Rechtspraak Gerechtshof Amsterdam 2026-05-18
ECLI:NL:GHAMS:2026:2247
afdeling strafrecht parketnummer eerste aanleg : 96-307336-23 parketnummer hoger beroep : 23-000962-24 VERSTEK Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 18 mei 2026 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 12 april 2024 in de zaak tegen de verdachte: naam: [verdachte] voornamen: [verdachte] geboren: op [geboortedag] 1995 te [geboorteplaats] adres: [adres] . Kwalificatie van het bewezenverklaarde Het onder 1 en 3 bewezenverklaarde levert op: de eendaadse samenloop van overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994. gepleegdfeit 1:op 6 mei 2022 te Hoorn;feit 3:op 6 mei 2022 te Hoorn. Toepasselijke wettelijke voorschriften de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 55, 57 en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 9, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994. BESLISSING Het hof: Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep voor zover gericht tegen de vrijspraak van feit 2. Vernietigt het vonnis waarvan beroep voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen en doet in zoverre opnieuw recht: Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 1 (één) week . Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt. Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 30 (dertig) uren , indien niet naar behoren verricht te vervangen door 15 (vijftien) dagen hechtenis . Ontzegt de verdachte ter zake van het onder 1 bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 6 (zes) maanden . Bepaalt dat de bijkomende straf van ontzegging niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt. Gewezen door mr. R.A.E. van Noort, in bijzijn van mr. N.R.H. Marsera, griffier. mr. R.A.E. van Noort