Rechtspraak
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
2024-06-04
ECLI:NL:OGEAC:2024:233
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,202 tokens
Inleiding
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
Zaaknummer: CUR202400037
Beschikking van 4 juni 2024
Op het verzoek van:
[De vrouw],
wonend in [woonplaats],
verzoekster, hierna: de vrouw,
procederend in persoon,
tegen
[De man],
zonder bekende woon- of verblijfplaats in [woonplaats],
verweerder, hierna: de man,
niet verschenen.
1Het verdere procesverloop
1.1.
Het procesverloop blijkt uit:
- het verzoekschrift met producties, ingediend op 4 januari 2024 ter griffie.
1.2.
Op 21 mei 2024 heeft de mondelinge rolbehandeling plaatsgevonden.
1.3.
De man is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.
1.4.
De vrouw is in persoon verschenen.
1.5.
De uitspraak is bepaald op heden.
2De vaststaande feiten
2.1.
De man is in [geboorteplaats] geboren op [geboortedatum] 1986. De vrouw is in [geboorteplaats] geboren op [geboortedatum] 1978. De vrouw heeft de Nederlandse nationaliteit. De man heeft de Cubaanse nationaliteit.
2.2.
Partijen zijn op 30 augustus 2023 te Havana, Cuba met elkaar gehuwd. Partijen hebben voorafgaand aan het huwelijk huwelijkse voorwaarde opgemaakt.
2.3.
Uit het huwelijk van partijen zijn kinderen geboren.
2.4.
Het huwelijk van de man en de vrouw is opgenomen in de Basisadministratie Persoonsgegevens Curaçao.
3Het verzoek
3.1.
De vrouw verzoekt het gerecht om het huwelijk van partijen nietig te verklaren. Desgevraagd heeft de vrouw uitdrukkelijk bevestigd dat zij de nietigverklaring van het huwelijk verzoekt, en niet de echtscheiding.
3.2.
De vrouw licht het verzoek als volgt toe. Zij heeft gedwaald ten aanzien van de intenties van de man. Enkele maanden na de huwelijksvoltrekking heeft de man aan haar verklaard dat hij met haar was getrouwd met geen ander doel dan om redenen van verblijfsrechtelijke aard en dat hij nooit verliefd is geweest op haar. Direct nadat de man een zogenoemde green card voor de Verenigde Staten heeft ontvangen, heeft hij de vrouw en Curaçao verlaten. De vrouw voelt zich door de man misleid en gebruikt.
4Het verweer
De man heeft geen verweer gevoerd.
Beoordeling
5.1.
De vrouw beroept zich op artikel 1: 71 lid 2 Burgerlijk Wetboek (BW). Daarin is bepaald dat de echtgenoot, die bij de huwelijksvoltrekking heeft gedwaald hetzij in de persoon van de andere echtgenoot, hetzij omtrent de betekenis van de door hem afgelegde verklaring, de nietigheid van het huwelijk kan verzoeken.
5.2.
Wat betreft de voormeld artikel bedoelde dwaling in de persoon moet worden gedacht aan het geval, dat een persoon denkt te trouwen met A, maar trouwt met B. Het gaat om de dwaling omtrent de identiteit van de echtgenoot, niet die omtrent de kwaliteit van de echtgenoot. Wat betreft de tweede in artikel 1: 71 lid 2 BW genoemde vorm, te weten dwaling omtrent de betekenis van de door de echtgenoot afgelegde verklaring, moet gedacht worden aan het geval, dat iemand die de desbetreffende taal niet machtig is, bedrieglijk tot een huwelijksvoltrekking zou worden gebracht (vergelijk de uitspraak van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van 14 april 2022, ECLI:NL:OGHACMB:2022:81).
5.3.
De vrouw heeft niet gesteld dat zij heeft gedwaald omtrent de identiteit van de man noch dat zij niet begreep dat zij met de man een huwelijk is aangegaan.
Op zichzelf heeft de vrouw onweersproken gesteld dat de man middels het aangaan van een huwelijk met de vrouw een visum wilde regelen. Dit levert echter geen dwaling op in de zin van artikel 1: 71 lid 2 BW. Gelet hierop, zal het gerecht het verzoek van de vrouw tot nietigverklaring van het huwelijk van partijen dan ook als ongegrond afwijzen.
5.4.
De proceskosten zullen vanwege het familierechtelijke karakter van de procedure worden gecompenseerd.
Dictum
Het gerecht:
6.1.
wijst het verzoek van de vrouw tot nietigverklaring van het huwelijk van partijen af;
6.2.
compenseert de proceskosten aldus dat ieder der partijen zijn eigen kosten draagt.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.E.B de Haseth, rechter, bijgestaan door
R.G.V. Scope, griffier, en op 4 juni 2024 in het openbaar uitgesproken.