Rechtspraak
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
2023-12-15
ECLI:NL:GHSHE:2023:4336
Strafrecht
Hoger beroep
1,251 tokens
Inleiding
Parketnummer : 20-002005-22
Uitspraak : 15 december 2023
TEGENSPRAAK (ex art. 279 Sv)
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, van 24 augustus 2022 in de in eerste aanleg gevoegde strafzaken, parketnummers 03-659212-17 en 03-659012-17 en 03-659277-18, tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1985,
wonende te [adres] .
Hoger beroep
De rechtbank heeft de verdachte bij vonnis waarvan beroep vrijgesproken van hetgeen onder parketnummer 03-659012-17 als feit 1 (primair) en onder parketnummer 03-659212-17 als feit 1 (primair en subsidiair) ten laste is gelegd. De rechtbank heeft de verdachte ter zake van:
onder parketnummer 03-659012-17
poging tot zware mishandeling (feit 1 subsidiair);
mishandeling (feit 2);
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht (feit 3)
onder parketnummer 03-659212-17
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht (feit 2 primair)
onder parketnummer 03-659277-18
bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht (feit 1);
opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, beschadigen, meermalen gepleegd (feit 2);
opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen (feit 3 en feit 4), en
opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen of beschadigen, meermalen gepleegd (feit 5),
veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren en met aftrek van de tijd die de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest en in overleveringsdetentie heeft doorgebracht. Voorts heeft de rechtbank de benadeelde partij [slachtoffer] in de zaak met parketnummer 03-659212-17 (feit 2) niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot schadevergoeding. In de zaak met parketnummer 03-659277-18 heeft de rechtbank de vordering van de benadeelde partij Politie Eenheid Limburg gedeeltelijk toegewezen tot een bedrag van € 58,10 met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel en in het overige deel van de vordering de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard. Voorts heeft de rechtbank de teruggave gelast van de inbeslaggenomen krultang en is de inbeslaggenomen schroevendraaier verbeurd verklaard.
Namens de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Omvang van het hoger beroep
Het hoger beroep is in de appelakte uitdrukkelijk beperkt tot de veroordeling ter zake van hetgeen aan de verdachte onder parketnummer 03-659012-17 is tenlastegelegd. Al hetgeen hierna wordt overwogen en beslist heeft uitsluitend betrekking op dat gedeelte van het beroepen vonnis dat aan het oordeel van het hof is onderworpen.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal vernietigen en, opnieuw rechtdoende, het onder feit 1 (subsidiair), feit 2 en feit 3 tenlastegelegde bewezen zal verklaren. De advocaat-generaal heeft voorts gevorderd dat de door de rechtbank opgelegde straf in stand zal worden gelaten. Ten slotte heeft de advocaat-generaal zich op het standpunt gesteld dat de in beslag genomen krultang teruggegeven dient te worden aan de rechthebbende en dat de inbeslaggenomen schroevendraaier dient te worden verbeurdverklaard.
De raadsman heeft integrale vrijspraak bepleit ten aanzien van hetgeen onder parketnummer 03-659012-17 thans in hoger beroep nog aan de orde is.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis - voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen - en met de redengeving waarop dit berust.
Dictum
Het hof:
bevestigt het vonnis waarvan beroep.
Aldus gewezen door:
mr. M. van der Horst, voorzitter,
mr. W.E.C.A. Valkenburg en mr. G.C. Bos, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. E.F.G. Truijen, griffier,
en op 15 december 2023 ter openbare terechtzitting uitgesproken.