Rechtspraak Gerechtshof Amsterdam 2026-02-03
ECLI:NL:GHAMS:2026:275
GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht team I (handel) zaaknummer : 200.350.343/01 zaaknummer rechtbank Noord-Holland : C/15/358407/ KG ZA 24-634 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 3 februari 2026 in de zaak van HALLO, NEDERLAND B.V. , gevestigd te Alkmaar, appellante, incidenteel geïntimeerde, advocaat: mr. V. van Druenen te Amsterdam, tegen BLOK ENTERPRISE VASTGOED B.V., gevestigd te Velsen-Noord, geïntimeerde, incidenteel appellante, advocaat: mr. M.M. Hazewinkel te Amsterdam. Partijen worden hierna Hallo NL en Blok genoemd. 1 De zaak in het kort Tussen partijen is een overeenkomst van opdracht gesloten met betrekking tot het beheer van ICT-infrastructuur van de vestigingen van Blok. In het kader van die opdracht is aan Hallo NL opdracht geven regelmatig cloud back-ups te maken ten aanzien van een aantal van de servers. In 2022 is een overeenkomst gesloten voor een upgrade van de server waarop een essentiële applicatie draait, omdat de nieuwe versie van die applicatie, die door een derde partij geleverd en geïnstalleerd zou worden, meer ruimte nodig had en daarom niet op de oude server kon draaien. In 2024 is de nieuwe server gecrasht, waarna bleek dat na 2022 geen cloud back-ups meer waren gemaakt van de nieuwe server. Blok stelt dat Hallo NL daarmee toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst en houdt haar aansprakelijk voor de schade die zij als gevolg van het ontbreken van die cloud back-ups heeft geleden en nog zal lijden. Zij vordert in kort geding vergoeding van die schade bij wijze van een voorschot, en zegt daarbij een spoedeisend belang te hebben. Volgens Hallo NL is de vordering onvoldoende aannemelijk, omdat zij niet is tekortgeschoten en bovendien een beroep kan doen op een aantal exoneraties in de algemene voorwaarden. Evenmin is volgens Hallo NL een voorziening uit hoofde van onverwijlde spoed vereist. Blok stelt dat het beroep op de exoneraties naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Het hof wijst de gevraagde voorziening af omdat het bestaan van de vordering onvoldoende aannemelijk is. 2 Het geding in hoger beroep Hallo NL is bij dagvaarding van 30 december 2024 in hoger beroep gekomen van een vonnis van 3 december 2024 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Noord-Holland, onder bovenvermeld zaaknummer in kort geding gewezen tussen Blok als eiseres en Hallo NL als gedaagde (hierna: het bestreden vonnis). Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend: - memorie van grieven met producties; - memorie van antwoord, tevens memorie van grieven in incidenteel appel met producties; - memorie van antwoord in incidenteel appel. Op 16 december 2025 heeft een mondelinge behandeling plaatsgevonden. De advocaten hebben de zaak toegelicht aan de hand van spreekaantekeningen die zij hebben overgelegd. Partijen hebben nog producties in het geding gebracht. Ten slotte is arrest gevraagd. 3 Feiten Het hof gaat uit van de volgende feiten, en houdt daarbij rekening met grief 2 in principaal appel, die zich richt tegen een aantal door de voorzieningenrechter opgesomde feiten. 3.1. Hallo is de grootste landelijke ICT-dienstverlener voor het midden- en kleinbedrijf. 3.2. De Blok-vennootschappen drijven een onderneming in de technische sector. Zij zijn toeleverancier van mechanische onderdelen voor high complexity industries en hun bedrijfsprocessen zijn computergestuurd. Hun diensten bestaan uit machinale bewerkingen, industrieel herstel, onderhoud, assemblage, engineering, prototyping. productie, 3-D printing en projectmanagement. 3.3. Op 19 december 2017 hebben Blok Group en IT Support Groep B.V. (hierna: IT Support) een overeenkomst van opdracht gesloten voor beheer van de ICT-infrastructuur van de vestigingen van Blok te Velsen-Noord en Someren (hierna: de overeenkomst). De gecontracteerde ICT-diensten hadden betrekking op Remote Management, een Servicedesk op afstand, Applicatiebeheer, Systeembeheer op locatie, Licentie Manageme We hebben geen punten gevonden waarop we nu actie moeten ondernemen. Servers waar extra aandacht aan is besteed: (...) BMI-PDC-OI. (...) Server - BMI-PDC-O1 Taak Status Controleer server logboeken op foutmeldingen en/of waarschuwingen Uitgevoerd Controleer applicatie logboeken op foutmeldingen en/of waarschuwingen Uitgevoerd Controleer of de server is voorzien van de juiste monitoring binnen DattoRMM Uitgevoerd Managed Backup & Restore Taak Status Controleren of de restore succesvol kan worden uitgevoerd Uitgevoerd Controleren of de back-tip succesvol wordt uitgevoerd Uitgevoerd” 3.9. Op 20 januari 2023 is IT Support als verdwijnende rechtspersoon gefuseerd met Hallo NL als verkrijgende rechtspersoon. Met deze fusie is Hallo NL als rechtsopvolger onder algemene titel van rechtswege in de plaats getreden van IT Support als partij bij de overeenkomst. 3.10. Op 2 oktober 2024 om 14.00 uur heeft Blok geconstateerd dat er geen toegang meer mogelijk was tot het ERP-systeem, en daarvan direct melding gemaakt bij Hallo NL. Hierna hadden Blok en Hallo NL doorlopend contact met elkaar om ervoor te zorgen dat het systeem weer kon worden opgestart. 3.11. Op 3 oktober 2024 bleken na een verdere analyse meerdere servers gecrasht en defect. Hallo NL heeft de gecrashte servers vervangen, opdat back-ups daarop konden worden geplaatst. Tijdens het herplaatsen is duidelijk geworden dat er sinds juli 2022 geen cloud back-up is gemaakt van de nieuwe server, zodat alle data van de nieuwe server vanaf juli 2022, die door de crash verloren zijn gegaan, niet teruggeplaatst konden worden maar definitief verloren zijn gegaan. Hallo NL heeft nog wel enige tijd back-ups gemaakt van de oude server in verband met archiefdoeleinden, maar is daarmee in overleg met Blok opgehouden. 3.12. Blok heeft Hallo NL op 7 oktober 2024 in gebreke gesteld. In haar reactie heeft Hallo NL een dag later onder meer het volgende gemeld: ”De IT Support Groep neemt het standpunt in te hebben voldaan aan de contractuele verplichtingen tussen JT support groep en Blok. De IT Support Groep legt elke vorm van pro en reactief beheer vast en voert ook dagelijks controles uit of back-ups volledig hebben gedraaid. Door een fout is de desbetreffende server niet in de automatisering rondom back- up meegenomen, waardoor de server ook niet naar voren is gekomen bij steekproeven die periodiek worden uitgevoerd.” 3.13. Op 9 oktober 2024 heeft Hallo NL Stellar Data Recovery (hierna: Stellar) ingeschakeld, een externe partij die gespecialiseerd is in data recovery. 4 Procedure bij de rechtbank 4.1. Samengevat heeft Blok - voor zover in hoger beroep van belang - in eerste aanleg gevorderd dat de voorzieningenrechter bij vonnis in kort geding, uitvoerbaar bij voorraad I. Hallo NL zal veroordelen tot betaling van een bedrag van € 432.941,73 bij wege van voorschot op de schadevergoeding vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 26 oktober 2024, II. Hallo NL zal veroordelen tot betaling van een bedrag van € 30.154,03, bij wege van voorschot op de schadevergoeding, voor iedere dag vanaf 25 oktober 2024 dat de bedrijfsvoering van Blok (gedeeltelijk) stil ligt, voor de komende zestig dagen, vermeerderd met de wettelijke rente, III. Hallo NL zal veroordelen in de kosten van dit geding, alsmede de nakosten, vermeerderd met de wettelijke rente over de nakosten. 4.2. Bij het bestreden vonnis heeft de voorzieningenrechter geoordeeld dat Blok voldoende spoedeisend belang heeft bij de gevraagde voorzieningen. Bij wijze van voorlopig oordeel heeft de voorzieningenrechter - voor zover in hoger beroep relevant - aangenomen dat Hallo NL is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst door geen back-ups te maken van de nieuwe server. Het beroep op de exoneratie is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar geacht voor zover het betrof het in de NL ICT Voorwaarden bepaalde in art 16.1, en in art. 16.3 voor zover dat bepaalt dat aansprakelijkheid voor indirect De overeenkomst en de in het Dienstenoverzicht genoemde werkzaamheden, hebben betrekking op de infra-structuurlaag, oftewel de hardware, software, netwerken en faciliteiten die bedoeld zijn om de ICT-omgeving draaiende te houden, in het bijzonder de servers waarop deze draaide. Zij heeft geen rol bij softwareproducten als de ERP-software, tenzij daarover andere afspraken zijn gemaakt. Volgens Hallo NL is er niet specifiek opdracht gegeven voor back-ups van de nieuwe server, anders dan voor de oude server. Voorts betwist Hallo NL dat Blok de schade heeft geleden die zij heeft gevorderd en stelt dat de schade onvoldoende is onderbouwd. Zij verwijst daartoe naar een rapport van Crawford. Zij beroept zich ten slotte op de exoneratiebepalingen 16.1 en 16.3. Hallo NL stelt primair dat alle door Blok genoemde schadeposten op grond daarvan niet vergoed hoeven te worden en subsidiair dat de vergoedingsplicht is beperkt tot € 137.625. 6.3. In het hiernavolgende neemt het hof als uitgangspunt dat Blok voldoende spoedeisend belang heeft bij vergoeding van de door haar gestelde schade. Met betrekking tot een voorziening in kort geding, bestaande in veroordeling tot betaling van een geldsom, is echter terughoudendheid op zijn plaats, en moeten dienaangaande naar behoren feiten en omstandigheden worden aangewezen die meebrengen dat een zodanige voorziening uit hoofde van onverwijlde spoed geboden is. (zie o.m. HR 14 april 2000, ECLI:NL:2000:AA5519). Met het oog daarop dient te worden onderzocht (i) of het bestaan van een vordering voldoende aannemelijk is; (ii) of daarnaast sprake is van feiten of omstandigheden die meebrengen dat uit hoofde van onverwijlde spoed een onmiddellijke voorziening is vereist; en (iii) in de afweging van belangen van de partijen mede moeten betrekken de vraag naar het risico van onmogelijkheid van terugbetaling, welk risico kan bijdragen tot weigering van de voorziening. Het hof komt tot de conclusie dat aan deze vereisten niet is voldaan. Daartoe wordt het volgende overwogen. Vordering voldoende aannemelijk? 6.4. Partijen twisten over de vraag of Hallo NL op grond van de overeenkomst gehouden was cloud back-ups te maken van de nieuwe server. Naar het voorlopig oordeel van het hof volgt uit de in 2018 gesloten overeenkomst niet zonder meer de verplichting van Hallo NL om van alle servers back-ups te maken. Dat in het Dienstenoverzicht onder Remote management het begrip “dagelijkse back-up controle’ is opgenomen, kan die conclusie niet dragen. Hallo NL heeft toegelicht dat de overeenkomst betrekking had op de infrastructuur-laag en dat Hallo NL alleen een rol had bij kantoorautomatiseringsapplicaties, terwijl voor andere softwareproducten zoals de ERP-applicatie nadere afspraken nodig waren. Die verplichting volgt ook niet uit artikel 23 van de NL ICT-voorwaarden. Daarin is slechts beschreven wat geldt als het maken van back-ups is overeengekomen. Wel staat vast dat ten aanzien van - aanvankelijk - tien servers opdracht is gegeven aan Hallo NL om cloud back-ups te maken. Een van die servers is nadien vervangen door de nieuwe server in verband met het door Eci te installeren ERP-systeem. Hallo NL is nog enige tijd back-ups blijven maken van de oude server totdat zij daar in overleg met Blok in 2023 mee is opgehouden. Niet is gesteld of gebleken dat Blok expliciet opdracht heeft gegeven aan Hallo NL om ook van de nieuwe server back-ups te maken. Blok stelt dat dit ook niet van haar verlangd kon worden omdat het in de rede lag om de nieuwe server toe te voegen aan de servers waarvan back-ups werden gemaakt en dat Hallo NL gehouden was dat eigener beweging te doen uit hoofde van de overeenkomst. Hallo NL betwist dat en stelt ervan te zijn uitgegaan dat Eci de back-ups voor haar rekening nam. Zij wijst daartoe op correspondentie van Eci waarin gesproken wordt over de ‘back-up taken’. Of Hallo NL uit hoofde van de overeenkomst gehouden was om de nieuwe server eigener beweging toe te voegen, dan wel Blok erop te wijzen da Er zijn geen aanwijzingen dat het niet opnemen van de nieuwe server berust op bewust handelen van (de bedrijfsleiding van) Hallo NL. Hallo NL heeft voorts adequaat toegelicht dat bij de controles niet is opgemerkt dat geen back-ups werden gemaakt van de nieuwe server om de eenvoudige reden dat deze server niet in het systeem van Hallo NL voorkwam. Mede in dat licht is niet, althans niet voldoende gemotiveerd gesteld dat de bedrijfsleiding van Hallo NL bewust maatregelen heeft achterwege gelaten ter voorkoming van aanzienlijke schade. Dat Hallo NL Blok bewust in de waan zou hebben gelaten dat er wel back-ups werden gemaakt is, zoals hiervoor reeds overwogen, evenmin gebleken. Van roekeloos handelen is dan ook geen sprake. 6.9. Blok heeft ook overigens geen bijzondere bijkomende omstandigheden gesteld die aanleiding zouden geven tot het voorlopige oordeel dat de exoneratie naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn (zie arrest Saladin/HBU). Daarbij neemt het hof in aanmerking dat de overeenkomst is gesloten tussen twee professionele partijen. Dat Blok ervoor heeft gekozen zich daarbij niet te laten adviseren door een jurist, kan niet worden beschouwd als een dergelijke bijzondere omstandigheid. De door Blok gestelde ongelijkheid in grootte tussen de contractspartijen, voor zover die al relevant zou zijn, is bovendien door Hallo NL weersproken door erop te wijzen dat deze verhouding ten tijde van de totstandkoming van de overeenkomst juist omgekeerd was. Dat de verzekeraar van Blok geen dekking biedt voor de geleden schade is evenmin een bijzondere omstandigheid die aan het beroep op een exoneratie in de weg staat. Voorts is niet in geschil dat de NL ICT-voorwaarden in de branche gebruikelijk zijn. De achtergrond van de daarin opgenomen exoneraties is, zoals Hallo NL heeft toegelicht, dat ICT-diensten met een groot afbreukrisico (zoals het maken van back-ups) zonder die exoneraties niet voor een redelijke prijs zouden kunnen worden aangeboden. 6.10. Het hof acht gelet op het voorgaande niet aannemelijk dat in een bodemprocedure zal worden geoordeeld dat het beroep van Hallo NL op de exoneraties naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. 6.11. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de vordering waarop Blok zich beroept onvoldoende aannemelijk is en de gevraagde voorziening moet worden afgewezen. De discussie over de (omvang van) de schade kan bij deze stand van zaken in het midden blijven. Slotsom en proceskosten 6.12. Het voorgaande betekent dat het principaal appel slaagt en in het incidenteel appel faalt. Het bestreden vonnis zal worden vernietigd voor zover daarin de vorderingen van Blok tot betaling van voorschotbedragen zijn toegewezen en Hallo NL in de proceskosten is veroordeeld. Het hof ziet geen aanleiding om Blok toe te laten tot bewijslevering, omdat een kort geding zich daarvoor niet leent. De vorderingen van Blok worden alsnog afgewezen. Tevens zal de vordering van Hallo NL om Blok te veroordelen tot het terugbetalen van de bedragen die uit hoofde van het bestreden vonnis zijn voldaan worden toegewezen als gevorderd, met dien verstande dat geen aanleiding bestaat tot toewijzing van handelsrente. Blok is in het hoger beroep in het ongelijk gesteld en zal daarom worden veroordeeld in de proceskosten in beide instanties. Het hof stelt de proceskosten als volgt vast: Eerste aanleg: - griffierecht € 6.617 - salaris advocaat € 1.107 Totaal € 7.724 Hoger beroep: - explootkosten € 112,37 - griffierecht € 6.803 - salaris advocaat (princ). € 10.572 - salaris advocaat (inc.) € 5.286 Totaal € 22.773,37 7 Beslissing Het hof: 7.1. vernietigt het bestreden vonnis voor zover het betreft de veroordelingen in het dictum onder 5.1, 5.2, 5.5 en 5.6, bekrachtigt het bestreden vonnis voor het overige en doet in zoverre opnieuw recht: 7.2. wijst af de vorderingen van Blok tot betaling van voorschotbetalingen; 7.3. veroordeelt Blok een bedrag van € 509.606,60 terug te