Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
2025-03-13
ECLI:NL:GHARL:2025:1457
Civiel recht; Personen- en familierecht
Hoger beroep
2,247 tokens
Inleiding
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Arnhem
afdeling civiel
zaaknummer gerechtshof 200.332.106
zaaknummer rechtbank Midden-Nederland 10367995
beschikking van 13 maart 2025
inzake
BilancioBudget B.V. (Bilancio)
gevestigd in Voorthuizenadvocaten: mr. D.J. Wolf en mr. K.M. Roos
en
Axilius Bewindvoering B.V. (Axilius)
gevestigd te Utrecht
wettelijk vertegenwoordiger van [naam2] (artikel 1:441 lid 1 BW)
advocaat: mr. A.C. de Bakker
1Het verdere verloop van de procedure in hoger beroep
1.1.
Het verdere verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit:
de tussenbeschikking van 8 oktober 2024
het verweerschrift van [naam2] met producties
een nader stuk van Bilancio (productie 10)
het verslag (proces-verbaal) van de mondelinge behandeling van 20 februari 2025
1.2.
Het hof slaat geen acht op de stukken die zijn overgelegd door [naam1] namens [naam2] , omdat [naam2] niet procesbekwaam is en in deze procedure wordt vertegenwoordigd door Axilius. Het hof betrekt wel de verklaring van erfrecht die [naam1] heeft ingediend bij de processtukken.
2De kern van de zaak
2.1.
Over de goederen van [naam2] (rechthebbende) is op 19 april 2007 een bewind ingesteld.
2.2.
Aan de rechthebbende is schuldhulpverlening gegeven op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Met alle schuldeisers van rechthebbende is geregeld dat gedurende drie jaar vanaf 26 juni 2018 een deel van de schulden van rechthebbende wordt afgelost en dat de schuldeisers na verloop van drie jaar het restant van de schulden kwijtschelden. Zo is geschied. Op 30 augustus 2021 is aan de schuldeisers van rechthebbende een deel van hun vordering betaald. De schuldeisers hebben het restant van de schulden van rechthebbende kwijtgescholden en hebben hem finale kwijting verleend voor de betaling daarvan.
2.3.
Op 10 april 2020 is een tante van rechthebbende (hierna: de tante) overleden. De rechthebbende is erfgenaam in haar nalatenschap voor het een/zevende onverdeeld aandeel.
2.4.
Bilancio is met ingang van 1 juli 2020 benoemd tot bewindvoerder. Bilancio heeft op 17 augustus 2020 namens rechthebbende de nalatenschap van de tante beneficiair aanvaard. Bilancio heeft namens rechthebbende een volmacht gegeven aan een broer van rechthebbende om hem te vertegenwoordigen ter zake van het beheer en de vereffening van de nalatenschap van de tante. Dit is te lezen in de notariële verklaring van erfrecht die op 10 juni 2021 is afgegeven. Op 13 april 2022 is aan rechthebbende via Bilancio een aanslag erfbelasting opgelegd van € 36.728. De fiscale verkrijging van rechthebbende is volgens de aanslag € 124.635. De broer van rechthebbende heeft deze aanslag betaald uit de middelen van de nalatenschap waarover hij mede namens rechthebbende het beheer had en dat aan Bilancio laten weten.
2.5.
Bilancio is met ingang van 16 december 2022 ontslagen als bewindvoerder; Axilius is benoemd tot opvolgend bewindvoerder. Op 17 mei 2023 is € 203.098 aan de rechthebbende betaald als voorschot op zijn erfdeel.
2.6.
De kantonrechter heeft in zijn beschikking van 12 juni 2023 op voet van artikel 1:362 BW ambtshalve:
voor recht verklaard dat Bilancio tekort is geschoten in de zorg van een goed bewindvoerder, doordat zij niet heeft toegezien op de afwikkeling van de nalatenschap van de tante en het bestaan van deze nalatenschap niet heeft gemeld aan de schuldeisers van rechthebbende of zijn schuldhulpverlener; en
Bilancio veroordeeld tot vergoeding van de door rechthebbende geleden en te lijden schade, vermeerderd met de wettelijke rente.
2.7.
De bedoeling van het hoger beroep van Bilancio is dat het hof deze beslissingen vernietigt.
2.8.
Het hof zal de beslissingen van de kantonrechter vernietigen en licht dat hierna toe.
3De toelichting van de beslissing van het hof
3.1.
Een bewindvoerder is tegenover de rechthebbende aansprakelijk indien hij in de zorg van een goed bewindvoerder tekortschiet, tenzij de tekortkoming hem niet kan worden toegerekend (artikel 1:444 van het Burgerlijk Wetboek BW)). De kantonrechter kan de schade vaststellen die de rechthebbende heeft geleden door tekortschietend bewind van de bewindvoerder en de bewindvoerder veroordelen die schade aan de rechthebbende te vergoeden (artikel 1:445 lid 5 BW in combinatie met artikel 1:362 BW). Op de inhoud en omvang van de schadevergoedingsplicht is titel 1 afdeling 10 Boek 6 BW van toepassing.
3.2.
In deze procedure moet eerst worden vastgesteld of Bilancio is tekortgeschoten in de zorg van een goed bewindvoerder. Zo ja, dan moet worden vastgesteld hoeveel vermogensschade de rechthebbende door het tekortschietend bewind van Bilancio heeft geleden (artikel 6:95 BW). Voor de omvang van deze schade zal het hof de huidige situatie vergelijken met de situatie in het geval Bilancio de belangen van de rechthebbende wel naar behoren zou hebben behartigd en niet zou zijn tekortgeschoten in de zorg van een goed bewindvoerder.
grief 1: is Bilancio tekortgeschoten bij de afwikkeling van de nalatenschap van de tante?
3.3.
Het hof is van oordeel dat Bilancio ter zake van de afwikkeling van de nalatenschap van de tante niets te verwijten valt. Bilancio heeft kort nadat zij tot bewindvoerder is benoemd de nalatenschap beneficiair aanvaard en een volmacht gegeven aan een broer van rechthebbende voor het beheer en de vereffening van de nalatenschap. Niet is gebleken dat Bilancio anders had moeten handelen dan zij heeft gedaan. Het is een feit van algemene bekendheid dat de afwikkeling van een nalatenschap enige tijd kan vergen. In dit geval is vertraging ontstaan door ziekte van de gevolmachtigde. Bovendien behoorden tot de nalatenschap registergoederen die te gelde moesten worden gemaakt, wat ook tijd vraagt. In de rekening en verantwoording die Bilancio over 2021 heeft gedaan staat: “Afronding familiaire erfenis is nu, medio augustus 2022 nog gaande. Hierover hebben wij contact met [naam1] als testamentair executeur.”. [naam1] is degene die naast de broer van de rechthebbende bij de afwikkeling van de nalatenschap is betrokken. Dat [naam1] executeur was is een kennelijke vergissing van Bilancio. In de notariële verklaring van erfrecht staat dat de tante geen uiterste wil heeft gemaakt, terwijl ook niet is gebleken dat zij voor 2003 een codicil heeft gemaakt en daarin [naam1] tot executeur heeft benoemd.
grief 2: is schade ontstaan doordat Bilancio de nalatenschap niet heeft gemeld?
3.4.
Bilancio erkent dat zij aan de schuldhulpverlener en aan de schuldeisers had moeten melden dat rechthebbende erfgenaam was van zijn tante en deelgenoot in haar nalatenschap. Die verplichting vloeit voort uit artikel 6 Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Bilancio is naar het oordeel van het hof op dit punt tekortgeschoten in de zorg van een goed bewindvoerder.
3.5.
Vervolgens moet worden vastgesteld of en hoeveel vermogensschade de rechthebbende door het tekortschietend bewind van Bilancio heeft geleden artikel 6:95 BW).
Conclusie
3.8.
Het hoger beroep van Bilancio slaagt. Het hof zal de ambtshalve gegeven bestreden beschikking van de kantonrechter vernietigen. Het hof ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling van Axilius.
Dictum
Het hof:
vernietigt de bestreden beschikking van de kantonrechter in de rechtbank Midden-Nederland van 12 juni 2023.
Deze beschikking is gegeven door mrs. J.H. Lieber, M.L. van der Bel en J.U.M. van der Werff en is in het openbaar uitgesproken op 13 maart 2025.
Artikel 6 Wet gemeentelijke schuldhulpverlening luidt: “De cliënt doet aan het college op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op de op hem van toepassing zijnde schuldhulpverlening of voor de uitvoering van deze wet, voor zover gegevens over deze feiten en omstandigheden niet door het college kunnen worden verkregen.”