Rechtspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
2023-08-01
ECLI:NL:GHARL:2023:6504
Strafrecht
Hoger beroep
1,872 tokens
Inleiding
Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-002889-22
Uitspraak d.d.: 1 augustus 2023
TEGENSPRAAK
Tussenarrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden,
gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland van 8 juli 2022 met parketnummer 18-064871-21 in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats 1] op [geboortedatum 1] 1945,
wonende te [plaats] , [adres 1] .
Het hoger beroep
De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 18 juli 2023 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot bevestiging van het vonnis waarvan beroep. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.
Het hof heeft verder kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw,
mr. W. Koopmans, naar voren is gebracht.
Onvolledigheid van het onderzoek
Tijdens de beraadslaging in raadkamer is gebleken dat het onderzoek niet volledig is geweest, aangezien het hof het wenselijk acht dat door de raadsheer-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in dit hof, als getuige worden gehoord:
[getuige 1] , en
[getuige 2] .
Het hof wenst hen met name te (laten) horen over de inhoud van de gesprekken die zij met hun dochter [slachtoffer] hebben gevoerd over de beschuldiging en de context waarin die gesprekken plaatsvonden.
Daarnaast wenst het hof dat door een deskundige, bij voorkeur een (kinder)psycholoog, onderzoek wordt gedaan naar de validiteit en betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer] , mede in het licht van de gesprekken die zij hierover heeft gevoerd met haar ouders.
Dictum
Het hof:
Heropent het onderzoek.
Stelt de stukken in handen van de raadsheer-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in dit hof teneinde als getuige te horen:
[getuige 1] , geboren [geboortedatum 2] te [geboorteplaats 2] , wonende aan [adres 2] ;
[getuige 2] , geboren [geboortedatum 3] te [geboorteplaats 3] , wonende aan [adres 3] ,
en teneinde een deskundige, bij voorkeur een (kinder)psycholoog, te benoemen om onderzoek te doen naar de validiteit en betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer] .
Bepaalt dat de advocaat-generaal en de verdediging binnen vier weken na dagtekening van dit arrest schriftelijk vragen voor voornoemde deskundige kunnen indienen bij de raadsheer-commissaris.
Bepaalt dat het onderzoek zal worden hervat tegen een nog nader te bepalen terechtzitting.
Beveelt de oproeping van de verdachte tegen het nog nader te bepalen tijdstip, met tijdige kennisgeving daarvan aan de raadsvrouw van verdachte en aan de benadeelde partij.
Aldus gewezen door
mr. J.A.M. Kwakman, voorzitter,
mr. J. Hielkema en mr. M.C. van Linde, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. A.M.J. Flach, griffier,
en op 1 augustus 2023 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Inleiding
Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-002889-22
Uitspraak d.d.: 1 augustus 2023
TEGENSPRAAK
Tussenarrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden,
gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland van 8 juli 2022 met parketnummer 18-064871-21 in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats 1] op [geboortedatum 1] 1945,
wonende te [plaats] , [adres 1] .
Het hoger beroep
De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 18 juli 2023 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot bevestiging van het vonnis waarvan beroep. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.
Het hof heeft verder kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw,
mr. W. Koopmans, naar voren is gebracht.
Onvolledigheid van het onderzoek
Tijdens de beraadslaging in raadkamer is gebleken dat het onderzoek niet volledig is geweest, aangezien het hof het wenselijk acht dat door de raadsheer-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in dit hof, als getuige worden gehoord:
[getuige 1] , en
[getuige 2] .
Het hof wenst hen met name te (laten) horen over de inhoud van de gesprekken die zij met hun dochter [slachtoffer] hebben gevoerd over de beschuldiging en de context waarin die gesprekken plaatsvonden.
Daarnaast wenst het hof dat door een deskundige, bij voorkeur een (kinder)psycholoog, onderzoek wordt gedaan naar de validiteit en betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer] , mede in het licht van de gesprekken die zij hierover heeft gevoerd met haar ouders.
Dictum
Het hof:
Heropent het onderzoek.
Stelt de stukken in handen van de raadsheer-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in dit hof teneinde als getuige te horen:
[getuige 1] , geboren [geboortedatum 2] te [geboorteplaats 2] , wonende aan [adres 2] ;
[getuige 2] , geboren [geboortedatum 3] te [geboorteplaats 3] , wonende aan [adres 3] ,
en teneinde een deskundige, bij voorkeur een (kinder)psycholoog, te benoemen om onderzoek te doen naar de validiteit en betrouwbaarheid van de verklaringen van [slachtoffer] .
Bepaalt dat de advocaat-generaal en de verdediging binnen vier weken na dagtekening van dit arrest schriftelijk vragen voor voornoemde deskundige kunnen indienen bij de raadsheer-commissaris.
Bepaalt dat het onderzoek zal worden hervat tegen een nog nader te bepalen terechtzitting.
Beveelt de oproeping van de verdachte tegen het nog nader te bepalen tijdstip, met tijdige kennisgeving daarvan aan de raadsvrouw van verdachte en aan de benadeelde partij.
Aldus gewezen door
mr. J.A.M. Kwakman, voorzitter,
mr. J. Hielkema en mr. M.C. van Linde, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. A.M.J. Flach, griffier,
en op 1 augustus 2023 ter openbare terechtzitting uitgesproken.