Rechtspraak
Hoge Raad
2025-12-16
ECLI:NL:HR:2025:1935
Strafrecht
Cassatie
1,383 tokens
Inleiding
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/01690
Datum 16 december 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 24 april 2024, nummer 21-003403-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976,
hierna: de verdachte.
Procesverloop
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten N. van Schaik en H. Brentjes bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
Beoordeling
2.1
De cassatiemiddelen klagen over (de motivering van) het bewezenverklaarde.
2.2
De cassatiemiddelen leiden niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.
Dictum
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 december 2025.
Volledig
ECLI:NL:HR:2025:1935 text/xml public 2026-02-06T10:07:42 2025-12-15 Raad voor de Rechtspraak nl Hoge Raad 2025-12-16 24/01690 Uitspraak Cassatie NL Strafrecht In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2024:2811 Conclusie: ECLI:NL:PHR:2025:1218 Rechtspraak.nl SR-Updates.nl 2025-0397 RvdW 2026/168 http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2025:1935 text/html public 2025-12-15T17:16:43 2025-12-16 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:HR:2025:1935 Hoge Raad , 16-12-2025 / 24/01690 Medeplegen diefstal met geweld (art. 312.2.2 Sr) en medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving (art. 282.1 Sr). Vrijspraak in eerste aanleg t.z.v. diefstal met geweld. Bewijsklachten medeplegen. HR: Om redenen vermeld in CAG leiden middelen niet tot cassatie. CAG: Oordeel hof dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan medeplegen van feiten is niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd, gelet op vaststellingen van hof over rol van verdachte in voorbereiding en uitvoering van feiten. Volgt verwerping. Samenhang met 24/01650 en 24/01752. HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/01690 Datum 16 december 2025 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 24 april 2024, nummer 21-003403-21, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976, hierna: de verdachte. 1 Procesverloop in cassatie Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten N. van Schaik en H. Brentjes bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. 2 Beoordeling van de cassatiemiddelen 2.1 De cassatiemiddelen klagen over (de motivering van) het bewezenverklaarde. 2.2 De cassatiemiddelen leiden niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal. 3 Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 december 2025 .
Volledig
ECLI:NL:HR:2025:1935 text/xml public 2026-02-06T10:07:42 2025-12-15 Raad voor de Rechtspraak nl Hoge Raad 2025-12-16 24/01690 Uitspraak Cassatie NL Strafrecht In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2024:2811 Conclusie: ECLI:NL:PHR:2025:1218 Rechtspraak.nl SR-Updates.nl 2025-0397 RvdW 2026/168 http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2025:1935 text/html public 2025-12-15T17:16:43 2025-12-16 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:HR:2025:1935 Hoge Raad , 16-12-2025 / 24/01690 Medeplegen diefstal met geweld (art. 312.2.2 Sr) en medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving (art. 282.1 Sr). Vrijspraak in eerste aanleg t.z.v. diefstal met geweld. Bewijsklachten medeplegen. HR: Om redenen vermeld in CAG leiden middelen niet tot cassatie. CAG: Oordeel hof dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan medeplegen van feiten is niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd, gelet op vaststellingen van hof over rol van verdachte in voorbereiding en uitvoering van feiten. Volgt verwerping. Samenhang met 24/01650 en 24/01752. HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 24/01690 Datum 16 december 2025 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 24 april 2024, nummer 21-003403-21, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1976, hierna: de verdachte. 1 Procesverloop in cassatie Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten N. van Schaik en H. Brentjes bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. 2 Beoordeling van de cassatiemiddelen 2.1 De cassatiemiddelen klagen over (de motivering van) het bewezenverklaarde. 2.2 De cassatiemiddelen leiden niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal. 3 Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 december 2025 .