Rechtspraak Hoge Raad 1994-07-06
ECLI:NL:HR:1994:AA3084
Bestuursrecht
gewezen op het beroep in cassatie van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid X B.V. te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 30 juni 1993 betreffende na te melden aan haar opgelegde aanslag tot naheffing van kapitaalsbelasting. 1. Naheffingsaanslag, bezwaar en geding voor het Hof Aan belanghebbende is ter zake van het bijeenbrengen van in aandelen verdeeld kapitaal een naheffingsaanslag opgelegd in de kapitaalsbelasting ten bedrage van ƒ 112.365,56, zonder verhoging, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur is gehandhaafd. Belanghebbende is van de uitspraak van de Inspecteur in beroep gekomen bij het Hof, dat deze uitspraak heeft bevestigd. 2. Geding in cassatie Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld en daarbij twee middelen van cassatie voorgedragen. De Staatssecretaris van Financiën heeft een vertoogschrift ingediend. 5. Proceskosten De Hoge Raad zal met het oog op een eventuele veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingen belanghebbende in de gelegenheid stellen zich uit te laten als hierna bepaald. Dit arrest is gewezen door de vice-president Stoffer als voorzitter, en de raadsheren Urlings, Zuurmond, Herrmann en Fleers, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier Den Ouden, in raadkamer van 6 juli 1994.