Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
2025-12-18
ECLI:NL:GHAMS:2025:3844
Strafrecht
Hoger beroep
1,054 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:GHAMS:2025:3844 text/xml public 2026-05-15T10:53:17 2026-05-04 Raad voor de Rechtspraak nl Gerechtshof Amsterdam 2025-12-18 23-001272-24 Uitspraak Hoger beroep NL Amsterdam Strafrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2025:3844 text/html public 2026-05-15T10:45:13 2026-05-15 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:GHAMS:2025:3844 Gerechtshof Amsterdam , 18-12-2025 / 23-001272-24 Verstekzaak. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan winkeldiefstal. afdeling strafrecht parketnummer: 23-001272-24 datum uitspraak: 18 december 2025 VERSTEK (niet-gemachtigd raadsvrouw) Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 22 mei 2024 in de strafzaak onder de parketnummers 13-165925-24, 09-218695-23 (TUL) en 13-191420-23 (TUL) tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland] ) op [geboortedag] 1989, adres: [adres] . Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 4 december 2025 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg. De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Vonnis waarvan beroep Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit daarom bevestigen behalve ten aanzien van de opgelegde gevangenisstraf. In zoverre zal het vonnis worden vernietigd. Oplegging van straf De politierechter heeft de verdachte voor het in eerste aanleg onder 1 en 2 bewezenverklaarde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 dagen, waarvan 4 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren en met aftrek van voorarrest. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het onder 1 en 2 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 8 dagen, met aftrek van voorarrest. Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gelet op de persoon van de verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan winkeldiefstal, wat schade en overlast oplevert voor de gedupeerden. Door op die manier te handelen heeft de verdachte er blijk van gegeven geen respect te hebben voor andermans eigendommen. Daarnaast heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan belediging door in het gezicht van een beveiligingsmedewerker te spugen. Naar iemand spugen is buitengewoon vies, respectloos en beledigend. Dit is een ergerlijk feit dat voor de betrokken persoon zeer grievend is. Blijkens een de verdachte betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie van 20 november 2025 is hij eerder ten aanzien van soortgelijke feiten onherroepelijk veroordeeld. Het hof acht, alles afwegende, een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur passend en geboden. Toepasselijke wettelijke voorschriften De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 57, 63, 266 en 310 van het Wetboek van Strafrecht. BESLISSING Het hof: Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde gevangenisstraf en doet in zoverre opnieuw recht. Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 (acht) dagen . Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht. Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. N. van der Wijngaart, mr. P. Greve en mr. A.H. Tiemens, in tegenwoordigheid van mr. A.C. Vermeijden, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 18 december 2025. mr. P. Greve is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.