Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
2025-12-30
ECLI:NL:GHAMS:2025:3622
Civiel recht; Ondernemingsrecht
Eerste aanleg - meervoudig
1,488 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:GHAMS:2025:3622 text/xml public 2026-03-30T14:57:53 2025-12-30 Raad voor de Rechtspraak nl Gerechtshof Amsterdam 2025-12-30 200.352.942/01 OK Uitspraak Eerste aanleg - meervoudig NL Amsterdam Civiel recht; Ondernemingsrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2025:3622 text/html public 2026-03-30T14:57:31 2026-03-30 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:GHAMS:2025:3622 Gerechtshof Amsterdam , 30-12-2025 / 200.352.942/01 OK OK; geschillenregeling; gezamenlijk prijsbepalingsverzoek; bepaling voorschot deskundige beschikking ___________________________________________________________________ GERECHTSHOF AMSTERDAM ONDERNEMINGSKAMER zaaknummer: 200.352.942/01 OK beschikking van de Ondernemingskamer van 30 december 2025 inzake de geschillenregelingsprocedure op grond van artikel 2:343c lid 1 BW 1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid JOMABAS B.V., gevestigd te Haarlemmermeer, VERZOEKSTER , advocaten: mr. B.W. Brouwer en mr. T.G.H. Coppens , kantoorhoudende te Amsterdam, 2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid WILJEC B.V., gevestigd te Haarlemmermeer, 3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid NIROKAL B.V., gevestigd te Haarlemmermeer, 4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [vennootschap 1] , gevestigd te [plaats] , VERZOEKSTERS , advocaten: mr. R.J.W. Analbers en mr. S.H.J. Kramer , kantoorhoudende te Amsterdam, Hierna zullen partijen en andere (rechts)personen (ook) als volgt worden aangeduid: Jomabas B.V. als Jomabas; [broer A] als [broer A] ; [vennootschap 1] . als [vennootschap 1] ; [vennootschap 2] als [vennootschap 2] ; Wiljec B.V. als Wiljec; Nirokal B.V. als Nirokal; [broer B] als [broer B] ; [broer C] als [broer C] . 1 Het verloop van het geding 1.1 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikking van 4 juli 2025 en het proces-verbaal van de mondelinge behandeling ten overstaan van de raadsheer-commissaris van de Ondernemingskamer van 10 november 2025. 1.2 Bij de beschikking van 4 juli 2025 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar de waarde van de door Jomabas B.V. gehouden aandelen in [vennootschap 1] , en drs. Ph.M. van Spaendonck benoemt tot deskundige. De Ondernemingskamer heeft de deskundige gevraagd om binnen zes weken – of zoveel eerder als mogelijk – een plan van aanpak en een begroting van de kosten van het onderzoek te maken en deze aan haar te sturen. De Ondernemingskamer heeft verder bepaald dat zij partijen daarna in de gelegenheid zal stellen zich uit te laten over die begroting en vervolgens de hoogte van het voor de kosten van de deskundige ter griffie te storten voorschot zal bepalen, tenzij partijen over dit laatste afwijkende afspraken maken. Tot slot is bepaald dat [vennootschap 1] het voorschot op de kosten van het deskundigenonderzoek draagt. 1.3 Op 20 augustus 2025 heeft de Ondernemingskamer het plan van aanpak van de deskundige ontvangen. Partijen zijn vervolgens in de gelegenheid gesteld hierop te reageren. 1.4 Naar aanleiding van de reacties van partijen op het plan van aanpak van de deskundige heeft op 10 november 2025 een comparitie ten overstaan van de raadsheer-commissaris plaatsgevonden. Tijdens deze comparitie zijn partijen overeengekomen dat ten overstaan van de deskundige een regiezitting zal worden gehouden, de daarin te bepreken punten zijn vastgelegd in het proces-verbaal van deze comparitie van 1o november 2025. 1.5 Op 8 december 2025 heeft de Ondernemingskamer, in vervolg op de comparitie en een daarop volgende regiezitting ten overstaan van de deskundige, een herzien plan van aanpak met begroting van de deskundige ontvangen. 1.6 Partijen zijn in de gelegenheid gesteld op dit herziene plan van aanpak te reageren. 1.7 Bij e-mailberichten van 11 en 12 december 2025 hebben mr. Analbers respectievelijk mr. Brouwer medegedeeld geen opmerkingen ten aanzien van het herziene plan van aanpak te hebben. 2 De gronden van de beslissing 2.1 De deskundige heeft in zijn plan van aanpak met begroting voldoende toegelicht welke werkzaamheden naar verwachting zullen moeten worden verricht, en hoeveel tijd dat in beslag neemt en welke uurtarief daarbij wordt gehanteerd. De deskundige begroot dat het voorschot voor het onderzoek op € 61.824, inclusief omzetbelasting, dient te worden gesteld. 2.2 Tegen het herziene plan van aanpak met begroting zijn geen bezwaren aangevoerd. De inschatting van de te besteden tijd en de daaraan verbonden kosten komen de Ondernemingskamer ook niet onredelijk voor. Daarom zal de Ondernemingskamer het voorschot bepalen op € 61.824, incuslief omzetbelasting. Omdat de deskundige in zijn plan van aanpak heeft voorgesteld het voorschot, door middel van drie voorschotnota’s, rechtstreeks te factureren aan [vennootschap 1] en zij daartegen geen bezwaar heeft gemaakt, zal de Ondernemingskamer geen uitvoering geven aan het bepaalde in artikel 187 Rv voor zover dit ziet op het storten van het voorschot bij de griffie van de Ondernemingskamer. 2.3 De Ondernemingskamer zal de datum voor het indienen van het deskundigenbericht bepalen op 6 april 2026 of zoveel eerder als het gereed is. 2.4 Iedere verdere beslissing zal de Ondernemingskamer aanhouden. 3 De beslissing De Ondernemingskamer: bepaalt het door [vennootschap 1] te betalen voorschot op € 61.824, inclusief omzetbelasting; verzoekt de deskundige uiterlijk 6 april 2026 – of zoveel eerder als mogelijk – het deskundigenbericht aan de Ondernemingskamer te sturen; verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad; houdt iedere verdere beslissing aan. Deze beschikking is gegeven door mr. E. Loesberg, voorzitter, mr. W.A.H. Melissen en mr. M.P. Nieuwe Weme, raadsheren, en drs. A.G. Thomassen RT RV en drs. G. Eikelenboom AG, raden, in tegenwoordigheid van mr. N.E.M. Keereweer, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. E. Loesberg op 30 december 2025.