Rechtspraak Hoge Raad 1992-10-09
ECLI:NL:HR:1992:ZC0708
9 oktober 1992 Eerste Kamer Nrs. 14.672 tot en met 14.675 EB/AS Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaken van: DE GEMEENTE MAASSLUIS, waarvan de zetel is gevestigd te Maassluis, EISERES tot cassatie, advocaten: Mr. P.J.L.J. Duijsens en Mr. E. Grabandt, tegen PAKWONINGEN B.V. (voorheen EUROWONINGEN B. V. ), gevestigd te Rotterdam, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: Mr. J.L. de Wijkerslooth. 1. De gedingen in feitelijke instanties Verweerster in cassatie - verder te noemen Pakwoningen - is bij incidentele vonnissen van de Rechtbank te Rotterdam toegelaten eiseres tot cassatie - verder te noemen Maassluis - en de Gemeente Rotterdam - verder te noemen Rotterdam - in vrijwaring op te roepen. Bij exploiten van 30 september 1987 (zaken nrs. 14.672 - 14.674) respektievelijk 4 maart 1987 (zaak nr. 14.675) heeft Pakwoningen vervolgens Maassluis en Rotterdam gedagvaard voor die Rechtbank en in elk van die dagvaardingen gevorderd Maassluis en Rotterdam hoofdelijk te veroordelen al datgene te doen en/of te betalen waartoe Pakwoningen als gedaagde in de hoofdzaak jegens de eisers in de hoofdzaak mocht worden veroordeeld. Hierna worden de eisers in de betrokken hoofdzaken gezamenlijk aangeduid als de bewoners. Nadat Maassluis en Rotterdam tegen de vorderingen verweer hadden gevoerd, heeft de Rechtbank bij vonnissen van 15 juli 1988 in de zaken nrs. 14.672, 14.673 en 14.675 Maassluis veroordeeld aan Pakwoningen te betalen wat Pakwoningen aan de bewoners zal moeten betalen nadat de schade is opgemaakt, en de beslissing met betrekking tot de vorderingen tegen Rotterdam aangehouden. In de zaak nr. 14.674 heeft de Rechtbank de vorderingen afgewezen. Tegen de vonnissen in de zaken nrs. 14.672, 14.673 en 14.675 heeft Maassluis, en tegen het vonnis in de zaak nr. 14.674 heeft Pakwoningen hoger beroep ingesteld bij het Gerechtshof te 's-Gravenhage. Bij arresten van 6 december 1990 in de zaken nrs. 14.672, 14.673 en 14.675 heeft het Hof de bestreden vonnissen bekrachtigd. In de zaak nr. 14.674 heeft het Hof bij arrest van 6 december 1990 het bestreden vonnis, voor zover tussen Pakwoningen en Maassluis gewezen, vernietigd en Maassluis veroordeeld om aan Pakwoningen al datgene te betalen wat Pakwoningen in de hoofdzaak verschuldigd zal blijken te zijn. De arresten van het Hof zijn aan dit arrest gehecht. 2. Het geding in cassatie Tegen de arresten van het Hof heeft Maassluis beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaardingen zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit. Pakwoningen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal Mok strekt tot verwerping van de cassatieberoepen. De Hoge Raad heeft de zaken gevoegd. 3. De beoordeling van het middel 3.1 In cassatie moet van het volgende worden uitgegaan. Maassluis heeft een door Rotterdam met verontreinigd havenslib opgespoten stuk grond in […] als bouwgrond met een bouwverplichting verkocht aan Pakwoningen. Pakwoningen heeft gedeelten van die grond verkocht aan de bewoners, die tezelfdertijd met Pakwoningen een aannemingsovereenkomst sloten voor op de grond te bouwen opstallen. De door Pakwoningen aan de bewoners verkochte percelen zijn door middel van zogenaamde ABC-akten rechtstreeks door Maassluis aan de bewoners geleverd; zij zijn vervolgens door Pakwoningen bebouwd. De grond onder en bij die percelen, alsmede de omgeving daarvan, blijkt verontreinigd te zijn onder meer met bestrijdingsmiddelen als aldrin en teladrin, zware metalen, arseen, reinigingsmiddelen en olie. De bewoners hebben op 23 augustus 1983 een brief van het Openbaar Lichaam Rijnmond ontvangen met de mededeling dat de grond onder hun huizen verontreinigd was. De Dienst Centraal Milieubeheer Rijnmond heeft onderzoeken verricht naar de aard en de omvang van de verontreiniging. Deze onderzoeken leidden tot de conclusie dat er sprake was van een voor bodemsanering in aanmerking komende verontreiniging. De Rijksoverheid heeft be