Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
2024-03-01
ECLI:NL:GHSHE:2024:1374
Strafrecht
Hoger beroep
557 tokens
Inleiding
Parketnummer: 20-002963-22
Uitspraak : 1 maart 2024
TEGENSPRAAK (art. 279 Sv)
Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's Hertogenbosch, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 23 december 2022, in de strafzaak onder parketnummer 96-208061-21 tegen:
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1991,
wonende te [woonplaats] .
Kwalificatie
Het onder 1 bewezenverklaarde levert op: overtreding van artikel 8, tweede lid, onderdeel a van de Wegenverkeerswet 1994 (1080 microgram).
Gepleegd op 31 januari 2021 te Breda.
Het onder 2 bewezenverklaarde levert op: overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Gepleegd op 31 januari 2021 te Breda.
Toegepaste wetsartikelen
Dictum
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) weken.
Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 3 (drie) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Ontzegt de verdachte ter zake van het onder 1 en 2 bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 12 (twaalf) maanden.
Bepaalt dat een gedeelte van de bijkomende straf van ontzegging, groot 6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Dit arrest is mondeling gewezen door mr. F.C.J.E. Meeuwis.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 1 maart 2024.