Rechtspraak
Hoge Raad
2026-05-22
ECLI:NL:HR:2026:792
Civiel recht
Artikel 81 RO-zaken
1,361 tokens
Volledig
ECLI:NL:HR:2026:792 text/xml public 2026-05-23T00:01:16 2026-05-21 Raad voor de Rechtspraak nl Hoge Raad 2026-05-22 25/02214 Uitspraak Artikel 81 RO-zaken Cassatie NL Civiel recht Conclusie: ECLI:NL:PHR:2026:255 In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2025:1554 Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2026:792 text/html public 2026-05-22T08:35:17 2026-05-22 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:HR:2026:792 Hoge Raad , 22-05-2026 / 25/02214 Art. 81 lid 1 RO. Vermogensrecht. Eigendomsverkrijging door verjaring? HOGE RAAD DER NEDERLANDEN CIVIELE KAMER Nummer 25/02214 Datum 22 mei 2026 ARREST In de zaak van 1. [eiser 1], wonende te [woonplaats], 2. [eiseres 2], wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, hierna gezamenlijk: [eisers], advocaat: M.W. van der Heijden, tegen GEMEENTE WIERDEN, zetelende te Wierden, VERWEERSTER in cassatie, hierna: de Gemeente, advocaat: R.T. Wiegerink. 1 Procesverloop Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar: a. de vonnissen in de zaak C/08/283964/ HA ZA 22-261 van de rechtbank Overijssel van 21 september 2022 en 8 februari 2023; b. de arresten in de zaak 200.326.719 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 25 juli 2023 en 18 maart 2025. [eisers] hebben tegen het arrest van het hof van 18 maart 2025 beroep in cassatie ingesteld. De Gemeente heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend. De zaak is voor de Gemeente toegelicht door haar advocaat. De conclusie van de Advocaat-Generaal S.E. Bartels strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd. 2 Beoordeling van het middel De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3 Beslissing De Hoge Raad: - verwerpt het beroep; - veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op € 905,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eisers] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan. Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 22 mei 2026 .
Volledig
ECLI:NL:HR:2026:792 text/xml public 2026-05-23T00:01:16 2026-05-21 Raad voor de Rechtspraak nl Hoge Raad 2026-05-22 25/02214 Uitspraak Artikel 81 RO-zaken Cassatie NL Civiel recht Conclusie: ECLI:NL:PHR:2026:255 In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2025:1554 Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2026:792 text/html public 2026-05-22T08:35:17 2026-05-22 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:HR:2026:792 Hoge Raad , 22-05-2026 / 25/02214 Art. 81 lid 1 RO. Vermogensrecht. Eigendomsverkrijging door verjaring? HOGE RAAD DER NEDERLANDEN CIVIELE KAMER Nummer 25/02214 Datum 22 mei 2026 ARREST In de zaak van 1. [eiser 1], wonende te [woonplaats], 2. [eiseres 2], wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, hierna gezamenlijk: [eisers], advocaat: M.W. van der Heijden, tegen GEMEENTE WIERDEN, zetelende te Wierden, VERWEERSTER in cassatie, hierna: de Gemeente, advocaat: R.T. Wiegerink. 1 Procesverloop Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar: a. de vonnissen in de zaak C/08/283964/ HA ZA 22-261 van de rechtbank Overijssel van 21 september 2022 en 8 februari 2023; b. de arresten in de zaak 200.326.719 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 25 juli 2023 en 18 maart 2025. [eisers] hebben tegen het arrest van het hof van 18 maart 2025 beroep in cassatie ingesteld. De Gemeente heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend. De zaak is voor de Gemeente toegelicht door haar advocaat. De conclusie van de Advocaat-Generaal S.E. Bartels strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd. 2 Beoordeling van het middel De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3 Beslissing De Hoge Raad: - verwerpt het beroep; - veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op € 905,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eisers] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan. Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 22 mei 2026 .