Rechtspraak
Centrale Raad van Beroep
2023-09-22
ECLI:NL:CRVB:2023:1829
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Hoger beroep
539 tokens
Inleiding
22 944 AOW-PV
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het verzoek om herziening van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 3 december 2021, 21/257
Partijen:
[verzoekster] Marokko (verzoekster)
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank
Datum uitspraak: 22 september 2023
Zitting heeft: J.C. Boeree, als lid van de enkelvoudige kamer
Griffier: M. Ramanand
Op de zitting is niemand verschenen.
Dictum
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
In de uitspraak van 6 september 2022 is het (tweede) verzoek om herziening van de uitspraak van 13 november 2020 (19/2350) niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet is betaald en omdat er geen gronden zijn ingediend.
Appellante heeft verzet ingesteld.
In haar verzet voert appellante aan dat zij het niet eens is met de uitspraak omdat zij wel griffierecht heeft betaald en omdat zij kampt met medische problemen.
De Raad constateert dat het griffierecht niet is betaald en dat appellante verder geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd waarom de niet-ontvankelijk verklaring onjuist zou zijn.
Het verzet wordt dan ook ongegrond verklaard. De Raad overweegt dat uit het dossier blijkt dat appellante het niet eens is met de oorspronkelijke beslissing en het moeilijk vindt om deze te accepteren. De Raad wijst erop dat tegen deze uitspraak geen rechtsmiddelen kunnen worden aangewend. Deze procedure is met deze uitspraak afgesloten.
Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer
(getekend) M. Ramanand (getekend) J.C. Boeree