Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
2024-03-05
ECLI:NL:GHSHE:2024:724
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Hoger beroep
743 tokens
Inleiding
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Team Handelsrecht
zaaknummer 200.320.108/01
arrest van 5 maart 2024
in de zaak van
1 [appellant] ,wonende te [woonplaats] ,
2. [appellante 1],wonende te [woonplaats] ,
3. [appellante 2],wonende te [woonplaats] (België),
appellanten,
hierna aan te duiden als [appellanten] ,
advocaat: mr. F.J.M. Kobossen te Twello, gemeente Voorst,
tegen
1 [geïntimeerde 1] ,wonende te [woonplaats] ,
2. [geïntimeerde 2] ,wonende te [woonplaats] ,
geïntimeerden,
hierna aan te duiden als [geïntimeerden] ,
advocaat: mr. T.J. Wittendorp te Maastricht-Airport,
als vervolg op het door het hof gewezen tussenarrest van 7 februari 2023 in het hoger beroep van het door de kantonrechter van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, onder zaaknummer 9892171 / CV EXPL 22-2403 gewezen vonnis van 9 november 2022.
5Het verloop van de procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
het tussenarrest van 5 september 2023 waarbij het hof een mondelinge behandeling na aanbrengen heeft gelast;
het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 11 mei 2023 waaruit blijkt dat partijen geen minnelijke regeling hebben bereikt;
het uitstelverzoek rolbehandeling van [appellanten] van 8 augustus 2023;
het bezwaar tegen dat verzoek van [geïntimeerden] van 8 augustus 2023;
de akte houdende uitlating producties van [appellanten] van 15 augustus 2023;
de antwoordakte van [geïntimeerden] van 22 augustus 2023;
de rolbeslissing van 5 september 2023;
de memorie van grieven met producties;
de memorie van antwoord.
Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg.
Beoordeling
Het hof ziet aanleiding om een mondelinge behandeling na memorie van antwoord te bepalen.
De zaak zal worden verwezen naar de rol van 19 maart 2024 voor het opgeven van verhinderdata aan beide zijden.
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.
7De uitspraak
Het hof:
verwijst de zaak naar de rol van 19 maart 2024 voor opgave verhinderdata aan beide zijden in de maanden mei, juni en juli 2024;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. H.A.G. Fikkers, E.H. Schulten en H.J. Tulp en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 5 maart 2024.
griffier rolraadsheer