Rechtspraak Gerechtshof Amsterdam 2017-10-24
ECLI:NL:GHAMS:2017:4340
GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team I zaaknummers : 200.218.176/01 SKG en 200.220.343/01 SKG zaaknummers rechtbank Noord-Holland : C/15/258295/KG ZA 17-317 en C/15/260023/KG ZA 17-444 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 24 oktober 2017 in de zaak met zaaknummer 200.218.176/01 SKG STICHTING AIRPORT COORDINATION NETHERLANDS , gevestigd te Schiphol, appellante in principaal appel, geïntimeerde in (voorwaardelijk) incidenteel appel, advocaat: mr. A.H. Gaastra te Schiphol, en ROYAL SCHIPHOL GROUP N.V. , gevestigd te Schiphol, gevoegde partij aan de zijde van STICHTING AIRPORT COORDINATION NETHERLANDS , advocaat: mr. A.A. Kleinhout te Amsterdam, en KONINKLIJKE LUCHTVAART MAATSCHAPPIJ N.V. , gevestigd te Amstelveen, gevoegde partij aan de zijde van STICHTING AIRPORT COORDINATION NETHERLANDS , advocaat: mr. P.V. Eijsvogel te Amsterdam, tegen 1 CORENDON DUTCH AIRLINES B.V., gevestigd te Lijnden, 2. CORENDON INTERNATIONAL TRAVEL B.V. , gevestigd te Schiphol, geïntimeerden in principaal appel, appellanten in (voorwaardelijk) incidenteel appel, advocaat: mr. R. Elkerbout te Amsterdam, in de zaak met zaaknummer 200.220.343/01 SKG 1 CORENDON DUTCH AIRLINES B.V., gevestigd te Lijnden, 2. CORENDON INTERNATIONAL TRAVEL B.V. , gevestigd te Schiphol, appellanten, advocaat: mr. R. Elkerbout te Amsterdam, tegen STICHTING AIRPORT COORDINATION NETHERLANDS , gevestigd te Schiphol, geïntimeerde, advocaat: mr. A.H. Gaastra te Schiphol. Partijen worden hierna SACN, KLM, Schiphol en (in vrouwelijk enkelvoud) Corendon c.s. genoemd. 1 Het geding in hoger beroep in de zaak met zaaknummer 200.218.176/01 SKG SACN is bij dagvaarding van 16 juni 2017 in hoger beroep gekomen van een vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Noord-Holland van 19 mei 2017, hersteld bij vonnis van 24 mei 2017, in kort geding gewezen tussen Corendon c.s. als eiseres en SACN als gedaagde. De appeldagvaarding bevat de grieven en gaat vergezeld van producties. Bij tussenarrest van 8 augustus 2017 heeft het hof Schiphol en KLM toegestaan zich te voegen aan de zijde van SACN. Voor het procesverloop tot dan toe verwijst het hof naar dat tussenarrest. Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend: memorie van antwoord in het incidenteel appel en in het voorwaardelijk incidenteel appel van SACN; memorie in de hoofdzaak van KLM, met producties. SACN heeft geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en alsnog de vorderingen van Corendon c.s. zal afwijzen, met beslissing over de proceskosten en de nakosten, uitvoerbaar bij voorraad. Corendon c.s. heeft in het principaal appel geconcludeerd tot bekrachtiging van het bestreden vonnis. In het incidenteel appel concludeert Corendon c.s. dat het hof het bestreden vonnis zal bekrachtigen en alsnog zal bepalen dat SACN een dwangsom verbeurt van € 1.000.000,- dan wel een door het hof te bepalen bedrag, per dag(deel) dat overtreding van het te wijzen arrest plaatsvindt althans voortduurt. Indien en voor zover een of meerdere grieven in het principaal appel slaagt/slagen, wijzigt Corendon c.s. haar eis als aan het slot van hun memorie vermeld. Een en ander met beslissing over de proceskosten en de nakosten, uitvoerbaar bij voorraad. SACN heeft in het (voorwaardelijk) incidenteel appel geconcludeerd als aan het slot van haar memorie vermeld, met beslissing over de proceskosten en nakosten met rente, uitvoerbaar bij voorraad. KLM heeft in het principaal appel geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden vonnis en afwijzing van de vorderingen van Corendon c.s. en in het (voorwaardelijk) incidenteel appel tot niet-ontvankelijkverklaring van Corendon c.s., met beslissing over de proceskosten. Schiphol heeft in het principaal appel geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en de vorderingen van Corendon c.s. alsnog zal afwijzen, met beslissing over de proceskosten, uitvoerbaar bij voorraad. in de zaak met zaaknummer 200.220.343/01 SKG Corendon c.s. is Hij wijst de slots in overeenstemming met de bepalingen van deze verordening toe en treft de nodige voorzieningen om slots in dringende gevallen buiten de kantooruren te kunnen toewijzen. (…) 8. 8. De coördinator stelt op verzoek binnen een redelijke termijn de volgende informatie gratis in schriftelijke of andere gemakkelijk toegankelijke vorm voor raadpleging aan belanghebbenden, in het bijzonder aan leden en waarnemers van het coördinatiecomité, ter beschikking: (…) d) de nog beschikbare „slots”; e) alle details over de bij de toewijzing gehanteerde criteria. Artikel 6 Coördinatieparameters 1. Op een gecoördineerde luchthaven draagt de verantwoordelijke lidstaat er zorg voor dat de parameters voor de toewijzing van slots tweemaal per jaar worden vastgesteld, waarbij rekening wordt gehouden met alle relevante technische, operationele en milieubeperkingen en de eventuele veranderingen die hierin zijn opgetreden. Hierbij wordt uitgegaan van een objectieve analyse van de mogelijkheden om het luchtverkeer te verwerken, rekening houdend met de verschillende types verkeer op de luchthaven, de congestie van het luchtruim die tijdens de coördinatieperiode waarschijnlijk zal optreden en de capaciteitssituatie. De parameters worden tijdig vóór de eerste toewijzing van slots ter voorbereiding van de planningsconferenties meegedeeld aan de luchthavencoördinator. (…) Artikel 8 Procedure voor de toewijzing van slots 1. Reeksen slots worden uit de slotpool aan luchtvaartmaatschappijen die een aanvraag hebben ingediend, toegewezen als toestemming om de luchthaveninfrastructuur te gebruiken om te landen of op te stijgen gedurende de dienstregelingsperiode waarvoor zij zijn aangevraagd. Na afloop van deze dienstregelingsperiode worden zij teruggegeven aan de overeenkomstig artikel 10 gevormde slotpool. 2. Onverminderd de artikelen 7, 8 bis, 9, artikel 10, lid 1, en artikel 14, is lid 1 niet van toepassing wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan: - een reeks slots is door een luchtvaartmaatschappij gebruikt voor de uitvoering van geregelde en geplande niet-geregelde luchtdiensten, en - de luchtvaartmaatschappij kan tot tevredenheid van de coördinator aantonen dat zij de door de coördinator toegewezen slots in kwestie voor ten minste 80% heeft geëxploiteerd in de dienstregelingsperiode waarvoor zij zijn toegewezen. In dat geval geeft de reeks slots de betrokken luchtvaartmaatschappij aanspraak op dezelfde reeks slots in de volgende overeenkomstige dienstregelingsperiode, mits binnen de in lid 1 van artikel 7 gestelde termijn door deze luchtvaartmaatschappij aangevraagd. 3. Wanneer niet tot tevredenheid van de betrokken luchtvaartmaatschappijen aan alle aanvragen voor slots kan worden voldaan, wordt onverminderd artikel 10, lid 2, voorrang verleend aan commerciële luchtdiensten, inzonderheid aan geregelde diensten en geplande niet-geregelde diensten. In geval van concurrerende aanvragen binnen dezelfde dienstencategorie wordt prioriteit gegeven aan diensten die gedurende het hele jaar worden uitgevoerd. (…) 6. Indien niet aan een aanvraag voor een slot kan worden voldaan, geeft de coördinator de betrokken luchtvaartmaatschappij hiervan de redenen op en deelt hij tevens het beste alternatieve beschikbare slot mee. 7. Naast de geplande toewijzing van slots voor de dienstregelingsperiode poogt de coördinator te voldoen aan afzonderlijke slotaanvragen die op korte termijn worden ingediend voor elk soort luchtvaart, inclusief de algemene luchtvaart. Hiertoe kan gebruik worden gemaakt van de na de verdeling onder de gegadigde maatschappijen resterende slots in de in artikel 10 bedoelde pool en van op korte termijn beschikbaar komende slots. (…) Artikel 10 Slotpool 1. De coördinator vormt een pool die alle slots bevat die niet volgens artikel 8, leden 2 en 4, zijn toegewezen. Alle nieuwe slotcapaciteit die overeenkomstig artikel 3, lid 3, is bepaald, wordt in de pool geplaatst. 2. Een reeks slots die aan een luchtvaartmaatschappij is toegewezen In het OSO worden de capaciteitsdeclaraties voor het aantal uit te voeren vluchten voor het (komende) winter- en zomerseizoen vastgesteld. 2.12. De capaciteit als bedoeld in de capaciteitsdeclaraties is bepaald in vliegbewegingen. Een vliegbeweging gedurende de nachtperiode (een nachtbeweging) is een vlucht met een actuele baantijd (take-off/landing tijd) tussen 23.00 uur tot 07.00 uur. Een slot – te onderscheiden in nachtslots en dagslots – geeft het recht om op een bepaalde datum op te stijgen of te landen. Slottijden zijn gebaseerd op on - en off-black tijden (het tijdstip dat een vliegtuig aankomt op of vertrekt van de gate). In verband met gemiddelde taxitijden worden nachtslots uitgegeven 20 minuten vóór en 20 minuten ná de nachtperiode (de ‘schouders’). Aldus worden nachtslots voor vertrek uitgegeven tussen 23.00 uur en 07.20 uur, terwijl nachtslots voor aankomst worden uitgegeven tussen 22.40 uur en 07.00 uur. In die periode worden geen dagslots uitgegeven. Derhalve leidt niet ieder nachtslot tot een nachtbeweging . Zo kan een nachtslot geannuleerd worden of kan een geopereerd nachtslot uiteindelijk niet leiden tot een nachtbeweging omdat het vliegtuig buiten het nachtregime opstijgt of landt. Daarnaast vinden ongeplande nachtbewegingen plaats doordat tijdens het nachtregime vliegtuigen landen/opstijgen zonder dat over een daartoe strekkend nachtslot wordt beschikt. SACN heeft een situatieschets opgesteld van het aantal uitgegeven en geopereerde nachtslots en het aantal nachtbewegingen in seizoen Winter 2015/2016 en Zomer 2016 (tezamen 2016) . Samengevat was de situatie in 2016 als volgt: Realisatie/bewegingen Gealloceerde nachtslots Geopereerd in nachtperiode Geopereerd in dagperiode Niet geopereerd # # % # % # % Totaal 38.043 31.002 81% 6.602 17% 439 1% Ongepland 2.521 7,5% van alle nachtbewegingen is ongepland Totaal bewegingen 33.523 2.13. Het Aldersakkoord is een in 2008 door bewoners, Schiphol, KLM en lokale overheden gesloten convenant waarin een maximumcapaciteit van het aantal vliegbewegingen op Schiphol is opgenomen van 500.000 per jaar, vanaf 2015 tot aan 2020, inclusief 32.000 nachtbewegingen per jaar. 2.14. Het verslag van het OSO van 14 april 2016 vermeldt onder meer: (…) 4. Capaciteitsdeclaratie Winter 2016/2017 (…) De heer … [KLM – hof] stelt dat op basis van het huidige wettelijke kader in de capaciteitsdeclaraties per gebruiksjaar ongeveer 34.000 slots beschikbaar worden gesteld. De heer … [Schiphol – hof] geeft aan dat de afspraak om vooruitlopend op de formele inwerkingtreding de operatie conform de regels van het nieuwe stelsel uit te voeren, ook inhoudt dat kan worden gegroeid naar 500.000 bewegingen. Hierbij moet de grens van 32.000 nachtbewegingen echter eveneens in acht worden genomen. (…) Mevrouw … [Schiphol – hof] merkt op dat met het in de huidige capaciteitsdeclaraties beschikbaar gestelde aantal van ongeveer 34.000 nachtslots het aantal gerealiseerde nachtbewegingen in het afgelopen gebruiksjaar iets boven 32.000 is uitgekomen. Met de voorstelde aangescherpte monitoring en aanpassingen van de capaciteitsdeclaratie neemt de sector binnen de wettelijke kaders zijn verantwoordelijkheid en doet wat in zijn mogelijkheden ligt om de gemaakte afspraken gestand te doen. (…) Mevrouw ….[SACN – hof] geeft aan dat ongeveer 10% van de uitgevoerde nachtvluchten ongeplande nachtvluchten betreft. Dit is voor een deel te verklaren door de (tijdelijke) nachtsluiting van de luchthaven van Nairobi (…). Daarnaast wordt echter voor ongeplande nachtbewegingen steeds meer aanspraak op overmacht gedaan. De criteria voor ‘overmacht’ zullen worden aangescherpt, wat zal bijdragen aan het begrenzen van het aantal nachtvluchten. (…) 2.15. De door het OSO vastgestelde en op 23 mei 2016 aan SACN gezonden capaciteitsdeclaratie voor het winterseizoen 2016/2017 (hierna: W16/17) vermeldt onder meer: Deze tekst stond ook in de capaciteitsdeclaratie voor het zomerseizoen van 2015. 2.16. Het verslag van het OSO van 18 augustus Slot availability for non-historic allocation is evaluated by taking into account several factors such as but not limited to: - - target of 32.000 night movements; - - developments in and with regard to previous seasons; - - realisation of night movements up until the moment of evaluation; - - estimated realisation of night movements from allocated slots; - - estimated unplanned night movements. 2.2. ACNL periodically allocates non-historic night slots whenever there are available once the season is in progress. The table below shows the envisaged moments of communication and allocation and the estimated maximum provisional percentage of slot availability open for allocation. This table will be updated after allocation. Daaronder is de volgende tabel weergegeven: 2.21. Corendon c.s. hebben voor de zomer van 2016 in totaal 957 nachtslots op Schiphol aangevraagd en verkregen. Corendon c.s. hebben voor de zomer van 2017 991 nachtslots op Schiphol aangevraagd. 2.22. Op 6 maart, 7, 19 en 25 april 2017 hebben Corendon c.s. respectievelijk 56, 20, 1 en 1 nachtslots verkregen, waarmee zij tot 12 (dan wel 14) mei 2017 konden vliegen. In de jaren 2011 tot en met 2016 is aan Corendon nooit een aangevraagd nachtslot geweigerd. 2.23. Bij brief van 24 april 2017 hebben Corendon c.s. SACN onder meer als volgt geschreven: (…) Wij beschikken voor de zomer van 2017 thans over 78 nachtslots. Daarmee beschikken we bij lange na niet over het minimale aantal nachtslots, te weten 991, die wij deze zomer nodig hebben om onze reizigers te vervoeren naar hun vakantiebestemmingen. Zoals het er nu naar uitziet, kunnen we onze passagiers – in het beste geval en ondanks alle noodmaatregelen die wij in gang hebben gezet (zoals overheveling van slots etc.) – nog enkele weken, namelijk tot 12 mei, vervoeren. Daarna zijn onze nachtslots op en komt onze operatie in onmiddellijk gevaar. Mogelijk krijgen we er de komende weken nog een paar ad hoc nachtslots bij, maar dat zal naar wij begrijpen van u een zeer beperkte hoeveelheid zijn die het desastreuze tekort aan nachtslots niet oplost. De reden dat wij op dit moment een continuïteitsbedreigend tekort aan nachtslots hebben, is gelegen in de omstandigheid dat SACN deze zomer voor het eerst weigert om alle initieel gealloceerde, maar niet gevlogen nachtslots opnieuw uit te geven en daarbij zoals gebruikelijk ook te anticiperen op slots die in de loop van het seizoen vrijvallen. U wijkt hiermee af van de bestendige beleidslijn die ervoor heeft gezorgd dat wij als home carrier, die sterk afhankelijk is van deze vrijgevallen nachtslots, in de afgelopen zes jaar steeds al onze nachtvluchten hebben kunnen uitvoeren ondanks het feit dat we niet beschikken over historische nachtslots. Wij zijn van mening dat het volstrekt onnodig is om nu plots in het nadeel van Corendon (en andere maatschappijen die niet over historische nachtslots beschikken) van die bestendige beleidslijn af te wijken. Daarmee zorgt u ten onrechte voor een onderbenutting van de gedeclareerde slotcapaciteit op Schiphol en brengt u Corendon, zoals vandaag wederom uitgelegd, in een acute, continuïteitsbedreigende situatie. (…) 2.24. Vooruitlopend op een wijziging van de Wet luchtvaart, zal op 1 november 2017 de Tijdelijke regeling volumeplafond nachtvluchten Schiphol (Stcrt. 2017, nr. 25489) in werking treden. Deze regeling bevat vervangende grenswaarden voor de geluidsbelasting voor de nacht die passen bij 32.000 nachtelijke vliegbewegingen. 3 Beoordeling in de zaak met zaaknummer 200.218.176/01: 3.1. Corendon c.s. heeft in eerste aanleg gevorderd dat de voorzieningenrechter bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, ( i) SACN zal verbieden om het nieuwe slotallocatiebeleid met betrekking tot de verdeling van nachtslots voor 2017, zoals neergelegd in de Working Procedure, in het bijzonder (a) het vasthouden aan de genoemde target van 32.000 nachtbewegingen in de eerste bullet point van artikel 2.1. en (b) het rekening houden met de mogeli De omstandigheid dat de eisende partij lang heeft stilgezeten, kan bij die afweging een rol spelen, en de omstandigheid dat een rechts- en/of feitelijke vraag in geschil is waarop het antwoord niet evident is, kan leiden tot behoedzaamheid bij de toewijzing van de gevraagde voorziening, maar deze omstandigheden kunnen noch ieder voor zich noch in onderlinge samenhang het oordeel rechtvaardigen dat de eisende partij geen spoedeisend belang bij de gevraagde voorziening (meer) heeft. 3.7. Wat er van het verweer van SACN ook zij, naar het oordeel van het hof heeft Corendon c.s. het vereiste spoedeisend belang bij de gevorderde voorzieningen. (zowel in eerste aanleg als in appel) nu deze zien op de uitgifte van nachtslots voor het zomerseizoen van 2017, dat nog tot 29 oktober 2017 loopt, en Corendon c.s. onweersproken heeft gesteld dat zij voor de uitvoering van haar vluchtschema’s afhankelijk is van vertrek en aankomst in de nacht. Dat is, daargelaten of haar voortbestaan daarvan afhankelijk is (zoals Corendon c.s. ter zitting heeft gesteld doch SACN, KLM en Schiphol hebben bestreden), economisch van groot belang, terwijl ook sprake is van belangen van derden, de betrokken reizigers. Bovendien heeft SACN ter zitting in hoger beroep verklaard dat zij mogelijk reeds toegewezen (maar nog niet gebruikte) nachtslots zal intrekken, afhankelijk van de uitkomst van dit appel. Ook die omstandigheid maakt dat Corendon c.s. thans een spoedeisend belang heeft bij de gevraagde voorzieningen in kort geding. De grief faalt derhalve. 3.8. SACN betoogt met grief 3 in het principaal appel dat de voorzieningenrechter Corendon c.s. in haar vorderingen niet-ontvankelijk had moeten verklaren. Daartoe voert zij aan dat zowel de S17 als de toekenningsbesluiten moeten worden aangemerkt als appellabele besluiten waartegen met voldoende waarborgen omklede bestuursrechtelijke rechtsgangen open stonden. Grief 4 stelt dezelfde kwestie aan de orde. 3.9. Wat de ontvankelijkheid van Corendon c.s. betreft onderkent het hof dat er gronden zijn om aan te nemen dat de toewijzing van non-historische nachtslots valt te kwalificeren als een besluit waartegen in een, met voldoende waarborgen omklede, bestuursrechtelijke (spoed- voorzieningen)procedure kan worden opgekomen (vgl. ECLI:NL:RBNHO:2017:561, met instemming verwijzend naar ECLI:NL:RBNHO:2017:4831). Dat laat onverlet dat de vraag of toewijzing van nachtslots als een besluit moet worden aangemerkt op dit moment nog niet volledig is uitgekristalliseerd. Het hof verwijst daartoe naar ECLI:NL:RBNHO:2017:2827 waarin de bestuursrechtelijke voorzieningenrechter de vraag of de toewijzing van (historische) nachtslots als besluit (in de zin van de Algemene wet bestuursrecht) moet worden gekwalificeerd uitdrukkelijk in het midden liet. In het licht van de op dit moment nog bestaande rechtsonzekerheid, is het hof van oordeel dat de aanvullende rechtsbeschermende taak van de burgerlijke rechter in kort geding meebrengt dat Corendon c.s. ontvankelijk is in haar vorderingen die zijn gegrond op de stelling dat SACN bij de toewijzing van non-historische nachtslots jegens haar onrechtmatig heeft gehandeld en dat behoefte bestaat aan een ordemaatregel. De vraag of de S17 moet worden aangemerkt als besluit waartegen in een bestuursrechtelijke rechtsgang kan worden opgekomen, kan daarmee in het midden blijven. De grieven 3 en 4 falen. 3.10. Met grieven 8 tot en met 10 in het principaal appel bestrijdt SACN het voorshandse oordeel van de voorzieningenrechter dat SACN onrechtmatig heeft gehandeld bij de slotallocatie voor het zomerseizoen van 2017. SACN voert in dit verband aan dat zij geen bevoegdheden heeft ten aanzien van het vaststellen van de beschikbare capaciteit en alleen gaat over de toewijzing van slots. Evenals in de door het OSO vastgestelde W16/17(betreffende het winterseizoen) is het maximum aantal nachtbewegingen in de door Schiphol vastgestelde S17 bepaald, uitgaande van 32.000 per jaar. Dit aantal is afkomstig uit het aangevraagde nachtslots steeds waren toegewezen. Het hof acht, op basis van het thans beschikbare materiaal, in elk geval aannemelijk dat SACN bij de allocatie van de nachtslots voor de zomer van 2017 niet hetzelfde heeft gehandeld als bij de allocatie van de nachtslots voor de zomer van 2016. Die enkele wijziging is echter niet voldoende voor het oordeel dat zij onrechtmatig heeft gehandeld. Haar positie brengt immers mee, dat zij niet alleen met de belangen van Corendon c.s. maar ook met andere belangen rekening heeft te houden. In beginsel stond het SACN dan ook vrij om haar beleid te wijzigen, als daarvoor, gelet op haar voormelde taak, in de gegeven, gewijzigde, situatie voldoende grond aanwezig was. In dat geval diende zij echter tevens rekening te houden met bedoelde belangen en verwachtingen van Corendon c.s., hetgeen meebracht dat zij een dergelijke wijziging tijdig aan Corendon c.s. diende mede te delen. 3.14. Uit de stellingen van SACN (zie ook rov. 3.10) maakt het hof op dat zij zich bewust was van de gevoeligheid van het aantal nachtbewegingen en dat zij naar eigen zeggen eerst recent nader inzicht had verkregen in het aanzienlijke aantal nachtbewegingen dat plaatsvond zonder dat sprake was van een daartoe gealloceerd nachtslot (de ongeplande nachtbewegingen). SACN heeft zich, zo stelt zij, door de combinatie van de afname van het maximaal aantal toegestane nachtbewegingen van 34.000 naar 32.000, het hoge aantal ongeplande nachtbewegingen en de gevoeligheid van de situatie als geheel genoopt gezien tot het invoeren en toepassen van de nieuwe Working Procedure. 3.15. Het uitgangspunt voor SACN diende, in deze situatie waar het OSO geen overeenstemming had kunnen bereiken, in de eerste plaats te zijn de capaciteitsdeclaratie S 17 en de begeleidende brief van Schiphol, waarvan Corendon een kopie heeft ontvangen. Uit de capaciteitsdeclaratie vloeit een afname van het aantal nachtslots voort. Het maximum aantal nachtbewegingen gaat immers van 34.000 naar 32.000. Die verlaging vloeit voort uit het al jaren bestaande Aldersakkoord, waarvan Corendon c.s. op de hoogte was. Voor zover de Working Procedure dus uitgaat van die afname is van een onrechtmatige beleidswijziging geen sprake. Hoewel slots niet gelijk zijn aan bewegingen vloeit uit die afname, naar Corendon c.s. duidelijk moet zijn geweest, in beginsel immers ook een afname van het aantal voor haar beschikbare nachtslots voort; uit de systematiek van slottoewijzing volgt dat een afname van het aantal nachtslots in de eerste plaats ten koste zal gaan van het aantal beschikbare niet-historische nachtslots. In bedoelde brief van Schiphol is vermeld (rov 2.19) : “ In the allocation of night slots it has been common practice to take into consideration that a certain percentage of the operations for which a night slot has been allocated, will eventually not result in a night movement. This gives the possibility to accommodate requests of airlines as much as possible, without resulting in a realization that exceeds the limitations of the capacity declaration. You (SACN – hof) are expected to take the expected realization of night movements into account in the allocation of night slots for summer 2017 . Die brief geeft geen aanleiding om, naast voormelde invloed van het maximum van 32.000, een verdere verlaging van het aantal nachtslots en/of de procedure voor allocatie te verwachten, met name niet op het punt van het alvast, vroeg in het seizoen, toekennen van nachtslots op grond van de bestendige praktijk van overboeking. Dat de problematiek van de ongeplande nachtbewegingen, al dan niet in combinatie met andere factoren, voldoende reden was om die praktijk van overboeking niet langer, meer terughoudend of anders toe te passen is door SACN (deels gesteund door Schiphol en KLM) gesteld, door Corendon c.s. weersproken en per saldo niet voldoende aannemelijk geworden. 3.16. Voor wat betreft de hiervoor genoemde tijdigheid van de mededeling van de beleidswijziging geldt, dat