Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
2025-10-09
ECLI:NL:GHAMS:2025:2712
Strafrecht
Hoger beroep
856 tokens
Inleiding
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001304-24
datum uitspraak: 9 oktober 2025
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 30 mei 2024 in de strafzaak onder parketnummer 13-054570-24 tegen
[verdachte]
,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2003,
adres: [adres] .
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 25 september 2025 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de raadsman naar voren heeft gebracht.
Vonnis waarvan beroep
Het verhandelde ter terechtzitting in hoger beroep heeft het hof niet gebracht tot andere overwegingen en beslissingen dan die van de eerste rechter, zodat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd. Dit geldt niet voor de beslissing om bijzondere voorwaarden op te leggen. Deze beslissing wordt in een aanvullende overweging toegelicht. Het hof vervangt de bewijsmiddelen door de bewijsmiddelen die na het eventueel instellen van beroep in cassatie zullen worden opgenomen in de op te maken aanvulling op dit arrest.
Aanvullende overweging ten aanzien van de bijzondere voorwaarden
Het hof heeft kennisgenomen van het reclasseringsrapport van 14 mei 2024, waarin is gerapporteerd dat de reclassering onvoldoende vat heeft kunnen krijgen op de verdachte, maar dat hij wel een kwetsbare indruk maakt. De reclassering heeft om die reden geadviseerd om toch bijzondere voorwaarden op te leggen opdat de verdachte handvatten geboden krijgt om weloverwogen keuzes te maken. Blijkens een recent uittreksel uit de Justitiële Documentatie van de verdachte is hij na dit feit van inmiddels ruim anderhalf jaar geleden niet opnieuw met politie of justitie in aanraking gekomen. Gelet hierop en op hetgeen de raadsman omtrent de persoonlijke omstandigheden naar voren heeft gebracht ziet het hof geen aanwijzingen of concrete indicaties die doen vermoeden dat het opleggen van bijzondere voorwaarden noodzakelijk is. Om die reden zal het hof – in tegenstelling tot de rechtbank – geen bijzondere voorwaarden verbinden aan het voorwaardelijke strafdeel.
Dictum
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde bijzondere voorwaarden en doet in zoverre opnieuw recht.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige, met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. R. van der Heijden, mr. A.W.T. Klappe en mr. S.C.C. Hes-Bakkeren, in tegenwoordigheid van mr. S. Pesch, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 9 oktober 2025.
Mr. S.C.C. Hes-Bakkeren is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=
===
[…]