Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
2023-11-28
ECLI:NL:GHAMS:2023:3232
Strafrecht
Hoger beroep
830 tokens
Inleiding
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000925-23
datum uitspraak: 28 november 2023
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 16 maart 2023 in de strafzaak onder parketnummer 15-300922-22 tegen
[verdachte]
,
geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedag] 1965,
thans gedetineerd in [detentieadres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 14 november 2023 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en de raadsman naar voren hebben gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat het hof
- de onder 3.3.2 opgenomen nadere bewijsoverweging niet overneemt, nu er in hoger beroep geen bewijsverweer is gevoerd;
- de onder 6.3 opgenomen strafmotivering aanvult met de hierna vermelde overweging van het hof.
Nadere strafmaatoverweging
Op de terechtzitting in hoger beroep heeft de raadsman in het kader van de strafmaat naar voren gebracht dat de verdachte niet in aanmerking komt voor verloven, omdat hij de Belgische nationaliteit heeft en in België woonachtig is. Daardoor valt het eindtraject van de straf voor hem zwaarder uit. De raadsman heeft in dat kader drie strafvoorstellen gedaan die in de praktijk mogelijk minder nadelig voor de verdachte zouden kunnen zijn.
Het hof overweegt hieromtrent dat de voorstellen van de raadsman zijn gebaseerd op aannames die zien op in de toekomst gelegen, onzekere factoren en gebeurtenissen. In hetgeen de raadsman in het kader van de strafmaat naar voren heeft gebracht, ziet het hof derhalve geen aanleiding om een andere of lagere straf op te leggen, nu de opgelegde straf reeds recht doet aan enerzijds de ernst van het feit en anderzijds de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.
Dictum
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. F.A. Hartsuiker, mr. R.M. Steinhaus en mr. A.M.P. Geelhoed, in tegenwoordigheid van
mr. S.M. Schouten, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
28 november 2023.
De jongste raadsheer en de griffier zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=
===
[…]
[…]