Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
2026-03-18
ECLI:NL:GHAMS:2026:739
Strafrecht
Hoger beroep
2,029 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:GHAMS:2026:739 text/xml public 2026-03-20T15:21:49 2026-03-19 Raad voor de Rechtspraak nl Gerechtshof Amsterdam 2026-03-18 23-002945-25 Uitspraak Hoger beroep NL Amsterdam Strafrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2026:739 text/html public 2026-03-20T15:18:08 2026-03-20 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:GHAMS:2026:739 Gerechtshof Amsterdam , 18-03-2026 / 23-002945-25 Vrijspraak primair tenlastegelegde. Aantal omstandigheden passen niet bij uiterlijke verschijningsvorm diefstal met geweld. Bewezenverklaring vernieling. Andere strafmodaliteit in verband met uitvoerbaarheid taakstraf bij asielzoekers. afdeling strafrecht parketnummer: 23-002945-25 datum uitspraak: 18 maart 2026 TEGENSPRAAK Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 5 december 2025 in de strafzaak onder parketnummer 13-330636-25 tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 2001, zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 4 maart 2026 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg. De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en de raadsman naar voren hebben gebracht. Tenlastelegging Aan de verdachte is tenlastegelegd dat: primair hij op of omstreeks 2 december 2025 te Amsterdam tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om een telefoon, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, welke poging tot diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer] , gepleegd met het oogmerk om die voorgenomen diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door die [slachtoffer] heeft/hebben benaderd en/of de tas van die [slachtoffer] heeft/hebben vastgepakt en/of aan de tas van die [slachtoffer] heeft/hebben getrokken en/of de tas van die [slachtoffer] heeft/hebben afgepakt en/of vastgehouden en/of in de tas van die [slachtoffer] heeft/hebben gekeken en/of naar de jaszak van die [slachtoffer] heeft/hebben gereikt; subsidiair hij op of omstreeks 2 december 2025 te Amsterdam opzettelijk en wederrechtelijk een tas, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan een ander, te weten aan [slachtoffer] , toebehoorde heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt. Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad. Vonnis waarvan beroep Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere bewezenverklaring komt dan de politierechter. Vrijspraak primair tenlastegelegde De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat het primair tenlastegelegde wettig en overtuigend kan worden bewezen. De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte moet worden vrijgesproken van het primair tenlastegelegde, omdat niet kan worden bewezen dat de verdachte het oogmerk had een telefoon zich wederrechtelijk toe te eigenen. Het hof overweegt als volgt. De verdachte heeft direct na zijn aanhouding ten overstaan van de politie verklaard dat hij [slachtoffer] (hierna: de aangever) heeft staande gehouden, zijn tas uit zijn handen heeft gepakt en in zijn tas heeft gekeken, omdat hij in de veronderstelling verkeerde dat de aangever eerder die avond zijn telefoon had gestolen. Hij is ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep bij deze verklaring gebleven. Het hof heeft ter terechtzitting in hoger beroep de camerabeelden van contactmomenten tussen aangever en de verdachte bekeken. Op deze camerabeelden is te zien dat de verdachte en de medeverdachte over straat lopen. Er is een kort moment van verbaal contact tussen de verdachte en aangever, waarop aangever rustig doorfietst en de verdachte rustig achter hem aan komt lopen. Op beelden van een andere camera, korte tijd later, is te zien dat aangever rustig in beeld komt fietsen, nog even achterom kijkt en dan zijn weg vervolgt. Even later verschijnen de verdachte en de medeverdachte in beeld, komend vanuit de richting waarin aangever achterom keek. Zij slaan vervolgens rechtsaf en lopen dus niet langer in dezelfde richting als waarin aangever fietst. Op latere beelden van weer een andere camera is te zien dat aangever de plek nadert waar de verdachte en de medeverdachte op dat moment stilstaan. De verdachte doet aangever stoppen, door voor zijn fiets te gaan staan en het stuur vast te houden. De medeverdachte staat op enige afstand en kijkt rustig toe. De verdachte probeert dan de tas van de aangever uit zijn handen te pakken door er hard aan te trekken, waardoor ook de fiets van de aangever op de grond valt. Als de verdachte in de tas heeft gekeken, worden de tas en de fiets teruggegeven aan de aangever. De verdachte en de medeverdachte lopen vervolgens rustig weg. Het hof heeft op grond van de in het dossier aanwezige bewijsmiddelen, in het bijzonder de ter terechtzitting in hoger beroep getoonde camerabeelden, niet de voor een bewezenverklaring vereiste mate van overtuiging gekregen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het primair tenlastegelegde. Een aantal omstandigheden passen naar het oordeel van het hof niet bij de uiterlijke verschijningsvorm van een diefstal met (bedreiging met) geweld. Zo handelen de verdachte en de medeverdachte voorafgaand, tijdens en na de contactmomenten met de aangever ogenschijnlijk rustig en worden de tas en de fiets van de aangever na het contact direct aan hem teruggegeven. De alternatieve verklaring van de verdachte wordt bovendien bevestigd door de verklaring die de medeverdachte, eveneens direct na zijn aanhouding en afzonderlijk van de verdachte, heeft afgelegd. Het hof acht aldus niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte primair is tenlastegelegd, zodat de verdachte hiervan moet worden vrijgesproken. Bewezenverklaring Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het subsidiair tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande dat: hij op of omstreeks 2 december 2025 te Amsterdam opzettelijk en wederrechtelijk een tas die aan [slachtoffer] toebehoorde heeft vernield. Hetgeen subsidiair meer of anders is tenlastegelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken. Het bewezenverklaarde is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat, zoals deze na het eventueel instellen van beroep in cassatie zullen worden opgenomen in de op te maken aanvulling op dit arrest. Strafbaarheid van het bewezenverklaarde Geen omstandigheid is aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het subsidiair bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is. Het subsidiair bewezenverklaarde levert op: opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen. Strafbaarheid van de verdachte De verdachte is strafbaar, omdat geen omstandigheid aannemelijk is geworden die de strafbaarheid ten aanzien van het subsidiair bewezenverklaarde uitsluit. Oplegging van straf De politierechter heeft de verdachte voor het in eerste aanleg primair bewezenverklaarde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van drie maanden, met aftrek van de tijd die de verdachte reeds in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht.