsmiddel bij de productie van vlinderorchideeën. Zij heeft wekelijks gedurende een periode van ruim twee jaar het middel gemengd met bulgur en over de jonge opgepotte vlinderorchideeën gestrooid, terwijl het middel volgens het gebruiksvoorschrift uitsluitend voor het oppotten door de potgrond gemengd mag worden. Voor het gebruik van dit soort middelen gelden voor professionele gebruikers strenge normen en strikte gebruiksvoorschriften. De gebruiksvoorschriften zorgen voor een veilige en effectieve toepassing waarbij de belasting voor mens, dier en milieu wordt geminimaliseerd. Daarbij geldt dat als er (op grote schaal) wordt afgeweken van gebruiksvoorschriften en het middel naar eigen inzicht wordt gebruikt in strijd met die voorschriften, het (relatief) veilig gebruik onder druk komt te staan. De rechtbank heeft gekeken naar de omstandigheden van de onderneming. Ter zitting is verklaard dat de onderneming door de inval klanten is kwijtgeraakt, maar dat het financieel wel goed gaat met de onderneming. Daarnaast heeft de rechtbank de indruk gekregen dat de onderneming bewust omgaat met het milieu en de effecten van de onderneming daarop. De officier van justitie heeft er ook op gewezen dat verdachte het bewezenverklaarde feit heeft gepleegd omdat zij bezig was om een manier te vinden om de potworm te bestrijden met een zo gering mogelijke impact. De rechtbank zal dat in het voordeel van verdachte meewegen bij de bepaling van de straf. Ook weegt de rechtbank enigszins strafmatigend mee dat ook andere kwekers in hun zoektocht naar een effectieve bestrijding van de potworm Vydate op deze wijze gebruikten, maar dat het Openbaar Ministerie ervoor gekozen heeft om alleen verdachte (en zijn mededaders) aan te pakken, omdat zij de grootste afnemers van bulgur leken te zijn. Uit de justitiële documentatie (strafblad) van verdachte van 8 september 2025 blijkt dat zij niet eerder voor een strafbaar feit is v