Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
2026-03-05
ECLI:NL:GHARL:2026:2337
Strafrecht
Hoger beroep
3,979 tokens
Volledig
ECLI:NL:GHARL:2026:2337 text/xml public 2026-05-15T09:33:09 2026-04-20 Raad voor de Rechtspraak nl Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2026-03-05 P25/384 Uitspraak Hoger beroep Raadkamer NL Arnhem Strafrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2026:2337 text/html public 2026-05-15T09:32:44 2026-05-15 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:GHARL:2026:2337 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 05-03-2026 / P25/384 TBS. Vernietiging. Het hof verlengt de terbeschikkingstelling met één jaar. Aanleiding om af te wijken van het uitgangspunt om de ontwikkelingen en de voortgang in het traject op een kortere termijn te kunnen toetsen. Wijziging van de voorwaarden. TBS P25/384 Beslissing van 5 maart 2026 De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van [terbeschikkinggestelde] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1969, verblijvende [instelling] , aan de [adres] , verder te noemen: de terbeschikkinggestelde. Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Rotterdam van 17 oktober 2025. Deze beslissing houdt in de verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar en wijziging van de voorwaarden. Het hof heeft gelet op dezelfde stukken als de rechtbank en daarnaast op: - het proces-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg; - de beslissing waarvan beroep; - de akte van 24 oktober 2025 waarbij de terbeschikkinggestelde beroep heeft ingesteld; - een emailbericht van de raadsman van 3 februari 2026, met als bijlage een brief van de terbeschikkinggestelde van 3 februari 2026; - de aanvullende informatie van Reclassering Nederland te Zwolle van 13 februari 2026. Het hof heeft ter zitting van 19 februari 2026 gehoord de advocaat-generaal, mr. H.J. Lambers, en de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsman, mr. J.A.W. Knoester, advocaat te 's-Gravenhage. Overwegingen Het standpunt van de terbeschikkinggestelde Het hoger beroep is niet gericht tegen de verlenging van de terbeschikkingstelling als zodanig, maar tegen de duur van de verlenging. Bij de terbeschikkinggestelde is onder meer sprake van een autismespectrumstoornis. Hierdoor heeft hij moeite met communicatie. Hij neemt alles letterlijk en dan kan er gemakkelijk ruis ontstaan in de communicatie. De vraag is of hij bij de overgang naar [instelling] heeft begrepen wat er allemaal zou gebeuren, waar hij zich aan moest houden en waarvoor hij heeft getekend. Zo was hij het niet eens met de risico-taxatie. Deze was in eerste instantie gebaseerd op oude taxaties van de Forensische Psychiatrische Kliniek (FPK) [plaats] in plaats van dat er was gekeken naar de meest gunstige taxatie van Forensische Psychiatrische Afdeling (FPA) [plaats] . Nadat de terbeschikkinggestelde zich hierover heeft uitgesproken heeft hij gelijk gekregen. Volgens de reclassering vormt de houding van de terbeschikkinggestelde een belemmering voor behandelresultaat en samenwerking. Het klopt dat er sprake is van een ingewikkelde dynamiek tussen [instelling] en de terbeschikkinggestelde, maar dit ligt niet alleen aan hem. Ook is het nog onduidelijk hoe het verdere traject eruit zal gaan zien. De raadsman heeft daarom verzocht om de verlenging van de maatregel te beperken tot een jaar met de door de rechtbank gewijzigde voorwaarden. Het is van belang om de vaart in het traject te houden en dat er op kortere termijn een toetsmoment komt. Het standpunt van het openbaar ministerie De problematiek van de terbeschikkinggestelde is nog onverminderd aanwezig, net zoals het recidivegevaar. Gelet hierop is voldaan aan de voorwaarden voor verlenging van de maatregel en is voortzetting van de maatregel geïndiceerd. Uit de aanvullende informatie van de reclassering volgt dat er een zorgelijke ontwikkeling zichtbaar is in het behandelverloop van de terbeschikkinggestelde. De terbeschikkinggestelde vertoont wisselend gedrag. Er is sprake van beperkt probleeminzicht en van een blijvend hoog recidiverisico. De verwachting is dat het behandel- en resocialisatietraject meer tijd in beslag neemt dan de tijd die resteert bij de verlenging met een jaar. De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot bevestiging van de beslissing waarvan beroep met de door de rechtbank gewijzigde voorwaarden. Het oordeel van het hof Vernietiging Het hof zal de beslissing van de rechtbank vernietigen omdat het tot een andere verlengingsbeslissing komt. Indexdelict Bij arrest van 11 april 2019 heeft het gerechtshof Den Haag aan de terbeschikkinggestelde de maatregel van terbeschikkingstelling met voorwaarden opgelegd voor - de eendaadse samenloop van met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd en met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen, meermalen gepleegd; - een afbeelding of gegevensdrager bevattende afbeeldingen van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, vervaardigen en in bezit hebben, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt; - met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd. Dit zijn misdrijven die gericht zijn tegen en/of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van personen. Stoornis en recidivegevaar Bij de terbeschikkinggestelde is sprake van een autismespectrumstoornis, een pedofiele stoornis van het niet exclusieve type, aangetrokken tot meisjes en een andere gespecificeerde parafiele stoornis (hyperseksualiteit) in remissie. Binnen het huidige kader wordt het recidiverisico als laag ingeschat. Bij beëindiging van de terbeschikkingstelling met voorwaarden kan het recidiverisico oplopen tot matig. Verlenging Gelet op de advisering en op hetgeen overigens op de zitting naar voren is gekomen, stelt het hof vast dat de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de maatregel vereist. Duur van de verlenging Volgens de aanvullende informatie van de reclassering is er sprake van een zorgelijke ontwikkeling in het behandelverloop van de terbeschikkinggestelde. Er is sprake van een hardnekkig gebrek aan ziekte-inzicht en van een beperkte motivatie om te werken aan risicofactoren. De terbeschikkinggestelde toont wisselend gedrag, hij ontkent of minimaliseert risico’s en hij zet zich met wisselend succes in voor behandeling. Zijn houding vormt een belemmering voor behandelresultaat en samenwerking met het team. Gezien zijn hoge risicoprofiel en het uitblijven van ontwikkeling op behandelinhoud, acht de reclassering het (momenteel) niet verantwoord om toe te werken naar zelfstandige huisvesting. Uit het pro justitia rapport van psycholoog [psycholoog] van 7 juli 2025 volgt dat de terbeschikkinggestelde vanuit zijn autismespectrumstoornis moeite heeft met het aangaan van gelijkwaardige relaties en dat hij zich moeilijk kan verplaatsen in een ander. De psycholoog acht het recidiverisico binnen het huidige kader, waarin de terbeschikkinggestelde begeleid woont en met toezicht van de reclassering, laag. Verder volgt uit het rapport dat er nog veel onduidelijk is over de uitstroom van de terbeschikkinggestelde. De verwachting is daarom dat de terbeschikkingstelling niet over een jaar beëindigd kan worden. Omdat er echter onzekerheid is over het uitstroomtraject en er snelheid in het traject en in de opbouw van vrijheden moet blijven en het risico bestaat dat de terbeschikkinggestelde vanwege zijn zedenachtergrond en autismespectrumstoornis lastig te plaatsen is, acht de psycholoog het van belang dat het verloop van de behandeling en het traject goed gemonitord wordt. Daarom heeft de psycholoog geadviseerd om de maatregel met één jaar te verlengen.
Volledig
ECLI:NL:GHARL:2026:2337 text/xml public 2026-05-15T09:33:09 2026-04-20 Raad voor de Rechtspraak nl Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 2026-03-05 P25/384 Uitspraak Hoger beroep Raadkamer NL Arnhem Strafrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2026:2337 text/html public 2026-05-15T09:32:44 2026-05-15 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:GHARL:2026:2337 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 05-03-2026 / P25/384 TBS. Vernietiging. Het hof verlengt de terbeschikkingstelling met één jaar. Aanleiding om af te wijken van het uitgangspunt om de ontwikkelingen en de voortgang in het traject op een kortere termijn te kunnen toetsen. Wijziging van de voorwaarden. TBS P25/384 Beslissing van 5 maart 2026 De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van [terbeschikkinggestelde] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1969, verblijvende [instelling] , aan de [adres] , verder te noemen: de terbeschikkinggestelde. Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Rotterdam van 17 oktober 2025. Deze beslissing houdt in de verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar en wijziging van de voorwaarden. Het hof heeft gelet op dezelfde stukken als de rechtbank en daarnaast op: - het proces-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg; - de beslissing waarvan beroep; - de akte van 24 oktober 2025 waarbij de terbeschikkinggestelde beroep heeft ingesteld; - een emailbericht van de raadsman van 3 februari 2026, met als bijlage een brief van de terbeschikkinggestelde van 3 februari 2026; - de aanvullende informatie van Reclassering Nederland te Zwolle van 13 februari 2026. Het hof heeft ter zitting van 19 februari 2026 gehoord de advocaat-generaal, mr. H.J. Lambers, en de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsman, mr. J.A.W. Knoester, advocaat te 's-Gravenhage. Overwegingen Het standpunt van de terbeschikkinggestelde Het hoger beroep is niet gericht tegen de verlenging van de terbeschikkingstelling als zodanig, maar tegen de duur van de verlenging. Bij de terbeschikkinggestelde is onder meer sprake van een autismespectrumstoornis. Hierdoor heeft hij moeite met communicatie. Hij neemt alles letterlijk en dan kan er gemakkelijk ruis ontstaan in de communicatie. De vraag is of hij bij de overgang naar [instelling] heeft begrepen wat er allemaal zou gebeuren, waar hij zich aan moest houden en waarvoor hij heeft getekend. Zo was hij het niet eens met de risico-taxatie. Deze was in eerste instantie gebaseerd op oude taxaties van de Forensische Psychiatrische Kliniek (FPK) [plaats] in plaats van dat er was gekeken naar de meest gunstige taxatie van Forensische Psychiatrische Afdeling (FPA) [plaats] . Nadat de terbeschikkinggestelde zich hierover heeft uitgesproken heeft hij gelijk gekregen. Volgens de reclassering vormt de houding van de terbeschikkinggestelde een belemmering voor behandelresultaat en samenwerking. Het klopt dat er sprake is van een ingewikkelde dynamiek tussen [instelling] en de terbeschikkinggestelde, maar dit ligt niet alleen aan hem. Ook is het nog onduidelijk hoe het verdere traject eruit zal gaan zien. De raadsman heeft daarom verzocht om de verlenging van de maatregel te beperken tot een jaar met de door de rechtbank gewijzigde voorwaarden. Het is van belang om de vaart in het traject te houden en dat er op kortere termijn een toetsmoment komt. Het standpunt van het openbaar ministerie De problematiek van de terbeschikkinggestelde is nog onverminderd aanwezig, net zoals het recidivegevaar. Gelet hierop is voldaan aan de voorwaarden voor verlenging van de maatregel en is voortzetting van de maatregel geïndiceerd. Uit de aanvullende informatie van de reclassering volgt dat er een zorgelijke ontwikkeling zichtbaar is in het behandelverloop van de terbeschikkinggestelde. De terbeschikkinggestelde vertoont wisselend gedrag. Er is sprake van beperkt probleeminzicht en van een blijvend hoog recidiverisico. De verwachting is dat het behandel- en resocialisatietraject meer tijd in beslag neemt dan de tijd die resteert bij de verlenging met een jaar. De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot bevestiging van de beslissing waarvan beroep met de door de rechtbank gewijzigde voorwaarden. Het oordeel van het hof Vernietiging Het hof zal de beslissing van de rechtbank vernietigen omdat het tot een andere verlengingsbeslissing komt. Indexdelict Bij arrest van 11 april 2019 heeft het gerechtshof Den Haag aan de terbeschikkinggestelde de maatregel van terbeschikkingstelling met voorwaarden opgelegd voor - de eendaadse samenloop van met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd en met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen, meermalen gepleegd; - een afbeelding of gegevensdrager bevattende afbeeldingen van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, vervaardigen en in bezit hebben, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt; - met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd. Dit zijn misdrijven die gericht zijn tegen en/of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van personen. Stoornis en recidivegevaar Bij de terbeschikkinggestelde is sprake van een autismespectrumstoornis, een pedofiele stoornis van het niet exclusieve type, aangetrokken tot meisjes en een andere gespecificeerde parafiele stoornis (hyperseksualiteit) in remissie. Binnen het huidige kader wordt het recidiverisico als laag ingeschat. Bij beëindiging van de terbeschikkingstelling met voorwaarden kan het recidiverisico oplopen tot matig. Verlenging Gelet op de advisering en op hetgeen overigens op de zitting naar voren is gekomen, stelt het hof vast dat de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de maatregel vereist. Duur van de verlenging Volgens de aanvullende informatie van de reclassering is er sprake van een zorgelijke ontwikkeling in het behandelverloop van de terbeschikkinggestelde. Er is sprake van een hardnekkig gebrek aan ziekte-inzicht en van een beperkte motivatie om te werken aan risicofactoren. De terbeschikkinggestelde toont wisselend gedrag, hij ontkent of minimaliseert risico’s en hij zet zich met wisselend succes in voor behandeling. Zijn houding vormt een belemmering voor behandelresultaat en samenwerking met het team. Gezien zijn hoge risicoprofiel en het uitblijven van ontwikkeling op behandelinhoud, acht de reclassering het (momenteel) niet verantwoord om toe te werken naar zelfstandige huisvesting. Uit het pro justitia rapport van psycholoog [psycholoog] van 7 juli 2025 volgt dat de terbeschikkinggestelde vanuit zijn autismespectrumstoornis moeite heeft met het aangaan van gelijkwaardige relaties en dat hij zich moeilijk kan verplaatsen in een ander. De psycholoog acht het recidiverisico binnen het huidige kader, waarin de terbeschikkinggestelde begeleid woont en met toezicht van de reclassering, laag. Verder volgt uit het rapport dat er nog veel onduidelijk is over de uitstroom van de terbeschikkinggestelde. De verwachting is daarom dat de terbeschikkingstelling niet over een jaar beëindigd kan worden. Omdat er echter onzekerheid is over het uitstroomtraject en er snelheid in het traject en in de opbouw van vrijheden moet blijven en het risico bestaat dat de terbeschikkinggestelde vanwege zijn zedenachtergrond en autismespectrumstoornis lastig te plaatsen is, acht de psycholoog het van belang dat het verloop van de behandeling en het traject goed gemonitord wordt. Daarom heeft de psycholoog geadviseerd om de maatregel met één jaar te verlengen.