Rechtspraak
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
2015-12-09
ECLI:NL:OGEAA:2015:565
Civiel recht
Eerste aanleg - enkelvoudig
1,320 tokens
Inleiding
Vonnis van 9 december 2015
Behorend bij A.R. 2185 van 2014
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
E*.,
te Aruba,
hierna ook te noemen: ,
gemachtigde: de advocaat mr. N.S. Gravenstijn,
tegen:
G*,
te Aruba,
hierna ook te noemen: ,
gemachtigde: de advocaat mr. A.J. Swaen.
Procesverloop
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift;
- de conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek;
- de conclusie van dupliek.
De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.
Het gerecht merkt op dat, in zoverre Gedaagde heeft bedoeld in de conclusie van dupliek een reconventionele vordering aanhangig te maken dat afstuit op het bepaalde in artikel 185 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
2DE VASTSTAANDE FEITEN
2.1
Partijen zijn ex-echtelieden. Zij zijn meermaals met elkaar gehuwd en weer gescheiden.
2.2
Partijen zijn eerst op 23 juli 1971 gehuwd zonder voorafgaand huwelijkse voorwaarden te zijn overeengekomen. Partijen zijn op 17 januari 1992 gescheiden. Bij akte van 26 januari 1993 hebben partijen de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap gedeeltelijk verdeeld en wel in die zin dat – kort gezegd – de woning wordt toegedeeld aan Eiseres.
2.3
Partijen zijn op 25 augustus 2004 voor de tweede keer in het huwelijk getreden. Dit maal onder het maken van huwelijkse voorwaarden houdende – kort gezegd – koude uitsluiting. Op 11 juni 2013 is het huwelijk door echtscheiding ontbonden.
3DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
3.1
Eiseres vordert – uitvoerbaar bij voorraad – verdeling of verrekening van het door Gedaagde gedurende het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen en betaling van het haar toekomende deel en toebedeling van de op de woning van Eiseres rustende hypothecaire schuld aan Gedaagde, alsmede verdeling van de rest van de gemeenschap en te bepalen dat dit vonnis in der plaats treedt van eventueel noodzakelijke akten en betaling dat dit vonnis in de registers kan worden ingeschreven.
3.2
Eiseres grondt de vordering erop dat de gemeenschap nog niet geheel is verdeeld.
3.3
Gedaagde voert hiertegen verweer, met vordering tot veroordeling van Eiseres in de proceskosten.
Beoordeling
4.1
Het gerecht zal een comparitie bevelen om inlichtingen over de zaak in te winnen en om te onderzoeken of partijen het op een of meer punten met elkaar eens kunnen worden.
4.2
Het gerecht wijst erop dat hij op grond van art. 177 lid 3 Rv, uit de afgelegde verklaringen, uit het niet-verschijnen, uit een weigering om te antwoorden, dan wel uit een weigering om boeken, bescheiden, andere gegevensdragers of voorwerpen over te leggen zonder dat een gewichtige reden die weigering rechtvaardigt, de gevolgtrekking kan maken, die hij geraden acht.
4.3
De partij die zich ter comparitie op bescheiden wil beroepen, dient die stukken (niet zijnde pleitnota’s, want die worden - óók ter zitting - niet toegelaten), in afwijking van het bepaalde in artikel 9 Procesreglement, uiterlijk één week vóór de comparitie in fotokopie aan zijn wederpartij en aan de griffier van het gerecht over te leggen.
4.4
De partij die is verhinderd om op de hierna te bepalen datum en tijdstip te verschijnen, dient, in afwijking van het bepaalde in artikel 10 Procesreglement, binnen veertien dagen na het wijzen van dit vonnis per brief aan de rechter ten overstaan van wie zal worden gecompareerd onder opgave van redenen een verzoek om uitstel in te dienen. Bij het verzoek om uitstel dienen tevens de verhinderdata te worden opgegeven van alle partijen en hun gemachtigden gedurende de drie maanden na onderstaande dagbepaling. Indien niet binnen veertien dagen na het wijzen van dit vonnis om uitstel is verzocht, zal nog slechts uitstel worden verleend in geval van overmacht. In dat geval moet de partij die wegens overmacht is verhinderd te verschijnen, onmiddellijk na het intreden van die overmacht per brief aan ondergetekende rechter een verzoek om uitstel doen.
4.5
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.
Dictum
De rechter in dit gerecht:
beveelt een verschijning van partijen (comparitie), bijgestaan door hun gemachtigden, voor het geven van inlichtingen en om te bespreken of het geschil op een andere manier kan worden opgelost dan door voort te procederen, op de terechtzitting van mr. W.J. Noordhuizen in het gerechtsgebouw aan de J.G. Emanstraat 51 te Oranjestad, Aruba op vrijdag 15 januari 2016 om 15:30 uur tot (circa) 16:30 uur.
bepaalt dat de partijen dan in persoon aanwezig moeten zijn,
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 9 december 2015 in aanwezigheid van de griffier.