Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
2024-12-24
ECLI:NL:GHAMS:2024:3742
Strafrecht
Hoger beroep
530 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:GHAMS:2024:3742 text/xml public 2026-03-24T11:54:03 2025-09-04 Raad voor de Rechtspraak nl Gerechtshof Amsterdam 2024-12-24 23-001858-24 Uitspraak Hoger beroep NL Amsterdam Strafrecht Eerste aanleg: ECLI:NL:RBAMS:2024:8927, Overig Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2024:3742 text/html public 2025-09-04T10:14:55 2026-03-24 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:GHAMS:2024:3742 Gerechtshof Amsterdam , 24-12-2024 / 23-001858-24 Verstek arrest GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling strafrecht parketnummer: 23-001858-24 datum uitspraak: 24 december 2024 VERSTEK Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 8 augustus 2024 in de strafzaak onder parketnummer 71-239452-22 tegen [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] l 983, [adres] Onderzoek ter terechtzitting Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 24 december 2024. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot de niet ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep. Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep Blijkens een e-mailbericht van de raadsman van 23 december 2024 wenst de verdachte het hoger beroep niet te handhaven, zodat hij geacht moet worden de eerder tegen het vonnis opgegeven bezwaren in te trekken. Daarom zal hij, nu ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep. BES_LISSIN_G Het hof: Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. L.I.M. van Bergen, mr. M.F.J.M. de Werd en mr. R.D. van Heffen, in tegenwoordigheid van C.R. Mittendorf, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 24 december 2024.