Rechtspraak 2017-11-28
ECLI:NL:OGEAA:2017:953
Beschikking van 28 november 2017 Behorend bij E.J. no. 1271 van 2017 / AUA201701169 GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA BESCHIKKING in de zaak van: [naam verzoeker], wonende in Aruba, verzoeker, hierna ook te noemen: [verzoeker], gemachtigde: de advocaat mr. G.L. Griffith, tegen: de naamloze vennootschap MUNDO NOBO SUPERMARKET N.V., gevestigd in Aruba, verweerster, hierna ook te noemen: Mundo Nobo, gemachtigde: de advocaat mr. P.A.J. van der Biezen. 1 DE PROCEDURE 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: -het verzoekschrift, met producties; -het verweerschrift; -de aantekeningen van de griffier van de mondelinge behandeling van de zaak gehouden ter terechtzitting van 17 oktober 2017. 1.2 Uit die aantekeningen blijkt dat [verzoeker] ter zitting is verschenen samen met zijn gemachtigde, en dat Mundo Nobo is verschenen bij haar gemachtigde, die werd vergezeld door dhr. [naam X] (manager bij Mundo Nobo). [verzoeker] heeft gebruik gemaakt van de aan hem geboden gelegenheid om bij wijze van repliek te reageren op het verweerschrift, en dat onder overlegging van een pleitnota voorzien van toegelaten nadere producties. Mundo Nobo heeft vervolgens gebruik gemaakt van de aan haar geboden gelegenheid om bij wijze van dupliek te reageren op die reactie van [verzoeker]. 1.3 Beschikking is bepaald op heden. 2 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN 2.1 Naast verlof tot kosteloos procederen vordert [verzoeker] dat het Gerecht bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren beschikking: a. voor recht verklaart dat Mundo Nobo [verzoeker] op onregelmatige wijze heeft ontslagen; b. voor recht verklaart dat het door Mundo Nobo aan [verzoeker] gegeven ontslag kennelijk onredelijk is; c. Mundo Nobo veroordeelt om aan [verzoeker] te betalen Afl. 24.460,07 ten titel van (i) niet in acht genomen wettelijke opzegtermijn, (ii) billijkheidsvergoeding uit kennelijk onredelijk ontslag en (iii) cessantia, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 31 december 2016; d. Mundo Nobo veroordeelt om aan [verzoeker] te betalen zijn achterstallig loon, te vermeerderen met de wettelijke verhoging; e. te dezen enige andere juist voorkomende beslissing neemt; f. Mundo Nobo veroordeelt in de proceskosten. 2.2 Mundo Nobo voert verweer en concludeert tot afwijzing van het door [verzoeker] verzochte, althans tot toewijzing van minder dan dat, kosten rechtens (subsidiair onder compensatie van de proceskosten). 2.3 Voor zover van belang voor de beslissing worden de vorderingen van partijen hierna besproken. 3 DE BEOORDELING 3.1 Vast staat tussen partijen dat [verzoeker] op 2 december 2008 krachtens een daartoe tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst in loondienst is getreden van Mundo Nobo, en dat hij laatstelijk werkzaam was als slager tegen een bruto maandloon van Afl. 1.678,--. Het bij partijen genoegzaam bekende rapport van de Directie Arbeid (hierna: het rapport) - waarin met betrokkene wordt bedoeld [verzoeker] en met werkgever Mundo Nobo - vermeldt onder meer: “ (…). Verklaring werkgever Tevens verklaarde de werkgever dat betrokkene aan het eind van december 2016 ontslagen is. (…). ”. 3.2 In het licht van vorenstaande en in dat van het gegeven dat Mundo Nobo de inhoud van het rapport niet heeft bestreden, heeft Mundo Nobo de stelling van [verzoeker] - dat hij door Mundo Nobo per eind december 2016 (het Gerecht begrijpt per 31 december 2016) is ontslagen onvoldoende onderbouwd bestreden. Vast komt daarom te staan dat Mundo Nobo [verzoeker] per 31 december 2016 heeft ontslagen, terwijl aannemelijk wordt geoordeeld dat Mundo Nobo [verzoeker] dat ontslag heeft aangezegd op 30 november 2016. Van een ontslag op staande voet is derhalve geen sprake. Dit klemt temeer omdat verder vast staat dat [verzoeker] gedurende de maand december 2016 heeft gewerkt voor Mundo Nobo en dat Mundo Nobo het salaris van [verzoeker] over die maand heeft betaald aan [verzoeker]. 3.3 Vast staat dat [verzoeker] berust in het aan hem gegeven ontslag, dat is gegeven door Mundo Nobo zonder de daarto