Rechtspraak Gerechtshof Den Haag 2017-12-20
ECLI:NL:GHDHA:2017:3703
ECLI:NL:GHDHA:2017:3703 text/xml public 2023-09-26T16:14:52 2017-12-19 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:GHDHA:2017:4256 Gerechtshof Den Haag 2017-12-20 22-003428-16 Uitspraak Hoger beroep NL Den Haag Strafrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2017:3703 text/html public 2017-12-19T18:23:22 2017-12-20 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:GHDHA:2017:3703 Gerechtshof Den Haag , 20-12-2017 / 22-003428-16 art. 177 sr. Omkoping van een ambtenaar. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan omkoping van een tweetal oud-wethouders, tevens medeverdachten. De verdachte heeft zijn medeverdachten giften aangeboden, waaronder luxe reizen naar onder andere buitenlandse voetbalwedstrijden en naar vastgoedbeurzen. Rolnummer: 22-003428-16 Parketnummer: 10-964014-12 Datum uitspraak: 20 december 2017 TEGENSPRAAK Gerechtshof Den Haag meervoudige kamer voor strafzaken Arrest gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 12 juli 2016 in de strafzaak tegen de verdachte: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1943, adres: [adres]. 1 Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzittingen in hoger beroep van dit hof op 9, 16 maart en 7, 14, 20, 28, 30 november en 6 en 15 december 2017. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaten-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht. 2 Procesgang In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het onder 1 en 2 ten laste gelegde veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 100 uren, subsidiair 50 dagen hechtenis. Namens de verdachte en door de officier van justitie is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld. 3 Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd dat: 1. (zaaksdossier 03) dat hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 10 april 2004 tot en met 9 november 2012, althans op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de jaren 2004 tot en met 2012, in de gemeente(n) Roermond en/of Maastricht en/of elders in Nederland en/of in Frankrijk en/of Duitsland en/of het Verenigd Koninkrijk en/of Zwitserland, alleen, althans tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), meermalen, althans eenmaal, een ambtenaar, te weten [medeverdachte 1], in zijn hoedanigheid van wethouder (van Volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening, Economische ontwikkelingen, Monumenten en Archeologie, Toerisme en recreatie en Regionale samenwerking) van de gemeente Roermond, één of meer gift(en) en/of belofte(n) en/of dienst(en), te weten -zakelijk weergegeven-: één of meer bezoek(en) aan internationale vastgoedbeurzen in Cannes (Mipim in de jaren 2008 tot en met 2010) en/of in München (Expo Real in de jaren 2007 tot en met 2010) en/of de rondom/ter gelegenheid van die vastgoedbeur(s)(zen) plaatsvindende bijeenkomst(en) /ontmoeting(en) en/of (een gedeelte van) de daarmee verband houdende entree- en/of reis- en/of verblijfskosten ter waarde van afgerond 37.520,00 euro, althans enig geldbedrag en/of één of meer bezoek(en) aan het WK voetbal in Duitsland in 2006 (op of omstreeks 21 juni 2006) en/of het EK voetbal in Zwitserland in 2008 (op of omstreeks 9 juni 2008 en/of 13 juni 2008 en/of 17 juni 2008) en/of (een gedeelte van) de daarmee verband houdende entree- en/of reis- en/of verblijfskosten ter waarde van afgerond 14.435,00 euro, althans enig geldbedrag en/of 22, althans één of meer bezoek(en) aan zijn, verdachtes (vakantie)woning van in St. Tropez/Frankrijk (in de periode 10 april 2004 tot en met 11 augustus 2012) en/of (een gedeelte van) de daarmee verband houdende reis- en/of verblijfskosten ter waarde van afgerond 12.966,00 euro, althans enig geldbedrag en/of één of meer bezoek(en) aan Berlijn (in 2006) en/of Londen (in 2007) en/of München (in 2007) en/of Lourdes (in 2010) en/of (een gedeelte van) de daarmee verband houdende reis- en/of verblijfskosten ter waarde van afge (zaaksdossier 03) dat hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 3 mei 2005 tot en met 30 juni 2012, althans op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de jaren 2005 tot en met 2012 in de gemeente Roermond en/of elders in Nederland en/of in Duitsland en/of Zwitserland, alleen, althans tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), meermalen, althans eenmaal, een ambtenaar, te weten [medeverdachte 2], in zijn hoedanigheid van wethouder (van Financiën, Juridische Zaken en Eigendommen) van de gemeente Roermond en/of directeur van de [Rechtspersoon B][Rechtspersoon B], één of meer gift(en) en/of belofte(n) en/of dienst(en), te weten –zakelijk weergegeven-: één of meer bezoek(en) aan het WK voetbal in Duitsland in 2006 (op of omstreeks 21 juni 2006) en/of het EK voetbal in Zwitserland in 2008 (op of omstreeks 17 juni 2008) en/of (een gedeelte van) de daarmee verband houdende entree- en/of reis- en/of verblijfskosten ter waarde van afgerond 7.368,00 euro, althans enig geldbedrag en/of één of meer (uitnodiging(en) voor) (een) etentje(s), waaronder een etentje op of omstreeks 9 februari 2006 en/of een etentje op of omstreeks 17 maart 2006 (bij restaurant [restaurant 1] te Roermond) en/of (een) etentje(s) op of omstreeks 18 juni 2007 en/of 12 september 2007 (bij [restaurant 3] te Roermond) en/of bij een etentje op of omstreeks 24 januari 2008 (bij restaurant [restaurant 2] te Roermond) en/of een barbecue op of omstreeks 6 juli 2009 en/of een abonnement bij [bloemenwinkel] te Roermond (op of omstreeks 30 januari 2010) ter waarde van 45,00 euro, althans enig geldbedrag en/of bloemen van [bloemenwinkel] te Roermond (op of omstreeks 30 juni 2012) ter waarde van 125,00 euro, althans enig geldbedrag en/of één of meer donatie(s) aan/ten behoeve van fanfare [fanfare] voor een bedrag van 1.000,00 euro, althans enig geldbedrag (op of omstreeks 3 mei 2005) en/of één of meer donatie(s) aan/ten behoeve van [vereniging] voor een totaalbedrag van 7.000,00 euro, althans enig geldbedrag (op of omstreeks 16 juli 2007 en/of 2l juni 2010), althans enige gift en/of belofte heeft gedaan en/of enige dienst heeft verleend en/of aangeboden, zulks (1 °) (telkens) met het oogmerk om die [medeverdachte 2] te bewegen in zijn bediening, al dan niet in strijd met zijn plicht, iets te doen en/of na te laten en/of (2°) (telkens) ten gevolge en/of naar aanleiding van hetgeen door die [medeverdachte 2], in zijn huidige en/of vroegere bediening, al dan niet in strijd met zijn plicht, is gedaan en/of nagelaten, te weten (telkens) –zakelijk weergegeven-: het laten ontstaan en/of in stand houden en/of onderhouden en/of verbeteren van een zodanige relatie tussen enerzijds die [medeverdachte 2] en anderzijds verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) dat die [medeverdachte 2] tegenover verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) niet meer zo neutraal en/of zo vrij en/of onbeïnvloed en/of onafhankelijk en/of objectief was/kon zijn bij het nemen van beslissingen in relatie tot verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) als in het geval dat hij, verdachte en/of (één of meer van) zijn medeverdachte(n), die gift(en) en/of belofte(n) niet had(den) gedaan en/of die dienst(en) niet had(den) verleend en/of aangeboden en/of die [medeverdachte 2] die gift(en) en/of belofte(n) en/of die dienst(en) niet had aangenomen en/of het geven van een voorkeursbehandeling aan hem, verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) en/of het (anders dan om zakelijke redenen) begunstigen van hem, verdachte en/of één of meet aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) en/of het verstrekken/delen van geheime en/of vertrouwelijke en/of interne/gemeentelijke en/of niet-openbare en/of concurrentiegevoelige informatie aan/met hem, verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) en/of het (anders dan om zakelijke redenen) ten gunste van hem, verdachte en/of één o Tropez/Frankrijk (in de periode 10 april 2004 tot en met 11 augustus 2012) en /of (een gedeelte van) de daarmee verband houdende reis- en /of verblijfskosten ter waarde van afgerond 12.966,00 euro, althans enig geldbedrag en /of - één of meer bezoek ( en ) aan Berlijn (in 2006) en /of Londen (in 2007) en /of München (in 2007) en /of Lourdes (in 2010) en /of (een gedeelte van) de daarmee verband houdende reis- en /of verblijfskosten ter waarde van afgerond 14.333,00 euro, althans enig geldbedrag en /of - één of meer girale geldbedrag ( en ) groot 16.660,00 euro, althans één of meer girale geldbedrag(en) in en/of via [rechtspersoon A](in of omstreeks de maand augustus 2006 en/of september 2006 en /of februari 2007 en /of januari 2010 en /of februari 2010) en /of - een financiële bijdrage van 1.785,00 euro, althans enige financiële bijdrage aan de verkiezingscampagne voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2012 (in de vorm van een reclamezuil met billboard met de afbeelding van [persoon 1]) (op of omstreeks 9 november 2012), althans enige gift en/of belofte heeft gedaan en/of enige dienst heeft verleend en/of aangeboden , zulks (1°) (telkens) met het oogmerk om die [medeverdachte 1] te bewegen in zijn bediening, al dan niet in strijd met zijn plicht, iets te doen en/of na te laten en /of (2°) (telkens) ten gevolge en/of naar aanleiding van hetgeen door die [medeverdachte 1], in zijn huidige en/of vroegere bediening, al dan niet in strijd met zijn plicht, is gedaan en/of nagelaten, te weten (telkens) –zakelijk weergegeven-: - het laten ontstaan en /of in stand houden en /of onderhouden en /of verbeteren van een zodanige relatie tussen enerzijds die [medeverdachte 1] en anderzijds verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap ( pen ) dat die [medeverdachte 1] tegenover verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap ( pen ) niet meer zo neutraal en/of zo vrij en/of onbeïnvloed en/of onafhankelijk en/of objectief was/ kon zijn bij het nemen van beslissingen in relatie tot verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap ( pen ) als in het geval dat hij, verdachte en/of (één of meer van) zijn medeverdachte(n), die gift ( en ) en/of belofte(n) niet had (den) gedaan en/of die dienst(en) niet had(den) verleend en/of aangeboden en /of die [medeverdachte 1] die gift ( en ) en/of belofte(n) en/of die dienst(en) niet had aangenomen en /of - het geven van een voorkeursbehandeling aan hem, verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) en/of - het (anders dan om zakelijke redenen) begunstigen van hem, verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) en/of - het verstrekken/delen van geheime en/of vertrouwelijke en/of interne/gemeentelijke en/of niet-openbare en/of concurrentiegevoelige informatie aan/met hem, verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) en/of - het (anders dan om zakelijke redenen) ten gunste van hem, verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) verstrekken van (eenzijdige) informatie en/of het onthouden en/of achterhouden van informatie ten behoeve van/ter gelegenheid van besluitvormingsprocedures (binnen de gemeente Roermond) en/of - het (anders dan om zakelijke redenen) (adviseren tot het) verstrekken en/of (ver)gunnen en/of betalen door de gemeente Roermond van werken en/of opdrachten en/of projecten en/of gebouwen aan hem, verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) en/of - het (anders dan om zakelijke redenen) (adviseren tot het) door de gemeente Roermond laten aankopen van één of meer project(en) en/of werk(en) en/of grond(en) en/of gebouwen van hem, verdachte en/of één of meet aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) voor een (aanzienlijk) hoger bedrag dan in redelijkheid op dat moment in het economisch verkeer gangbaar was, althans voor een niet marktconforme prijs en/of - het (anders dan om zakelijke redenen) vergezellen van hem, verdachte en/of aan (zaaksdossier 03) dat hij op één of meer tijdstip ( pen ) in of omstreeks de periode van 3 mei 2005 tot en met 30 juni 2012, althans op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de jaren 2005 tot en met 2012 in de gemeente Roermond en/of elders in Nederland en /of in Duitsland en /of Zwitserland, alleen, althans tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), meermalen, althans eenmaal, een ambtenaar, te weten [medeverdachte 2], in zijn hoedanigheid van wethouder (van Financiën, Juridische Zaken en Eigendommen) van de gemeente Roermond en/of directeur van de [Rechtspersoon B]([Rechtspersoon B]), één of meer gift ( en ) en/of belofte(n) en/of dienst(en) , te weten –zakelijk weergegeven-: - één of meer bezoek ( en ) aan het WK voetbal in Duitsland in 2006 (op of omstreeks 21 juni 2006) en /of het EK voetbal in Zwitserland in 2008 (op of omstreeks 17 juni 2008) en /of (een gedeelte van) de daarmee verband houdende entree- en/of reis- en/of verblijfskosten ter waarde van afgerond 7.368,00 euro, althans enig geldbedrag en/of - één of meer (uitnodiging(en) voor) (een) etentje(s), waaronder een etentje op of omstreeks 9 februari 2006 en/of een etentje op of omstreeks 17 maart 2006 (bij restaurant [restaurant 1] te Roermond) en/of (een) etentje(s) op of omstreeks 18 juni 2007 en/of 12 september 2007 (bij [restaurant 3] te Roermond) en/of bij een etentje op of omstreeks 24 januari 2008 (bij restaurant [restaurant 2] te Roermond) en/of een barbecue op of omstreeks 6 juli 2009 en/of - een abonnement bij [bloemenwinkel] te Roermond (op of omstreeks 30 januari 2010) ter waarde van 45,00 euro, althans enig geldbedrag en/of - bloemen van [bloemenwinkel] te Roermond ( op of omstreeks 30 juni 2012) ter waarde van 125,00 euro, althans enig geldbedrag en /of - een of meer donatie (s) aan/ten behoeve van fanfare [fanfare] voor een bedrag van 1.000,00 euro, althans enig geldbedrag ( op of omstreeks 3 mei 2005) en /of - één of meer donatie ( s ) aan/ten behoeve van [vereniging] voor een totaalbedrag van 7.000,00 euro, althans enig geldbedrag ( op of omstreeks 16 juli 2007 en /of 2l juni 2010), althans enige gift en/of belofte heeft gedaan en/of enige dienst heeft verleend en/of aangebode n, zulks (1 °) (telkens) met het oogmerk om die [medeverdachte 2] te bewegen in zijn bediening, al dan niet in strijd met zijn plicht, iets te doen en/of na te laten en /of (2°) (telkens) ten gevolge en/of naar aanleiding van hetgeen door die [medeverdachte 2], in zijn huidige en/of vroegere bediening, al dan niet in strijd met zijn plicht, is gedaan en/of nagelaten, te weten (telkens) –zakelijk weergegeven-: - het laten ontstaan en /of in stand houden en /of onderhouden en /of verbeteren van een zodanige relatie tussen enerzijds die [medeverdachte 2] en anderzijds verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap ( pen ) dat die [medeverdachte 2] tegenover verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap ( pen ) niet meer zo neutraal en/of zo vrij en/of onbeïnvloed en/of onafhankelijk en/of objectief was/ kon zijn bij het nemen van beslissingen in relatie tot verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap ( pen ) als in het geval dat hij, verdachte en/of (één of meer van) zijn medeverdachte(n) , die gift ( en ) en/of belofte(n) niet had (den) gedaan en/of die dienst(en) niet had(den) verleend en/of aangeboden en /of die [medeverdachte 2] die gift ( en ) en/of belofte(n) en/of die dienst(en) niet had aangenomen en/of - het geven van een voorkeursbehandeling aan hem, verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) en/of - het (anders dan om zakelijke redenen) begunstigen van hem, verdachte en/of één of meet aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) en/of - het verstrekken/delen van geheime en/of vertrouwelijke en/of interne/gemeentelijke en/of niet-openbare en/of concurrentiegevoelige informatie aan/met hem, verdachte en/of één of meer aan verdachte gelieerde vennootschap(pen) en/of - het (an Hij was (indirect) bestuurder van [Rechtspersoon C], [Rechtspersoon D], [Rechtspersoon E], [Rechtspersoon F] en [Rechtspersoon G] Gelet op de verwevenheid tussen de verdachte privé en in diens hoedanigheid van directeur/bestuurder van de voornoemde aan hem gelieerde vennootschappen, wordt in het hierna volgende met “[verdachte]” of “de verdachte” bedoeld zowel de verdachte als privépersoon, als ook de verdachte als directeur/bestuurder, alsmede één van de voornoemde vennootschappen. In de tenlastegelegde periode liepen er diverse grote vastgoedprojecten in de gemeente Roermond van de verdachte of waar de verdachte bij betrokken was. Het gaat dan onder meer om de ontwikkeling van het Kazernevoorterrein (realisering van een ondergrondse parkeergarage en huisvesting van het stadsdeelkantoor), het Retailpark, het Multicultureel Zorgcentrum (ook wel Gebroeklaan of Aldilocatie genoemd) en de ECI Cultuurfabriek. 7.2 Feit 1 omkoping [medeverdachte 1] [medeverdachte 1] was in de periode van april 1998 tot 23 oktober 2012 ambtenaar en wethouder van de gemeente Roermond, met een portefeuille waarvan de kern bestond uit de onderwerpen volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en economische ontwikkelingen. Voordat [medeverdachte 1] wethouder werd zijn er door [medeverdachte 1] afspraken gemaakt, die ook mondeling zijn meegedeeld bij de start van de coalities van 1998. Die afspraken waren: - Nooit overleg zonder ambtenaren; - Nooit onderhandelingen of overleg over financiële zaken; altijd andere wethouders; - Bij kritiek is [medeverdachte 1] niet de aangewezen persoon maar de gemeentesecretaris e/o de Burgemeester. - Bij gezamenlijke familievakanties e/o reizen zal [medeverdachte 1] dat melden aan het College. De verdachte heeft verklaard dat hij globaal bekend was met de regels waar [medeverdachte 1] zich in het kader van de afspraken en de gedragscode van de gemeente Roermond aan diende te houden. 7.2.1 Giften Het doen van een gift (in de zin van de ambtelijke omkopingsbepalingen in het Wetboek van Strafrecht)kan volgens vaste rechtspraak worden beschouwd als elk overdragen aan een ander van iets dat voor deze materiële of immateriële waarde heeft. Van een persoonlijke bevoordeling hoeft geen sprake te zijn. Met dit juridisch kader voor ogen zal het hof hierna de tenlastegelegde giften bespreken. Bezoeken Ten aanzien van de in de tenlastelegging opgenomen bezoeken is op grond van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting wettig en overtuigend bewezen dat deze hebben plaatsgevonden. [medeverdachte 1] is in 2007, 2008, 2009 en 2010 met de verdachte naar de vastgoedbeurs Expo Real in München gereisd en heeft samen met de verdachte aldaar verbleven. In 2008, 2009 en 2010 is [medeverdachte 1] samen met de verdachte naar Cannes gereisd en heeft daar in een hotel verbleven ten tijde van de vastgoedbeurs (Mipim). Voorts heeft [medeverdachte 1] op uitnodiging van de verdachte in 2006 een wedstrijd van het Nederlands elftal tijdens het WK-voetbal in Duitsland en in 2008 drie wedstrijden van het Nederlands elftal tijdens het EK-voetbal in Zwitserland bijgewoond. [medeverdachte 1] is in genoemde periode een aantal keer per jaar naar de vakantiewoning van de verdachte in St. Tropez gereisd en heeft daar verbleven. Samen met de verdachte heeft [medeverdachte 1] in 2006 Berlijn en in 2007 Londen en München bezocht. In 2010 heeft [medeverdachte 1] samen met de echtgenote van de verdachte Lourdes bezocht, welke reis door de verdachte is betaald. Voor voornoemde bezoeken geldt dat de reis- en verblijfkosten door de verdachte zijn betaald. Weliswaar heeft [medeverdachte 1] in een aantal gevallen achteraf een bijdrage in die kosten aan de verdachte betaald, maar die bijdragen dekten slechts een deel van de gemaakte kosten. Door de raadsman is aangevoerd dat de giften aan [medeverdachte 1] door de verdachte in de privésfeer zijn gedaan, nu hij en [medeverdachte 1] goede vrienden zijn. Het hof zal op dat laatste verderop onder 7.2.3 nog nader in gaan, ma 7.2.2 Oogmerk en opzet De verdachte ontkent dat hij met zijn giften aan [medeverdachte 1] de bedoeling had om [medeverdachte 1] te bewegen tot een handelen of nalaten in zijn functie van wethouder dan wel dat hij de giften heeft gedaan ten gevolge en/of naar aanleiding van hetgeen [medeverdachte 1] heeft gedaan en/of nagelaten. De giften deed de verdachte uit vriendschap: hij en [medeverdachte 1] zijn sinds vele jaren goede vrienden. Op basis van de voorhanden wettige bewijsmiddelen zal het hof beoordelen of de conclusie gerechtvaardigd is dat uit het handelen van de verdachte op grond van de uiterlijke verschijningsvorm en de feiten en omstandigheden van en rondom de giften volgt dat de verdachte met het doen van de giften het oogmerk had om [medeverdachte 1] te bewegen iets te doen en/of na te laten en/of de verdachte opzettelijk de giften heeft gedaan ten gevolge en /of naar aanleiding van hetgeen [medeverdachte 1] heeft gedaan en/of nagelaten in zijn bediening. Daarbij is de omvang en de aard van de giften en het moment waarop de giften zijn gedaan van belang. Wat betreft de aard en de omvang van de giften is het hof gebleken dat er geen sprake geweest is van een eenmalig aan [medeverdachte 1] geschonken grote som geld of een periodiek geldbedrag dat de verdachte aan [medeverdachte 1] heeft gegeven. Het gaat in deze om door de verdachte gedane betalingen ten behoeve van [medeverdachte 1], in de periode dat [medeverdachte 1] wethouder was, gedurende een aantal jaren, waaronder meerdere reizen, soms per privévliegtuig of helikopter, verblijf in hotels, etentjes en kaarten voor voetbalwedstrijden en beurzen, en financiële bijdragen aan [rechtspersoon A] en ten behoeve van de reclamezuil. Het hierdoor door [medeverdachte 1] genoten voordeel had meer dan een beperkte omvang. Zo ging het bij de bezoeken aan WK- en EK-voetbalwedstrijden en de vastgoedbeurzen in Cannes en München om enkele duizenden euro’s per bezoek. Het betrof bovendien een aantal jaarlijks terugkerende giften, gedurende een geruime periode van circa acht jaar. Op het moment dat de verdachte de betreffende giften deed was de verdachte, zoals hiervoor al is aangehaald, betrokken bij een aantal grote projecten binnen de gemeente Roermond, waarmee voor hem grote financiële belangen waren gemoeid. De verdachte en [medeverdachte 1] hadden door deze projecten in die periode intensief zakelijk contact en een nauwe samenwerking. Dit blijkt onder meer uit de verslagen van de diverse overleggen die in de ten laste gelegde periode werden gevoerd. In dit kader is van belang dat de verdachte, gelet op het verkrijgen en de voortgang van voornoemde projecten, gebaat was bij een goede relatie met de gemeente Roermond en met [medeverdachte 1] in het bijzonder. [medeverdachte 1] besliste weliswaar niet alleen, de gemeentelijke besluitvorming was in handen van het college van B&W, maar hij was betrokken bij de besluitvorming en als wethouder -onder meer- verantwoordelijk voor ruimtelijke ordening en economische ontwikkelingen. Illustratief voor de relatie en de samenwerking tussen de verdachte en [medeverdachte 1] is naar het oordeel van het hof een aantal voorbeelden uit het dossier waarin naar voren komt hoe de verdachte en [medeverdachte 1] samenwerkten en hoe de verdachte voor [medeverdachte 1] van nut was c.q. kon zijn. Zo is er een aantal schriftelijke stukken van [persoon 2] (een naaste medewerker van de verdachte) waaruit blijkt dat er tijdens het verblijf in St. Tropez tussen de verdachte en [medeverdachte 1], overigens zonder dat daar ambtenaren bij waren, over lopende projecten werd gesproken. Daarbij werden kennelijk door de verdachte en [medeverdachte 1] informatie en standpunten uitgewisseld. Lopende projecten werden ook besproken tijdens periodieke overleggen waarbij, blijkens de daarvan gemaakte verslagen, aanwezig waren de verdachte, wethouder [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] met voornoemde [persoon 2]. Getuige [getuige 1], destijds werkzaam bij de gemee Het hof is, anders dan het Openbaar Ministerie, van oordeel dat (voor het overige) niet is gebleken van een concrete gunst of tegenprestatie die [medeverdachte 1] zou hebben gegeven in ruil voor de giften van de verdachte. Weliswaar komt uit het dossier het beeld naar voren dat de verdachte voordeel heeft gehad bij de besluitvorming door de gemeente, maar noch uit het onderzoek ter terechtzitting, noch uit het dossier kan in bewijsrechtelijk voldoende overtuigende zin worden afgeleid dat de verdachte daadwerkelijk door [medeverdachte 1] is bevoordeeld. Aan een zodanige conclusie staat niet alleen de collegiale besluitvorming binnen de gemeente in de weg, maar ook de inhoud van de (bij de rechter-commissaris afgelegde) verklaringen van ambtenaren en leden van het college van B & W. Velen daarvan hebben aangegeven dat zij niet gemerkt hebben dat [medeverdachte 1] de verdachte of andere ondernemers daadwerkelijk heeft voorgetrokken of op een andere manier heeft begunstigd. 7.2.3 Verweer: vriendschap Door de raadsman is naar voren gebracht dat de verdachte en [medeverdachte 1] sinds lange tijd goede vrienden zijn en dat er geen sprake is van giften en gunsten gelegen buiten het kader van vriendschap. De giften dienen in dat licht te worden bezien en van omkoping is dan ook geen sprake. Het hof onderkent dat de verdachte en [medeverdachte 1] sinds lange tijd bevriend waren en een hechte vriendschap hebben. De vraag die beantwoord dient te worden is of deze vriendschap in dit geval de hierboven voorhands getrokken conclusie ontzenuwt. Het hof overweegt hieromtrent, in aanvulling van hetgeen hiervoor reeds is overwogen omtrent de giften en de redenen waarom deze zijn gedaan, het volgende. Tussen de verdachte en [medeverdachte 1] bestond in de bewezenverklaarde periode een intensieve zakelijke en een hechte vriendschappelijke relatie. Deze twee hoedanigheden zijn evenwel niet goed te scheiden en lopen in elkaar over. De verdachte en [medeverdachte 1] hebben er zelf geen (strikte) scheiding in aangebracht. Dit volgt bijvoorbeeld uit de eerder genoemde notities van [persoon 2] betreffende de te bespreken zaken in de vakantiewoning in St. Tropez, uit het bezoek aan de eindejaars bijeenkomst van [persoon 4] tijdens een stedentrip naar Londen in december 2007 en de meldingen van de bezoeken aan de vastgoedbeurzen. Daarvoor kan ook niet bepalend zijn dat de verdachte en [medeverdachte 1] achteraf bepaalde bezoeken als louter vriendschappelijk hebben aangemerkt. Hieraan doet niet af dat de vriendschap tussen de verdachte en [medeverdachte 1] algemeen bekend was, dat [medeverdachte 1] de bezoeken, zoals afgesproken, altijd heeft gemeld aan het College van B&W en dat er nooit bezwaar gemaakt is. Het hof zal dan ook geen scheiding tussen vriendschappelijke en zakelijke bezoeken aanbrengen. De omstandigheid dat de verdachte en [medeverdachte 1] vrienden zijn, kan geen rechtvaardiging vormen voor het feit dat de verdachte de hierboven omschreven giften heeft gedaan. Dat de giften geheel zonder bijbedoeling zijn gedaan acht het hof, gelet op de uiterlijke verschijningsvorm zoals hierboven weergegeven, niet aannemelijk geworden. Het voorgaande maakt dat de vriendschap tussen de verdachte en [medeverdachte 1] geen ander licht werpt op de giften en de redenen waarom deze giften werden gedaan. Het verweer hieromtrent wordt verworpen. 7.3 Feit 2: omkoping [medeverdachte 2] [medeverdachte 2] was ambtenaar en van mei 2002 tot 1 februari 2010 wethouder Financiën, Juridische Zaken en Eigendommen bij de gemeente Roermond. Per laatstgenoemde datum werd hij benoemd als directeur van [Rechtspersoon B], welke [Rechtspersoon B] taken van gemeenten uitoefent met betrekking tot (onder meer de aan- en verkoop en exploitatie van) bedrijventerreinen. Uit openbare publicaties van [Rechtspersoon B] blijkt dat de aandelen van deze besloten vennootschap in handen zijn van een aantal publiekrechtelijke overheidsinstanties, waaronder de gemeente Roermond. Uit het v Evenals hiervoor ten aanzien van feit 1 zal het hof ook voor dit feit op basis van de voorhanden wettige bewijsmiddelen beoordelen of de conclusie gerechtvaardigd is dat het handelen van de verdachte op grond van de uiterlijke verschijningsvorm niet anders kan worden gekwalificeerd als zijnde gedaan met het oogmerk om [medeverdachte 2] te bewegen in zijn bediening iets te doen en/of na te laten dan wel is gedaan ten gevolge en/of naar aanleiding van hetgeen door [medeverdachte 2] in zijn bediening is gedaan en/of nagelaten. Daarbij is de omvang en de aard van de giften, alsmede het moment waarop de giften zijn gedaan naar het oordeel van het hof van belang. Wat betreft de aard en de omvang van de giften is er sprake geweest van door de verdachte gedane betalingen ten behoeve van [medeverdachte 2], in de periode dat hij wethouder was, te weten entree- en/of reis- en/of verblijfkosten ten behoeve van de voetbalreizen. Het hierdoor door de verdachte genoten voordeel had meer dan een beperkte omvang, het ging immers in totaal om meer dan € 7.000,-. Daarbij komen dan ook nog de giften aan de [vereniging] en de fanfare, eveneens zo’n € 7.000,-. De verdachte heeft nog verklaard dat hij met het sturen van bloemen ter gelegenheid van de verjaardag van [medeverdachte 2] attent wilde zijn. Het hof overweegt dat op zichzelf bezien een gift van bloemen ter waarde van € 125,- ter gelegenheid van de verjaardag als een aardige geste zou kunnen worden beschouwd, maar dat in het licht van de overige giften, in onderlinge samenhang bezien, ook dit als gift in de beoordeling betrokken moet worden. Dit blijkt onder meer uit de verslagen van de diverse overleggen die in de ten laste gelegde periode werden gevoerd tussen de gemeente en de verdachte, waaraan [medeverdachte 2] ook regelmatig deelnam. De verdachte had naar het oordeel van het hof een groot belang bij het op goede voet blijven en bij het tot stand brengen en in stand houden van een goede relatie met [medeverdachte 2], als wethouder van de gemeente Roermond (gelet op diens portefeuille en ook zijn betrokkenheid bij een aantal projecten van de verdachte) en ook als directeur van [Rechtspersoon B]. Deze besloten vennootschap hield zich immers onder andere bezig met de aan- en verkoop en de exploitatie van bedrijventerreinen in onder andere de gemeente Roermond en kon als zodanig van belang zijn voor de verdachte. De verdachte heeft verklaard dat hij globaal bekend was met de regels waar [medeverdachte 1] zich in het kader van de gedragscode van de gemeente Roermond diende te houden. Naar het oordeel van het hof kan hier uit worden afgeleid dat de verdachte op de hoogte was van het bestaan van de gedragscode van de gemeente Roermond waar wethouders in het algemeen (zo ook [medeverdachte 2]) zich aan dienden te houden. Naar het oordeel van het hof kunnen de gedragingen van de verdachte zoals hiervoor weergegeven naar hun uiterlijke verschijningsvorm worden aangemerkt als zijnde zo zeer gericht op het bewegen van de ambtenaar en wethouder [medeverdachte 2] tot een doen dan wel een nalaten in strijd met zijn ambtelijke plicht om het laten ontstaan, in stand houden, onderhouden en verbeteren van een zodanige relatie met [medeverdachte 2], dat [medeverdachte 2] tegenover de verdachte niet meer zo onafhankelijk kon zijn bij het nemen van beslissingen in relatie tot de verdachte, dat het niet anders kan zijn dan dat het oogmerk van de verdachte daarop gericht is geweest. Voornoemde uiterlijke verschijningsvorm kan evenzeer worden aangemerkt als zijnde zo zeer gericht op – kort gezegd – het belonen van [medeverdachte 2] naar aanleiding van wat [medeverdachte 2] in strijd met zijn ambtelijke plicht in het verleden heeft gedaan of nagelaten ten gunste van de verdachte, dat het niet anders kan zijn dan dat het opzet van de verdachte ook daarop gericht is geweest. In dit verband is voor het hof niet alleen van belang de hoeveelheid en de frequentie van de giften, de omvang daarvan en de tijdstippen waa Dit is ook waarom de grenzen, die met betrekking tot integriteit aan ambtenaren gesteld kunnen worden, bewaakt moeten worden. In geval van overschrijding van die grenzen, behoort (ook) ten aanzien van degene die de integriteit van (hoge) ambtenaren door het geven van giften aantast, een procedure als de onderhavige te volgen. De verdachte heeft evenwel, door aldus te handelen voornamelijk oog gehad voor zijn eigen, financiële belangen, dan wel die van zijn ondernemingen. Met het doen van de giften aan [medeverdachte 1] is de verdachte veel te ver gegaan. Als de vriendschap tussen [medeverdachte 1] en de verdachte voor hem zo belangrijk was geweest, dan had van de verdachte mogen worden verlangd dat hij zakelijk afstand van [medeverdachte 1] had gehouden. De verdachte heeft verklaard dat hij globaal op de hoogte was van de gedragscode van de gemeente Roermond en kon dan ook weten dat hij [medeverdachte 1] in de problemen zou kunnen brengen door het telkens doen van giften op tijdstippen dat grote vastgoedprojecten bij de gemeente Roermond liepen of moesten worden aanbesteed. Niet is gebleken dat de verdachte op enig moment gedurende de tenlastegelegde periode daar naar gehandeld heeft. Gelet op hetgeen in andere, in omvang en ernst vergelijkbare zaken aan straf pleegt te worden opgelegd, acht het hof in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van geruime duur passend. Gelet op de volgende feiten en omstandigheden zal het hof daar echter niet toe overgaan. Het hof heeft acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 23 oktober 2017 waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van soortgelijke en andersoortige strafbare feiten. Het hof houdt rekening met de gevorderde leeftijd van de verdachte. Voorts houdt het hof rekening met de grote impact die deze zaak onmiskenbaar op de verdachte, zowel privé als zakelijk, heeft gehad. De verdachte heeft zowel ter terechtzitting in eerste aanleg als in hoger beroep verklaard dat hij forse orders is misgelopen als gevolg van de verdenking en de veroordeling door de rechtbank. Het hof heeft geen reden om hieraan te twijfelen. De publiciteit die deze zaak met zich heeft gebracht is bovendien enorm geweest. De raadsman heeft zich beroepen op de overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM. Hij heeft daartoe aangevoerd dat de zaak vanaf het begin tot heden 59 maanden en derhalve langer dan vier jaren heeft geduurd. Het hof overweegt in dat verband dat het hier gaat om een zeer uitgebreide en ingewikkelde zaak met een complexe bewijsvraag, die nauw samenhangt met de zaak van de medeverdachte [medeverdachte 1]. De rijksrecherche, de rechter-commissaris en de raadsheer-commissaris hebben, ook op verzoek van de raadsman, tientallen getuigen gehoord. Onder die omstandigheden is het hof van oordeel dat de redelijke termijn niet is geschonden. Gelet op het bovenstaande zal het hof – alles afwegende - de verdachte een voorwaardelijke gevangenisstraf opleggen voor de duur van negen maanden, met een proeftijd van twee jaren. Voorts zal het hof aan de verdachte een geldboete van € 40.000,-, subsidiair 235 dagen hechtenis, opleggen. Daarmee geeft het hof enerzijds uitdrukking aan de aard en ernst van de bewezenverklaarde feiten en de daarmee gepaard gaande schending van de integriteit van het openbaar bestuur en houdt het anderzijds sterk rekening met de hierboven aangegeven feiten en omstandigheden. Bij de bepaling van de hoogte van de geldboete heeft het hof rekening gehouden met de draagkracht van de verdachte. 11 Toepasselijke wettelijke voorschriften Het hof heeft gelet op de artikelen 1, 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24c, 57 en 177 van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij rechtens gelden dan wel golden. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht: Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan. Verkl