Rechtspraak 2004-09-23
ECLI:NL:GHLEE:2004:AR3006
ECLI:NL:GHLEE:2004:AR3006 text/xml public 2025-07-30T18:56:35 2013-04-04 Raad voor de Rechtspraak nl AR3006 Gerechtshof Leeuwarden 2004-09-23 BK 321/03 Inkomstenbelasting Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Bestuursrecht; Belastingrecht Algemene wet bestuursrecht 7:15 Algemene wet bestuursrecht 7:15 Algemene wet inzake rijksbelastingen 13 Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 23 Rechtspraak.nl V-N 2005/3.1.1 NTFR 2004/1573 Viditax (FutD) 2007112308 http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHLEE:2004:AR3006 text/html public 2013-04-04T21:26:44 2004-09-30 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:GHLEE:2004:AR3006 Gerechtshof Leeuwarden , 23-09-2004 / BK 321/03 Inkomstenbelasting 3.1 Tussen partijen is in geschil of belanghebbende in aanmerking komt voor een proceskostenvergoeding als bedoeld in artikel 7:15 lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). BELASTINGKAMER GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN UITSPRAAK Kenmerk: BK 321/03 23 september 2004 Uitspraak van het gerechtshof te Leeuwarden, zesde enkelvoudige belastingkamer, op het beroep van X te Z (: de belanghebbende) tegen de uitspraak van de voorzitter van het managementteam van de Belastingdienst Noord, kantoor Groningen dr. C. Hofstede de Grootkade (: de inspecteur), gedaan op het bezwaarschrift van de belanghebbende tegen de haar voor het jaar 2003 in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (: IB/PV) opgelegde aanslag. 1. Ontstaan en loop van het geding 1.1 Aan de belanghebbende is op grond van de Wet inkomstenbelasting 2001 (: de Wet IB), met dagtekening 31 januari 2003, over het jaar 2003 een voorlopige aanslag IB/PV opgelegd berekend naar een verzamelinkomen van € 32.590,--. 1.2 Naar aanleiding van het tegen deze aanslag tijdig door belanghebbende ingediende bezwaarschrift heeft de inspecteur de voorlopige aanslag bij beschikking van 21 maart 2003 (ambtshalve) verminderd en bij de bestreden uitspraak, gedagtekend 21 maart 2003, de door belanghebbende gevraagde vergoeding van de kosten die belanghebbende in verband met het bezwaar redelijkerwijs heeft moeten maken geweigerd. 1.3 Namens belanghebbende is tegen deze uitspraak op 8 april 2003 beroep bij het hof ingesteld. De gronden van het beroep zijn op 19 september 2003 bij het hof ingekomen. De inspecteur heeft op 5 december 2003 een verweerschrift (met bijlagen) ingediend. 1.4 De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgevonden ter zitting van het hof op 23 juni 2004, gehouden te Groningen. Namens belanghebbende is verschenen haar gemachtigde mr. A, werkzaam als fiscaal adviseur te Z. Tevens is ter zitting de inspecteur verschenen, bijgestaan door de heer B. 1.5 Ter zitting heeft de gemachtigde van belanghebbende een door hem voorgedragen pleitnota overgelegd. 1.6 Van alle genoemde (en hierna nog te noemen) stukken moet de inhoud als hier ingevoegd worden beschouwd. 2. De feiten Blijkens de gedingstukken en het verhandelde ter zitting staat als onbetwist, dan wel onvoldoende betwist, tussen partijen het volgende vast. 2.1 De inspecteur heeft met dagtekening 31 januari 2003 aan belanghebbende over 2003 een voorlopige aanslag IB/PV opgelegd van € 387,--, berekend op basis van een verzamelinkomen van € 32.590,--. De inspecteur heeft zich hierbij gebaseerd op de inkomensgegevens van 2001. Aan de hand van dezelfde gegevens is aan belanghebbende eveneens een voorlopige aanslag 2002 opgelegd, waartegen belanghebbende geen bezwaar heeft aangetekend. Tegen de voorlopige aanslag 2003 is namens belanghebbende een bezwaarschrift ingediend, omdat zij in verband met de verhoging van haar hypotheekschuld in 2002 een hogere renteaftrek voor haar eigen woning verwacht, waardoor zij niet in aanmerking zou komen voor een verplichte aanslag 2003. 2.2 De inspecteur heeft de voorlopige aanslag verminderd tot nihil en bij uitspraak van 21 maart 2003 geweigerd om een vergoeding wegens proceskosten aan belanghebbende te verstrekken. 3. Het geschil en de standpunten van partijen 3.1 Tussen partijen i