Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
2025-04-11
ECLI:NL:GHAMS:2025:997
Strafrecht
Hoger beroep
1,310 tokens
Inleiding
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001350-23
datum uitspraak: 11 april 2025
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 25 april 2023 in de strafzaak onder parketnummer
13-302451-22 tegen
[verdachte]
,
geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1983,
adres: [adres] .
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 28 maart 2025 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Het openbaar ministerie heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en de raadsvrouw naar voren hebben gebracht.
Tenlastelegging
Gelet op de in hoger beroep door het gerechtshof toegelaten wijziging is aan de verdachte tenlastegelegd dat:
hij op of omstreeks 22 oktober 2022 te Amsterdam, een ambtenaar, te weten [benadeelde] (brigadier politie Amsterdam-Amstelland), gedurende en/of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, heeft mishandeld door (met kracht) aan de wapenstok van die [benadeelde] te trekken en/of (meermalen) (met kracht) aan het wapenschild van die [benadeelde] te trekken, ten gevolge waarvan die [benadeelde] op de grond terecht is gekomen.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.
Vonnis waarvan beroep
Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd. Het hof komt weliswaar tot dezelfde beslissing als de politierechter, maar legt hieraan een andere redenering ten grondslag.
Vordering van het openbaar ministerie
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 80 uren, te vervangen door 40 dagen hechtenis.
Vrijspraak
Het dossier bevat twee op ambtseed opgemaakte processen-verbaal, waaruit – na herkenning van de verdachte door de verbalisanten – volgt dat de verdachte de tenlastegelegde geweldshandelingen heeft gepleegd. Het hof stelt voorop geen enkele twijfel te hebben aan de integriteit van de verbalisanten. Het hof is ook niet van oordeel dat de opgemaakte processen-verbaal te summier of juridisch dan wel anderszins onjuist of gebrekkig zijn. Aan het bewijsminimum is daarmee strikt genomen voldaan.
Tegenover de lezing van de twee verbalisanten staat echter een authentieke, geloofwaardige en consistente verklaring van de verdachte bij de politie en ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep, waaruit volgt dat hij wel bij de demonstratie aanwezig was, dat hij een confrontatie heeft gehad met een ter plekke aanwezige verbalisant, maar dat hij niet degene is geweest die verbalisant [benadeelde] heeft mishandeld.
Hierdoor is er bij het hof te veel twijfel ontstaan en heeft het hof niet de voor een bewezenverklaring vereiste overtuiging bekomen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan. Het hof zal de verdachte daarom vrijspreken.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 3.225,18. De benadeelde is in zijn vordering bij het vonnis waarvan beroep niet-ontvankelijk verklaard. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van de oorspronkelijke vordering.
De verdachte wordt niet schuldig verklaard ter zake van het tenlastegelegde handelen waardoor de gestelde schade zou zijn veroorzaakt. De benadeelde partij kan daarom in de vordering niet worden ontvangen.
Dictum
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
Verklaart de benadeelde partij [benadeelde] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding.
Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder hun eigen kosten dragen.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. W.S. Ludwig, mr. D.A.C. Koster en mr. A.M.A. Keulen, in tegenwoordigheid van mr. S.K. van Eck, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 11 april 2025.
Mr. Ludwig en mr. Keulen zijn niet in de gelegenheid dit arrest mede te ondertekenen.
=
===
[…]