Rechtspraak
Rechtbank Amsterdam
2023-08-22
ECLI:NL:RBAMS:2023:5766
Strafrecht; Europees strafrecht
Eerste en enige aanleg
888 tokens
Inleiding
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
Parketnummer: 13/165604-23
Datum uitspraak: 22 augustus 2023
UITSPRAAK
op de vordering op grond van artikel 23 Overleveringswet (OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank. Deze vordering dateert van 6 juli 2023 en betreft onder meer het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).
Dit EAB is uitgevaardigd op 27 februari 2018 door the Regional Court III Criminal Division in Jelenia Góra (Polen) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[opgeëiste persoon]
geboren in [geboorteplaats] (Polen) op [geboortedag] 1981,
ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:
[adres].
hierna te noemen de opgeëiste persoon.
1Procesgang
Zitting 19 juli 2023
De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden in aanwezigheid van mr. W.H.R. Hogewind, officier van justitie. De opgeëiste persoon is met voorafgaande kennisgeving niet ter zitting verschenen. Hij werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde raadsman, mr. R. Malewicz, advocaat in Amsterdam. De rechtbank heeft besloten de behandeling van de zaak aan te houden tot de zitting van 22 augustus 2023 om de verdediging in de gelegenheid te stellen zich voor te bereiden op het nieuwe EAB dat twee oudere EAB’s vervangt.
Zitting 22 augustus 2023
De behandeling van het EAB is voortgezet en heeft plaatsgevonden in aanwezigheid van
mr. W.H.R. Hogewind, officier van justitie. De opgeëiste persoon en zijn raadsman,
mr. R. Malewicz zijn met voorafgaande kennisgeving niet ter zitting van de rechtbank verschenen.
2Identiteit van de opgeëiste persoon
De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht en vastgesteld dat de bovenvermelde personalia juist zijn en dat de opgeëiste persoon de Poolse nationaliteit heeft.
3. Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de rechtbank het openbaar ministerie niet ontvankelijk dient te verklaren in de vordering tot het in behandeling nemen van het EAB nu de Poolse autoriteiten het EAB hebben ingetrokken.
De rechtbank volgt de officier van justitie in bovengenoemd standpunt.
Dictum
VERKLAART het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in zijn vordering tot het in behandeling nemen van het EAB.
STELT VAST dat de (geschorste) overleveringsdetentie is geëindigd.
Deze uitspraak is gedaan door
mr. M. van Mourik, voorzitter,
mrs. B. van Galen en L. Sanders, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. H.L. van Loon, griffier,
en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 22 augustus 2023.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.