Rechtspraak Centrale Raad van Beroep 2026-04-09
ECLI:NL:CRVB:2026:459
24/1348 ANW-V Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Uitspraak op het verzet in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 18 april 2024, 23/829 ANW (aangevallen uitspraak) Partijen: [appellante] te [woonplaats] , Marokko (appellante) de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank (Svb) Datum uitspraak: 9 april 2026 PROCESVERLOOP In de uitspraak van 11 oktober 2024 heeft de Raad het door appellante ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet-ontvankelijk verklaard omdat het verschuldigde griffierecht niet is betaald en op grond van de beschikbare gegevens redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest. Appellante heeft verzet gedaan. Het verzet is ter behandeling aan de orde gesteld op de zitting van 26 februari 2026. Partijen zijn niet verschenen. OVERWEGINGEN Verzet, als bedoeld in artikel 8:55 van de Awb, ziet uitsluitend op de vraag of de Raad ten onrechte tot vereenvoudigde behandeling is overgegaan wegens de kennelijke uitkomst van – in dit geval – het hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak. Dit betekent dat de beoordeling van de Raad in deze verzetsprocedure beperkt is tot de vraag of terecht uitspraak is gedaan zonder appellante op zitting te horen. In verzet heeft appellante naar voren gebracht dat haar echtgenoot tot zijn overlijden een uitkering van de Sociale Verzekeringsbank had. Zij heeft geen werk en is ziek. Zij heeft vier kinderen waarvoor veel uitgaven gedaan moeten worden. Appellante wil in aanmerking komen voor een uitkering op grond van de Algemene Nabestaandenwet. Appellante heeft niet aangevoerd dat de Raad ten onrechte is overgegaan tot een vereenvoudigde behandeling van haar hoger beroep. Appellante heeft zich beperkt tot een herhaling van de gronden van haar hoger beroep. Het enkel herhalen van die gronden doet geen twijfel ontstaan over het in de uitspraak van 11 oktober 2024 door de Raad gegeven oordeel. Dit betekent dat het verzet ongegrond wordt verklaard. Voor een proceskostenveroordeling van het verzet is geen aanleiding. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door K.H. Sanders, in tegenwoordigheid van C.M. Snellenberg als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 9 april 2026. (getekend) K.H. Sanders De griffier is verhinderd te ondertekenen. DÉCISION La Centrale Raad van Beroep (Cour d'Appel Centrale), statue: Déclare le recours non fondé Par conséquent, décidée par K.H. Sanders, en présence de C.M. Snellenberg en qualité de greffier, ainsi que prononcée en public, le 9 avril 2026.