Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
2024-09-19
ECLI:NL:GHAMS:2024:2907
Strafrecht
Hoger beroep
892 tokens
Inleiding
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000473-24
datum uitspraak: 19 september 2024
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 13 februari 2024 in de strafzaak onder de parketnummers 13-058649-22 en 23-000184-21 (TUL) tegen
[verdachte]
,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2005,
adres: [adres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 5 september 2024 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Het openbaar ministerie heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de raadsman naar voren heeft gebracht.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen behalve ten aanzien van de beslissing op het beslag -in zoverre zal het vonnis worden vernietigd-
en met dien verstande dat het hof:
-aan de overweging van de rechtbank tot vrijspraak, weergegeven in paragraaf 4.3 van het vonnis, de navolgende overweging toevoegt:
Ook de processen-verbaal van bevindingen van respectievelijk 19 februari 2024 en 2 september 2024, die in hoger beroep aan het procesdossier zijn toegevoegd, brengen het hof niet tot het oordeel dat met de voor een bewezenverklaring vereiste mate van zekerheid kan worden vastgesteld dat de verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan de hem ten laste gelegde brandstichting en het wapenbezit.
-de overweging van de rechtbank op pagina 4 van het vonnis onder het kopje Onttrekking aan het verkeer schrapt. Nu de inbeslaggenomen voorwerpen niet in alle opzichten zijn te brengen onder de criteria waaronder onttrekking aan het verkeer kan plaatsvinden, zullen de voorwerpen worden bewaard ten behoeve van de rechthebbende.
Dictum
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van het beslag en doet in zoverre opnieuw recht.
Gelast de bewaring ten behoeve van de rechthebbende van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
1 stk papier G 6120620 1 fls fles G 6120618 1 fls fles G 6120617 1 stk steen G 6120616 1 stk steen G G6120615 1 stk fles G 6120623 1 stk fles G 6120624 1 stk papier G 6120625 1 fls fles G 6120626 1 fls fles G 6120627.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige, met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.W.T. Klappe, mr. N.R.A. Meerbeek en mr. C.J. van der Wilt, in tegenwoordigheid van mr. A.M. van Tilburg, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 19 september 2024.
De oudste raadsheer en de griffier zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=
===
[…]
[…]