Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
2025-04-17
ECLI:NL:GHSHE:2025:1643
Strafrecht
Hoger beroep
10,878 tokens
Inleiding
Parketnummer : 20-001135-24
Uitspraak : 17 april 2025
TEGENSPRAAK
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, van 23 april 2024, in de strafzaak met parketnummer 03-120407-23 tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1976,
wonende te [adres] .
Hoger beroep
Bij vonnis waarvan beroep is de verdachte ter zake van ‘poging tot verkrachting’ (feit 1 primair) vrijgesproken. Ter zake van ‘feitelijke aanranding van de eerbaarheid’ (feit 1 subsidiair) en ‘mishandeling’ (feit 2), beide feiten in eendaadse samenloop begaan, is de verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twaalf maanden, waarvan vier maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren.
Namens de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal vernietigen en opnieuw rechtdoende, zal bewezen verklaren hetgeen aan de verdachte is tenlastegelegd onder feit 1 primair en feit 2, beide feiten in eendaadse samenloop begaan, en de verdachte daarvoor zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden.
De verdediging heeft primair integrale vrijspraak bepleit van alle twee de tenlastegelegde feiten. Subsidiair is partiële vrijspraak bepleit van het onder feit 2 tenlastegelegde, namelijk voor wat betreft het laatste gedachtestreepje “- die [slachtoffer] bij de hals/keel vast te pakken en/of te houden en/of (met kracht) op de hals/keel van die [slachtoffer] te drukken”.
Vonnis waarvan beroep
Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd omdat het hof tot een andere bewezenverklaring komt dan de rechtbank.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:
1. primair hij op of omstreeks 2 november 2022 in de gemeente Venlo, in elk geval in Nederland,
ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid [slachtoffer] te dwingen tot het ondergaan van een of meer handeling(en) die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] , meermalen, althans eenmaal, (telkens)
- terwijl die [slachtoffer] op een bank lag te slapen, die [slachtoffer] (onverhoeds) bij de enkels en/of de benen heeft vastgepakt en/of vastgehouden en/of (met kracht) van die bank af en/of op/naar de grond/vloer heeft getrokken en/of die [slachtoffer] (terwijl zij met haar rug op de grond/vloer lag) over de grond/vloer naar zijn, verdachtes, slaapkamer heeft getrokken en/of gesleept en/of
- doende is geweest die [slachtoffer] op zijn, verdachtes, bed te trekken en/of te leggen en/of
- terwijl die [slachtoffer] op haar rug op de grond/vloer lag, (met een van zijn, verdachtes, knieën) op (de buik van) die [slachtoffer] is gaan en/of blijven zitten, waardoor die [slachtoffer] door hem, verdachte, werd belet daarheen te gaan waar zij wilde gaan en/of
- ( met kracht) aan de legging van die [slachtoffer] heeft getrokken en/of de legging van die [slachtoffer] (gedeeltelijk) naar beneden en/of uit en/of kapot heeft getrokken en/of gescheurd en/of
- die [slachtoffer] een of meer vuistslag(en) in het gezicht heeft gegeven, althans die [slachtoffer] meermalen, althans eenmaal, (telkens) (met kracht) in het gezicht, althans op/tegen het hoofd heeft geslagen en/of gestompt en/of die [slachtoffer] op/tegen de ribben en/of de borstkas, althans op/tegen het (boven)lichaam, heeft geslagen en/of gestompt en/of
- toen die [slachtoffer] probeerde hem, verdachte, met haar handen weg te duwen en/of begon te schreeuwen, (met kracht) in een of meer vinger(s) en/of de hand van die [slachtoffer] heeft gebeten en/of zijn, verdachtes, hand op de keel/hals van die [slachtoffer] heeft gelegd en/of gehouden en/of (met kracht) in/op de keel/hals van die [slachtoffer] heeft geknepen en/of gedrukt en/of
- aan die [slachtoffer] heeft toegevoegd (de) woorden (van de strekking): "Wacht maar even want ik laat je zien hoe ik met jou lol kan maken en dat jij seksueel niet zoveel voorstelt." en/of tegen die [slachtoffer] heeft gezegd dat zij lol gingen maken en/of dat als zij zich niet zou overgeven, hij, verdachte, haar zou verkrachten en/of
- ( vervolgens) een of meer van zijn, verdachtes, vinger(s) (gedeeltelijk) in de onderbroek van die [slachtoffer] heeft gebracht en/of doende is geweest een of meer van zijn, verdachtes, vinger(s) in de onderbroek van die [slachtoffer] te brengen en/of
- doende is geweest zijn, verdachtes, broek en/of onderbroek (gedeeltelijk) uit en/of naar beneden te trekken,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
1.
Dictum
Elk bewijsmiddel wordt - ook in zijn onderdelen - slechts gebruikt tot bewijs van dat bewezenverklaarde feit, of die bewezenverklaarde feiten, waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.
De raadsvrouw van de verdachte heeft zich – op de gronden als weergegeven in de ter terechtzitting in hoger beroep overgelegde pleitnota – primair op het standpunt gesteld dat de verdachte integraal moet worden vrijgesproken van het hem onder feit 1 primair en subsidiair en feit 2 tenlastegelegde wegens het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs.
Daartoe is – in de kern – het volgende aangevoerd. De verklaring van aangeefster is niet consistent en kan daarom niet betrouwbaar worden geacht. Daarnaast is niet voldaan aan het bewijsminimum van artikel 342, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Er bevinden zich in het dossier geen bewijsmiddelen die voldoende steun geven aan de verklaring van aangeefster. Bovendien komen alle bewijsmiddelen uit dezelfde bron.
Subsidiair is vrijspraak bepleit van het onder feit 1 primair en subsidiair tenlastegelegde en is partiële vrijspraak bepleit van het onder feit 2 tenlastegelegde, namelijk voor wat betreft het laatste gedachtestreepje (bij de hals/keel vastpakken/-houden en/of (met kracht) op de hals/keel drukken) omdat, zo stelt de raadsvrouw, zich dienaangaande geen bewijs in het dossier bevindt, naast de verklaring van aangeefster.
Het hof overweegt dienaangaande als volgt.
Het juridisch kader
Deze zaak betreft een zogenoemde zedenzaak. Deze zaken kenmerken zich doorgaans
door het feit dat in de regel slechts twee personen aanwezig zijn bij de beweerde seksuele handelingen, namelijk de aangever en de verdachte. Veelal staat de beschuldigende verklaring van de aangever tegenover de ontkennende verklaring van de verdachte. Rechtstreekse getuigen van de gebeurtenissen zijn er vaak niet. Wanneer de verdachte de seksuele handelingen ontkent, is er maar één getuige van de relevante handelingen,
namelijk de aangever zelf.
Volgens het tweede lid van artikel 342 van het Wetboek van Strafvordering – dat de tenlastelegging in haar geheel betreft en niet een onderdeel daarvan – kan het bewijs dat de verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan, door de rechter niet uitsluitend worden aangenomen op de verklaring van één getuige. Deze bepaling strekt ter waarborging van de deugdelijkheid van de bewijsbeslissing, in die zin dat zij de rechter verbiedt tot een bewezenverklaring te komen ingeval de door één getuige gereleveerde feiten en omstandigheden op zichzelf staan en onvoldoende steun vinden in ander bewijsmateriaal. De vraag of aan het bewijsminimum van artikel 342, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering is voldaan, laat zich niet in algemene zin beantwoorden, maar vergt een beoordeling van het concrete geval (vgl. HR 13 juli 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM2452 en HR 5 september 2023, ECLI:NL:HR:2023:1152).
Wat betreft het bewijs in zedenzaken is niet vereist dat de gedraging zelf steun vindt in ander bewijsmateriaal, mits de verklaring van de aangever maar op specifieke punten bevestiging vindt in het overige bewijsmateriaal en tussen de verklaring van de aangever en het overige bewijsmateriaal niet een te ver verwijderd verband bestaat. Afweging en beoordeling daaromtrent dienen plaats te vinden op basis van de concrete feiten en omstandigheden van het voorliggende geval.
Het hof dient in voormeld verband te beoordelen of de verklaringen van aangeefster [slachtoffer] betrouwbaar zijn. Indien die verklaringen betrouwbaar worden geacht zal het hof daarnaast moeten beoordelen of voor de beweringen van [slachtoffer] voldoende (steun)bewijs in het procesdossier aanwezig is. Deze twee te beantwoorden vragen zijn overigens niet geheel van elkaar te onderscheiden, omdat het oordeel over de betrouwbaarheid vaak – en zo ook in deze zaak – mede berust op het aanwezige steunbewijs. De juistheid van de kern van de tenlastelegging moet – met andere woorden – niet alleen uit de (betrouwbaar bevonden) gebezigde verklaringen van [slachtoffer] volgen, maar ook uit ander bewijsmateriaal dat bovendien afkomstig moet zijn uit een andere bron.
Betrouwbaarheid van de verklaringen van aangeefster
Aangeefster [slachtoffer] heeft tijdens een gesprek op het politiebureau op 4 november 2022, dus kort na het incident op de avond van 2 november 2022, en in haar uitgebreide aangifte op
14 november 2022 belastende verklaringen afgelegd over de verdachte. Anders dan de verdediging acht het hof de voor het bewijs gebruikte verklaringen van aangeefster betrouwbaar. De verdediging heeft aangevoerd dat aangeefster wisselend heeft verklaard over de kleding die ze tijdens het incident aan had, over waar die kleding is gebleven en over wat er op de vloer lag waar de verdachte haar overheen zou hebben gesleept. Wat daar ook van zij, het hof stelt vast dat de verklaringen van aangeefster bij de politie, kort na het incident, en in haar aangifte waar het gaat om de kern van de haar aangedane gedragingen, gedetailleerd zijn en op de belangrijke onderdelen met elkaar overeenstemmen en in zoverre consistent zijn. De door de verdediging aangevoerde inconsistenties in de verklaringen van aangeefster maken naar het oordeel van het hof aldus niet dat haar gehele verklaringen als onbetrouwbaar terzijde behoren te worden gesteld.
De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep als verweer aangevoerd dat sprake zou zijn van het moedwillig afleggen van een valse verklaring door aangeefster omdat ze uit zou zijn op zijn geld. Deze door de verdachte geschetste gang van zaken is door hem onvoldoende nader onderbouwd. Ook in het dossier zijn geen aanwijzingen te vinden die steun bieden aan de verklaring van de verdachte. Het hof schuift de door de verdachte gegeven alternatieve verklaring voor het handelen van aangeefster dan ook als onaannemelijk terzijde.
Gelet op het vorenstaande acht het hof de verklaringen van aangeefster betrouwbaar.
Steunbewijs
Naar het oordeel van het hof vinden de verklaringen van aangeefster [slachtoffer] voldoende steun in andere bewijsmiddelen.
Deze verklaringen worden op wezenlijke onderdelen ondersteund door de (getuigen)verklaringen van [getuige 1] , [getuige 2] en [getuige 3] . Hoewel hun verklaringen grotendeels rechtstreeks te herleiden zijn naar [slachtoffer] als bron, neemt dat – gelet op de overeenstemming tussen die verklaringen en de verklaring van [slachtoffer] – naar het oordeel van het hof niet weg dat deze verklaringen de belastende verklaring van [slachtoffer] ondersteunen en in zoverre de betrouwbaarheid van haar verklaring ondersteunen. Daarbij neemt het hof in het bijzonder in aanmerking dat de getuigen [getuige 2] en [getuige 3] uit eigen waarneming hebben verklaard over de emotionele toestand van [slachtoffer] toen zij vertelde over wat haar was overkomen.
Daarnaast hebben verbalisanten letsel bij [slachtoffer] vastgesteld dat, in het bijzonder wat betreft de locaties en aard van het letsel, past bij haar verklaringen. Datzelfde geldt voor het letsel dat door een forensisch geneeskundige is vastgesteld. Het letsel was op het moment dat het werd vastgesteld twee tot drie dagen oud, hetgeen, mede gelet op de aard ervan, aansluit bij het ontstaansmoment van het letsel dat door [slachtoffer] in haar verklaringen wordt genoemd.
Het beschreven letsel is tevens waarneembaar op de foto’s op pagina 21 e.v. en pagina 39 e.v. van het politiedossier.
Het voorgaande leidt ertoe dat het hof van oordeel is dat de verklaringen van aangeefster in voldoende mate worden ondersteund door andere bewijsmiddelen.
Meer in het bijzonder overweegt het hof nog het volgende.
Conclusie
Het hof verwerpt mitsdien de tot vrijspraak strekkende verweren van de verdediging in al hun onderdelen.
Resumerend acht het hof, op grond van hetgeen hiervoor is overwogen en de gebezigde bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang bezien, wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder feit 1 primair en feit 2 tenlastegelegde in eendaadse samenloop heeft begaan, op de wijze zoals in de bewezenverklaring is vermeld.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het onder feit 1 primair en feit 2 bewezenverklaarde wordt als volgt gekwalificeerd:
de eendaadse samenloop van
feit 1 primair:
poging tot verkrachting
en
feit 2:
mishandeling.
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezenverklaarde uitsluiten. De feiten zijn strafbaar.
Strafbaarheid van de verdachte
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluiten. De verdachte is daarom strafbaar voor het hiervoor bewezenverklaarde.
Op te leggen straf
Het hof heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen. Daarnaast is gelet op de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komende in de hierop gestelde wettelijke strafmaxima en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd.
Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan (de eendaadse samenloop van) een poging tot verkrachting en mishandeling. De verdachte heeft zijn eigen lustgevoelens laten prevaleren boven de gevoelens en belangen van het slachtoffer. De wil van het slachtoffer heeft hij volledig ondergeschikt gemaakt aan zijn eigen doel, te weten bevrediging van zijn seksuele lusten. Het bewezenverklaarde levert zeer ernstige feiten op. Het slachtoffer heeft het handelen van de verdachte als heel beangstigend en bedreigend ervaren. De verdachte heeft haar belaagd, terwijl zij lag te slapen op een bank in de woonkamer van de woning waar zij beiden verbleven. Door het plegen van deze feiten heeft de verdachte op brutale en grove wijze inbreuk gemaakt op de lichamelijke en psychische integriteit van het slachtoffer. Dit klemt des te meer nu een woning bij uitstek de plaats is waar mensen zich veilig voelen en ook behoren te voelen. Als algemeen bekend mag worden verondersteld dat slachtoffers van dergelijke delicten veelal nog langdurige nadelige, psychische gevolgen daarvan ondervinden. Bovendien heeft de verdachte door zijn handelen veel letsel aan het slachtoffer toegebracht. Het hof neemt dit alles de verdachte zeer kwalijk.
Het hof heeft acht geslagen op de inhoud van het uittreksel uit de Justitiële Documentatie d.d. 13 januari 2025, betrekking hebbende op het justitieel verleden van de verdachte, waaruit blijkt dat hij eerder onherroepelijk voor strafbare feiten is veroordeeld.
Verder heeft het hof gelet op de overige persoonlijke omstandigheden van de verdachte, voor zover daarvan ter terechtzitting in hoger beroep is gebleken.
In het kader van de straftoemeting heeft het hof gelet op de oriëntatiepunten voor straftoemeting van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS). Zij gaan als vertrekpunt voor de op te leggen straf bij (poging tot) verkrachting uit van een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf.
Het hof is van oordeel dat gelet op de aard en ernst van het bewezenverklaarde, de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd en in verband met een juiste normhandhaving, niet kan worden volstaan met het opleggen van een andersoortige of lichtere sanctie dan een straf die onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming met zich brengt.
Het hof acht, alles afwegende, de door de advocaat-generaal gevorderde straf passend en geboden. Het hof zal de verdachte dienovereenkomstig veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
Dictum
Het hof:
vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 primair en 2 tenlastegelegde heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;
verklaart het onder 1 primair en 2 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar;
veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 (vierentwintig) maanden.
Aldus gewezen door:
mr. O.A.J.M. Lavrijssen, voorzitter,
mr. A.J. Henzen en mr. dr. D.V.E.M. van der Wiel-Rammeloo, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. C.J.G. Streutjes, griffier,
en op 17 april 2025 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Inleiding
subsidiairhij op of omstreeks 2 november 2022 te Venlo, in elk geval in Nederland, door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid, te weten het meermalen, althans eenmaal, (telkens)
- terwijl die [slachtoffer] op een bank lag te slapen, (onverhoeds) bij de enkels en/of de benen vastpakken en/of vasthouden van die [slachtoffer] en/of (met kracht) van die bank af en/of op/naar de grond/vloer trekken van die [slachtoffer] en/of (terwijl die [slachtoffer] met haar rug op de grond/vloer lag) over de grond/vloer naar zijn, verdachtes, slaapkamer trekken en/of slepen van die [slachtoffer] en/of
- doende zijn die [slachtoffer] op zijn, verdachtes, bed te trekken en/of te leggen en/of
- terwijl die [slachtoffer] op haar rug op de grond/vloer lag, (met een van zijn, verdachtes, knieën) op (de buik van) die [slachtoffer] gaan en/of blijven zitten, waardoor die [slachtoffer] door hem, verdachte, werd belet daarheen te gaan waar zij wilde gaan en/of
- ( gedeeltelijk) kapot en/of stuk trekken van de legging van die [slachtoffer] en/of (gedeeltelijk) naar beneden en/of uittrekken van de legging van die [slachtoffer] en/of
- geven van een of meer vuistslag(en) in het gezicht van die [slachtoffer] , althans (met kracht) slaan en/of stompen in het gezicht, althans op/tegen het hoofd van die [slachtoffer] en/of (met kracht) slaan en/of stompen op/tegen de ribben en/of de borstkas, althans op/tegen het (boven)lichaam, van die [slachtoffer] en/of
- toen die [slachtoffer] probeerde hem, verdachte, met haar handen weg te duwen en/of begon te schreeuwen, (met kracht) bijten in een of meer vinger(s) en/of een hand van die [slachtoffer] en/of leggen en/of houden van zijn, verdachtes, hand op de keel/hals van die [slachtoffer] en/of (met kracht) knijpen en/of drukken in/op de keel/hals van die [slachtoffer] en/of
- aan die [slachtoffer] toevoegen van (de) woorden (van de strekking): "Wacht maar even want ik laat je zien hoe ik met jou lol kan maken en dat jij seksueel niet zoveel voorstelt." en/of tegen die [slachtoffer] zeggen dat zij lol gingen maken en/of dat als zij zich niet zou overgeven, hij, verdachte, haar zou verkrachten en/of
- ( vervolgens) (gedeeltelijk) brengen van een of meer van zijn, verdachtes, vinger(s) in de onderbroek van die [slachtoffer] en/of doende zijn een of meer van zijn, verdachtes, vinger(s) in de onderbroek van die [slachtoffer] te brengen en/of
- doende zijn zijn, verdachtes, broek en/of onderbroek (gedeeltelijk) uit en/of naar beneden te trekken,
die [slachtoffer] heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handelingen, te weten het
- met zijn, verdachtes, knie(ën) en/of (onder)lichaam gaan en/of blijven zitten op de buik en/of het (onder)lichaam van die [slachtoffer] en/of
- kapot en/of uit en/of naar beneden trekken van de legging van die [slachtoffer] en/of
- ( gedeeltelijk) brengen van een of meer van zijn, verdachtes, vinger(s) in de onderbroek van die [slachtoffer] en/of doende zijn een of meer van zijn, verdachtes, vinger(s) in de onderbroek van die [slachtoffer] te brengen;
2.hij op of omstreeks 2 november 2022 in de gemeente Venlo, [slachtoffer] heeft mishandeld door meermalen, althans eenmaal, (telkens)
- die [slachtoffer] bij/aan de enkels vast te pakken en/of vast te houden en/of die [slachtoffer] (met kracht) van een bank af naar/op de grond/vloer te trekken en/of (vervolgens) terwijl die [slachtoffer] op haar rug op de grond/vloer lag, die [slachtoffer] over de grond/vloer met zich mee te trekken en/of te slepen en/of
- ( met kracht) (met een of meer van zijn, verdachtes, vuist(en) op/tegen het hoofd en/of het (boven)lichaam van die [slachtoffer] te slaan en/of te stompen en/of
- ( met kracht) in een of meer vinger(s) en/of een hand van die [slachtoffer] te bijten en/of
- die [slachtoffer] bij de hals/keel vast te pakken en/of te houden en/of (met kracht) op de hals/keel van die [slachtoffer] te drukken.
De in de tenlastelegging voorkomende taal- en/of schrijffouten of omissies zijn verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Bewezenverklaring
Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 primair en 2 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:
1. primairhij op 2 november 2022 in de gemeente Venlo, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om door geweld of een andere feitelijkheid en bedreiging met geweld
[slachtoffer] te dwingen tot het ondergaan van een of meer handeling(en) die mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer] ,
- terwijl die [slachtoffer] op een bank lag te slapen, die [slachtoffer] onverhoeds bij de enkels heeft vastgepakt en vastgehouden en van die bank af naar de grond heeft getrokken en terwijl zij met haar rug op de grond lag over de grond naar zijn, verdachtes, slaapkamer heeft gesleept en
- terwijl die [slachtoffer] op haar rug op de grond lag, (met een van zijn, verdachtes, knieën) op (de buik van) die [slachtoffer] is gaan zitten, waardoor die [slachtoffer] door hem, verdachte, werd belet daarheen te gaan waar zij wilde gaan en
- de legging van die [slachtoffer] naar beneden en kapot heeft getrokken en
- die [slachtoffer] vuistslagen in het gezicht heeft gegeven en die [slachtoffer] tegen de ribben en de borstkas heeft geslagen en/of gestompt en
- toen die [slachtoffer] probeerde hem, verdachte, met haar handen weg te duwen in vingers van die [slachtoffer] heeft gebeten en zijn, verdachtes, hand op de keel van die [slachtoffer] heeft gelegd en in de keel van die [slachtoffer] heeft geknepen en
- aan die [slachtoffer] heeft toegevoegd de woorden: "Wacht maar even want ik laat je zien hoe ik met jou lol kan maken en dat jij seksueel niet zoveel voorstelt." en tegen die [slachtoffer] heeft gezegd dat zij lol gingen maken en dat als zij zich niet zou overgeven, hij, verdachte, haar zou verkrachten en
- vervolgens meer van zijn, verdachtes, vingers in de onderbroek van die [slachtoffer] heeft gebracht en
- doende is geweest zijn, verdachtes, broek naar beneden te trekken,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
2.hij op 2 november 2022 in de gemeente Venlo, [slachtoffer] heeft mishandeld door
- die [slachtoffer] bij de enkels vast te pakken en vast te houden en die [slachtoffer] van een bank af op de grond te trekken en vervolgens terwijl die [slachtoffer] op haar rug op de grond lag, die [slachtoffer] over de grond met zich mee te slepen en
- met kracht met zijn, verdachtes, vuisten tegen het hoofd en het bovenlichaam van die [slachtoffer] te slaan en
- in vingers van die [slachtoffer] te bijten en
- die [slachtoffer] bij de keel vast te pakken en op de keel van die [slachtoffer] te drukken.
Het hof acht niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven bewezen is verklaard, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken.
Bewijsmiddelen
Hierna wordt – tenzij anders vermeld – steeds verwezen naar het eindproces-verbaal van de politie-eenheid Limburg op ambtseed opgemaakt door verbalisant [verbalisant 1] , brigadier van politie en gecertificeerd zedenrechercheur, registratienummer PL2379-2022173330, gesloten op 7 mei 2023, bevattende een verzameling op ambtseed dan wel ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal van politie met daarin gerelateerde bijlagen, met doorgenummerde dossierpagina’s 1-85. Alle tot het bewijs gebezigde processen-verbaal zijn in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde verbalisanten en alle verklaringen zijn, voor zover nodig, zakelijk weergegeven.
1. Het proces-verbaal van aangifte d.d.
Inleiding
15 november 2022, dossierpagina 6 tot en met 20, voor zover inhoudende als verklaring van aangeefster [slachtoffer] :
O: Mevrouw geeft aan dat wij haar mogen aanspreken bij haar voornaam: [slachtoffer] .
[…]
A: Hij heeft mij geprobeerd te verkrachten, […]. Wat hij gedaan heeft, […] ik ben vreselijk mishandeld, ben in het ziekenhuis geweest en heb 2 dagen op bed gelegen. Ik had een hersenschudding. […]
V: Wie is die man? Dus tegen wie doe je aangifte?A: Hij heet [verdachte] .
V: Wanneer is het gebeurd dat [verdachte] jou heeft proberen te verkrachten en zo mishandeld heeft?A: Woensdag 2 november. [...]V: Waar is het gebeurd?A: Op het adres [adres] . […]O: Op ons verzoek trekt [slachtoffer] haar vestje uit. Wij zien op haar linker schouderblad, rug en stuitje enkele ronde rode "schuur" plekken en enkele blauwe plekken. [slachtoffer] laat ons op haar telefoon enkele foto's zien van haar gezicht en hals. Wij zien dat zij aan de wijsvinger, middelvinger en ringvinger van haar linkerhand verwondingen heeft. Het zijn een soort rechte strepen ter hoogte van de kootjes waarvan [slachtoffer] zegt dat [verdachte] haar daar gebeten heeft. [...]
V: Vertel eens precies wat er is gebeurd, vanaf het begin dat jij thuis kwam van je werk op die 2e november 2022.A: […] Rond 20.00 uur ging ik douchen, ik deed mijn pyjama aan en ging op bed liggen.O: De tolk vraagt of mevrouw met "bed" de bank in de woonkamer bedoelt. [slachtoffer] verklaarde dat zij daarmee inderdaad de bank in de woonkamer bedoelt.A:[...] Rond 21.00 uur viel ik in slaap […]. Die [verdachte] zat in de keuken want daar is zijn televisie en rond 22.30 à 23.00 uur kwam hij via de woonkamer naar zijn slaapkamer maar toen pakte hij mij bij mijn benen en heeft hij mij weggetrokken. Het was zo'n ruwe vloerbedekking en het maakte mijn blouse en mijn pyjama kapot en daar heb ik ook het letsel op mijn rug van. Hij trok mij tot aan zijn slaapkamer en probeerde mij op zijn bed te trekken maar ik begon mij te verdedigen. Ik lag dus op de grond en hij ging schrijlings op mij zitten en […] hij trok mijn slipje kapot. Ik was bang dat het tot iets zou komen en ik probeerde mij met mijn hand te verdedigen en toen heeft hij mij in mijn vingers gebeten. Ik begon te schreeuwen en toen pakte hij met één hand mijn hals en met de andere hand begon hij mij te bewerken. Ik had een kapotte neus, ogen. Ik voelde dat er bloed uit mijn neus kwam, er was in mijn handen gebeten, ik dacht dat hij mij dood zou maken. Ik was bang dat het tot iets kwam en ik kreeg toen zo'n kracht, ik weet het niet, en toen heb ik hem weggeduwd. […]
V: Op welke manier ben jij op de vloer terecht gekomen?A: Hij pakte mijn benen vast en hij sleepte mij door de woonkamer naar zijn slaapkamer. Ik viel op mijn rug vanaf de bank toen hij aan mijn benen trok. [...]A: Hij trok aan mijn benen en trok mij naar zijn slaapkamer en in zijn slaapkamer begon hij mijn kleren kapot te maken. […]
V: Waarmee trok hij jou aan je benen?A: Met zijn eigen handen.V: Waar had hij jou vast?A: Bij mijn enkels. [...]
V: Oké, hij heeft je dus van de bank naar de slaapkamer gesleept?
A: Ja.
V: Je hebt gezegd dat hij in de slaapkamer jouw kleren kapot trok.
A: Ja, hij begon de legging uit te trekken, af te trekken.V: In welke houding was je toen?A: Ik lag op mijn rug op de vloer in zijn slaapkamer en hij zat bovenop mij. Ik heb me toen bezeerd aan mijn stuitje omdat het vloerkleed in zijn slaapkamer zo ruw was.V: Jij lag dus op je rug. Op welke manier zat hij bovenop je?A: Op mijn buik, zijn benen zijdelings langs mijn lichaam, ik had geen enkele mogelijkheid om me te bewegen.V: Hij zit op je buik. Welke kant was zijn gezicht?A: Hij keek naar mijn gezicht en hij begon eigenlijk direct mij vuistslagen te geven op mijn ogen en toen ik tegensputterde legde hij zijn hand op mijn keel alsof hij mij wou wurgen. [...]V: Maar toen hij de hand om je keel legde, wat deed hij toen met die hand.A: Hij probeerde mij te wurgen, hij kneep, ik kreeg geen lucht meer.V: Toen hij jou probeerde te wurgen, zei hij toen iets tegen jou?A: Hij zei: Wacht maar even want ik laat je zien hoe ik met jou lol kan maken en dat jij seksueel niet zo veel voorstelt.V: Je hebt verklaard dat hij met zijn vuist op je ogen sloeg. Sloeg hij ook nog ergens anders?A: Ook tegen mijn ribben en borstkas. Hij is heel stevig gebouwd, hij is dik en zwaar en hij zat bovenop mijn buik. […]
V: Hoe was zijn houding ten opzichte van jou, toen hij aan jouw legging trok?A: Hij ging direct op mijn buik zitten en ik kon me niet meer bewegen, hij zat dus op mijn buik toen hij mijn legging uit ging trekken.V: Hoe kan hij dan je legging uittrekken?A: Eerst zat hij op zijn knieën op mijn buik en toen trok hij mijn legging uit.V: In welke houding zat hij dan op zijn knieën op jouw buik?A: Zijn lichaam was zo dat hij met 1 knie op mijn buik was, het andere been was op de vloer. 1 van zijn handen was op mijn keel en toen trok hij met de andere hand aan mijn legging.
V: Tot hoe ver trok [verdachte] jouw legging naar beneden?
A: Voordat hij de legging uittrok, maakte hij de legging kapot. Gewoon gescheurd. Toen hij mij in die slaapkamer kreeg was het eerste wat hij wilde doen, de legging kapot maken maar dat lukte niet direct dus hij moest er een paar keer aan trekken.
V: Hoe deed hij dat scheuren dan?
A: Hij probeerde de legging kapot te maken, hij trok eraan tot ’ie kapot ging. […]
A: Op het moment dat de legging tot mijn knie was, sloeg hij mij met zijn vuisten. Ik begon te bloeden uit mijn mond en neus en ik was bang dat ik in mijn bloed zou stikken. […]
V: Tot hoe ver lukte het hem zijn eigen broek uit te trekken?A: Hij knielde op 1 van zijn knieën naast mij en onderwijl probeerde hij zijn eigen broek uit te trekken en dat was het moment dat ik mijn kans schoon zag om te vluchten. […]V: Wat deed hij precies met zijn handen bij jouw onderbroek?A: Toen hij zijn hand in mijn onderbroek stopte zei hij: "We gaan lol maken."V: Wat deed hij met zijn hand toen hij met zijn hand in je onderbroek zat?A: Hij probeerde zijn hand in mijn onderbroek te doen, maar ik verhinderde dat. Hij zat nog steeds bovenop mij en ik probeerde het te verhinderen dat zijn hand in mijn onderbroek ging en hij ging met een paar vingers in mijn onderbroek, denk ik.V: Het is niet helemaal duidelijk. Is het nou wel of niet gelukt om met zijn hand in de onderbroek te komen.A: Misschien met 2 vingers is hij onder de rand van de onderbroek gekomen.V: Aan welke zijde van de onderbroek?A: Voorkant. Aan de bovenkant. Want hij zat op mijn buik en toen hij het probeerde is hij een beetje met zijn lichaam verschoven en zat hij op mijn dijen en daarom kon hij dat bij mijn onderbroek proberen.V: Zei hij iets toen hij probeerde met zijn hand in je onderbroek te komen?A: Ja, tot 2 keer toe zei hij dat we lol gingen maken en dat als ik me niet zou overgeven zou hij me verkrachten. Hij heeft dat woord verkrachten tot 2 keer toe gezegd. [...]A: Hij zat op mijn buik en ik probeerde hem weg te duwen, ik probeerde zijn gezicht weg te duwen met mijn eigen handen en op dat moment heeft hij mij nog in mijn vingers gebeten.
3 vingers, ringvinger, middelvinger en wijsvinger. Ik heb er antibiotica voor gekregen in het ziekenhuis.
2. Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 19 december 2022, dossierpagina 35 tot en met 37, voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 2] :
Met toestemming van [slachtoffer] nam ik foto's van het letsel dat zij had opgelopen. […]
Foto l: voorzijde gezicht [slachtoffer] .
Ik zag dat [slachtoffer] rondom beide ogen donkere verkleuringen had. Ik zag dat zowel boven als onder haar beide ogen meerdere kleuren te zien waren. Ik zag dat zij op haar gezicht op meerdere plekken rode en groene verkleuringen had. Ik zag ook dat de huid rondom haar ogen dik was.
Foto 2: linkerzijde gezicht [slachtoffer] .
Ik zag dat [slachtoffer] op de linkerzijde van haar gezicht meerdere rode, groene en blauwe plekken had.
Inleiding
Ik zag dat haar gehele linkerzijde verkleurd was.
Foto 3: rechterzijde gezicht [slachtoffer] .
Ik zag dat [slachtoffer] op de rechterzijde van haar gezicht meerdere rode, groene en blauwe plekken had. Ik zag dat haar gehele rechterzijde verkleurd was.
Foto 4: rechter schouder [slachtoffer] .
Ik zag dat er een groen/paarse verkleuring zichtbaar was op de borst, boven haar
rechter borst. Ik zag dat er in haar hals aan de rechterzijde ook verkleuringen
zichtbaar waren.
Foto 5: rug [slachtoffer] .
Ik zag op de rug meerdere verkleuringen en vlekken. Ik zag op de rug meerdere
oppervlakkige wonden en rode verkleuringen.
Foto 6: rug en rechterarm [slachtoffer] .
Ik zag op de rechterarm twee wonden ter hoogte van de ellenboog. Ik zag daarnaast
rode verkleuringen op de arm.
Foto 7: rug en rechterarm [slachtoffer] .
Ik zag op de rug, rechtsboven een grote donkere verkleuring.
Foto 8: rechter bovenbeen [slachtoffer] .
Ik zag op het rechter bovenbeen, net onder de slip van [slachtoffer] een wond.
Foto 9 & 10: benen [slachtoffer]
Ik zag op zowel het linker als rechter been een aantal kleinere wonden. Ik zag
daarnaast meerdere verkleuringen. […]
Foto 11, 12 & 13: handen [slachtoffer] .
Ik zag dat de vingers horende bij de linker hand van [slachtoffer] opgezwollen waren ten
opzichte van de vingers van haar rechter hand. Ik zag dat deze vingers rood van kleur
waren. Ik zag dat zij langwerpige wonden had op haar wijsvinger en middelvinger. Ik
zag dat zij aan de binnenkant van haar ringvinger van haar linker hand ook een
langwerpige wond had. […]
3. Het geschrift, te weten de geneeskundige verklaring opgesteld door: E.E.C. Goosen, forensisch geneeskundige werkzaam bij GGD Limburg-Noord betreffende
[slachtoffer] d.d. 28 november 2022, dossierpagina 34, voor zover inhoudende:
1. Welk uitwendig letsel heeft u waargenomen bij bovengenoemd persoon?
Bloeduitstorting gelaat rondom ogen, rechterwang en achter beide oorschelpen. Op de wijs- en middelvinger van de rechterhand een wond van ongeveer 1 cm met tandafdrukken; beginnende ontsteking van de wijsvinger.
Schaafwond boven de bil.
Bloeduitstorting op de borstkas rechts, op de rug en beide bovenbenen.
2. Is er sprake van uitwendig bloedverlies?
Nee, trauma was al 2 - 3 dagen daarvoor.
3. Is er een vermoeden van niet uitwendig waarneembaar letsel?
Ja; uitgesloten middels CT van de hersenen, aangezicht en nek. […]
5. Datum waarop voornoemde persoon werd onderzocht:
05-11-2022.
6. Overige van belang zijnde informatie (operaties, blijvend letsel, ed)
Antibiotica gekregen vanwege bijtwond van de hand.
7. Geschatte duur van de genezing:
4 tot 6 weken.
4. De eigen waarneming van het hof van de foto’s van het gelaat en het lichaam van aangeefster [slachtoffer] op dossierpagina 21 e.v. en dossierpagina 39 e.v.:
Het hof heeft op deze foto’s onder meer het volgende letsel bij [slachtoffer] waargenomen:
- meerdere bloeduitstortingen in het gelaat en rondom de ogen; - een bloeduitstorting op de borst ter hoogte van de rechterschouder;- rode verkleuringen in de hals; - meerdere grote rode verkleuringen op de rug.
5. Het proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 9 maart 2023, dossierpagina 51 tot en met 55, voor zover inhoudende als verklaring van getuige [getuige 1] :
V: [slachtoffer] heeft aangifte gedaan van een incident dat gebeurd zou zijn op het adres [adres] . We weten dat u de eigenaar van het pand bent. Wat weet u van het incident dat heeft plaatsgevonden?
A: Ik heb op vrijdag een signaal gekregen van een huisbewoner, verontrustend. Hij zei dat hij een vrouw had gesproken die in slechte toestand was.
O: Wij verbalisanten zien dat er app-contact is op 4 november 2022 tussen [betrokkene 1] en [getuige 1] .
A: Ik ben er snel heen gegaan (…) ik ben weggegaan en heb [betrokkene 1] een berichtje gestuurd dat ik de vrouw gezien had en dat we op zoek waren naar een oplossing.
Op zaterdag 5 november was [verdachte] niet in het huis. De vrouw wel. Ze wilde ook praten. Op de kamer van [betrokkene 2] (huisgenoot) hebben we toen met z’n drietjes gepraat en [betrokkene 2] heeft vertaald.
De vrouw vertelde dat [verdachte] dat gedaan had. Ze hadden allebei alcohol gedronken. [verdachte] zou doorgedraaid zijn. Woordelijk weet ik niet meer wat er precies is gezegd, maar volgens mij heeft ze ook gezegd dat hij seks met haar wilde en dat dat de aanleiding is geweest tot zijn doordraaien. […]A: Er is ook over gesproken dat hij haar geslagen had, ook dat er alcohol was gebruikt, ook dat hij seks met haar wilde en dat er agressie was en toen wees ze naar haar gezicht. Voor mij was toen wel duidelijk dat hij haar geslagen had en kennelijk wilde zij dan geen seks. Ik vind het heel moeilijk om dit te zeggen want het is niet letterlijk zo gezegd. Maar dat zij dat gezicht zo opgezwollen en blauw had, was voor mij wel duidelijk dat ze niet tegen een keukenkastje was opgelopen. [...]V: Nog even terugkomend op het gesprek tussen [betrokkene 2] en de vrouw. Heeft de vrouw verteld waar het gebeurd is?A: ja…in het appartement van meneer [verdachte] . […]
6. Het proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 6 mei 2023, dossierpagina 62 tot en met 65, voor zover inhoudende als verklaring van getuige [getuige 2] :
V: Heeft [slachtoffer] jou verteld wat er was gebeurd?A: Zij heeft verteld dat ze mishandeld is door ene [verdachte] .V: Hoe kwam het dat ze dat aan jou vertelde?A: Toen ik thuis kwam en ik de info kreeg dat er een nieuwe kwam wonen, zag ik een vrouw uit het toilet komen. Ik zag dat ze een capuchon op had. Ik zag dat ze vreselijk was mishandeld. Ik vroeg wie het gedaan had, ze zei [verdachte] . Die vrouw bleek [slachtoffer] te zijn. […]V: De manier waarop ze dat zei, was dat heel gewoon of moest ze huilen, was ze boos of iets anders?A: Ze zei dat ze vreesde voor eigen leven, was geschrokken, bang en ik zag haar huilen. Ze vond het moeilijk om er over te praten.V: U zegt steeds dat u heeft gezien dat ze geslagen is, bedoelt u dat u haar verwondingen zag of dat ze werd geslagen?A: Ik heb niet gezien dat ze mishandeld is of geslagen werd. Ik heb de verwondingen gezien, de blauwe plekken, de zwellingen en het bloed.
V: [slachtoffer] heeft u verteld dat ze mishandeld is door [verdachte] . Heeft ze u nog meer verteld over wat er is gebeurd?
A: Zij heeft gezegd dat ze door hem mishandeld is, door hem is gebeten.
7. Het proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 20 maart 2023, dossierpagina 56 tot en met 59, voor zover inhoudende als verklaring van getuige [getuige 3] :
V: Op welke manier ben jij bij deze zaak en [slachtoffer] betrokken geraakt? A: Ik werd gebeld door een vriend van mevrouw [slachtoffer] , het slachtoffer. Die vriend wilde anoniem blijven omdat hij niet zo'n goed contact heeft met die meneer die het gedaan heeft, daar had hij slechte ervaringen mee. Hij vroeg of ik tijd had omdat ze naar de politie moesten. Hij zei dat ik om 7 uur beneden moest zijn. Dus ik ging naar beneden naar de auto. Ik ging in de auto zitten en daar zat die vriend en een vrouw die ik nu weet dat ze [slachtoffer] heet. Die vriend vertelde dat [slachtoffer] verkracht was en dat ze naar de politie wilden om aangifte te doen.
V: Toen je de auto instapte, wat zag je toen?A: Al van buiten af zag ik een vrouw die behoorlijk toegetakeld was. Ze zag er niet goed uit, haar gezicht zag eruit of iemand haar geslagen had. Haar gezicht was blauw en rood. In de auto zag ik dat het gezicht opgezwollen was, haar ogen waren helemaal klein.We zijn toen naar het politiebureau gereden. In het politiebureau gingen we naar een kamer. Eerst waren er 2 politieagenten in uniform die vroegen wat er aan de hand was. Ik zei dat deze vrouw op woensdagavond verkracht was. Het was zaterdag dat wij naar de politie gingen. Toen moesten we alles uitleggen.