Rechtspraak
Gerechtshof Amsterdam
2023-11-14
ECLI:NL:GHAMS:2023:2867
Strafrecht
Hoger beroep
750 tokens
Inleiding
afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 96-335216-21 en 96-176391-17 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-000541-23
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 14 november 2023 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 20 januari 2023 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen:
geboren: op [geboortedag] 1979 te [geboorteplaats] ([geboorteland])
zonder bekende woon- of verblijfplaats.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
de artikelen 14a, 14b, 14c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 9 en 176 van de Wegenverkeerswet 1994.
Dictum
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde straf en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) weken.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.
Gewezen door mr. A.M. Kengen, in bijzijn van D.M.M. Linskens, griffier.
mr. A.M. Kengen
Inleiding
afdeling strafrecht
parketnummer eerste aanleg : 96-335216-21 en 96-176391-17 (TUL)
parketnummer hoger beroep : 23-000541-23
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 14 november 2023 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 20 januari 2023 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen:
geboren: op [geboortedag] 1979 te [geboorteplaats] ([geboorteland])
zonder bekende woon- of verblijfplaats.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
de artikelen 14a, 14b, 14c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 9 en 176 van de Wegenverkeerswet 1994.
Dictum
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde straf en doet in zoverre opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) weken.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.
Gewezen door mr. A.M. Kengen, in bijzijn van D.M.M. Linskens, griffier.
mr. A.M. Kengen