Rechtspraak
Hoge Raad
2025-02-04
ECLI:NL:HR:2025:173
Strafrecht
Cassatie
862 tokens
Inleiding
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/03154 Br
Datum 4 februari 2025
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Midden-Nederland van 24 juni 2024, nummer RK 24/007869, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 5.4.10 in verbinding met artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend
door
[klager] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1999,
hierna: de klager.
Procesverloop
Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar de rechtbank Midden-Nederland opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Beoordeling
2.1
Het cassatiemiddel keert zich tegen de niet-ontvankelijkverklaring door de rechtbank van het beklag van de klager wegens overschrijding van de termijn.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.
Dictum
De Hoge Raad:
- vernietigt de beschikking van de rechtbank;
- wijst de zaak terug naar de rechtbank Midden-Nederland, opdat de zaak opnieuw wordt behandeld en afgedaan.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 februari 2025.
Inleiding
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/03154 Br
Datum 4 februari 2025
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Midden-Nederland van 24 juni 2024, nummer RK 24/007869, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 5.4.10 in verbinding met artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend
door
[klager] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1999,
hierna: de klager.
Procesverloop
Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar de rechtbank Midden-Nederland opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Beoordeling
2.1
Het cassatiemiddel keert zich tegen de niet-ontvankelijkverklaring door de rechtbank van het beklag van de klager wegens overschrijding van de termijn.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.
Dictum
De Hoge Raad:
- vernietigt de beschikking van de rechtbank;
- wijst de zaak terug naar de rechtbank Midden-Nederland, opdat de zaak opnieuw wordt behandeld en afgedaan.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 februari 2025.