Rechtspraak College van Beroep voor het bedrijfsleven 2026-03-17
ECLI:NL:CBB:2026:102
uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 24/523 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 maart 2026 in de zaak tussen [naam 1] B.V., te [vestigingsplaats] (vennootschap) en de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (gemachtigden: mr. I.M.H.G. van Lankveld en mr. S.H.B. van der Zalm) Procesverloop Met het besluit van 16 februari 2024 heeft de minister aan de vennootschap meegedeeld dat haar aanmelding voor GLB-steun voor het jaar 2023 te laat is ontvangen en het beroep op overmacht is afgewezen. Met het besluit van 1 mei 2024 (het bestreden besluit) heeft de minister het bezwaar van de vennootschap daartegen ongegrond verklaard. De vennootschap heeft tegen dit besluit beroep ingesteld. De minister heeft een verweerschrift ingediend en met een brief van 26 februari 2025 antwoord gegeven op een vraag van het College. De vennootschap heeft een nader stuk ingediend. De zitting was op 2 februari 2026. Aan de zitting hebben deelgenomen [naam 2] en [naam 3] namens de vennootschap en de gemachtigden van de minister. Overwegingen Inleiding 1.1 Het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) 2023 van de Europese Unie is voor zover hier van belang vastgelegd in Verordening 2021/2115, Verordening 2021/2116, Uitvoeringsverordening 2021/2290 en Gedelegeerde verordening 2022/1172. De nationale invulling van de GLB-verordeningen is neergelegd in de Uitvoeringsregeling GLB 2023. 1.2 In de Uitvoeringsregeling GLB 2023 zijn de regels rondom het aanvragen van GLB-steun ten opzichte van eerdere jaren veranderd. De landbouwer moet (nu) eerst een aanmelding indienen om in aanmerking te komen voor GLB-steun voordat hij een definitieve aanvraag kan doen. De aanmelding kon vanaf 1 maart tot en met 15 juni 2023 worden ingediend in een Gecombineerde opgave. Dit staat in artikel 10, eerste en zevende lid van de Uitvoeringsregeling GLB 2023. 1.3 In deze zaak heeft de vennootschap zich op 5 juli 2023 aangemeld voor GLB-steun voor het jaar 2023 en op 10 juli 2023 melding gemaakt van overmacht. De minister heeft de aanmelding niet geaccepteerd vanwege de te late indiening en de (op 29 november 2023 gedane) aanvraag voor steun op grond van het GLB 2023 niet in behandeling genomen. 1.4 Tussen partijen is enkel in geschil of de vennootschap tijdig melding heeft gemaakt van overmacht. Wettelijk kader 2 Het toepasselijke wettelijke kader is opgenomen in een bijlage bij deze uitspraak. Standpunt partijen 3.1 De vennootschap stelt dat zij zich niet tijdig heeft aangemeld vanwege het “omzetten” van de stille maatschap [naam 4] naar een besloten vennootschap. Die bedrijfsoverdracht vond plaats op 26 april 2023 en diezelfde dag heeft de notaris de maatschap laten uitschrijven uit het handelsregister. Voor 26 april 2023 is geprobeerd om de aanmelding te doen, maar dat is niet gelukt doordat het systeem twintig foutmeldingen aangaf. 3.2 Door de uitschrijving uit het handelsregister was de toegang tot het bedrijfsaccount op mijnrvo.nl geblokkeerd, was de melding overdracht agrarisch bedrijf niet mogelijk en kon de vennootschap het indienen van de al ingevulde Gecombineerde opgave 2023 niet afronden. De brief van 23 mei 2023 waarin de minister aangeeft wat de vennootschap vanwege de bedrijfsoverdracht moet regelen, heeft zij niet per post ontvangen en was voor haar (door de blokkade) niet kenbaar en beschikbaar in mijnrvo.nl. Om die reden heeft zij pas op 23 juni 2023 de machtiging ‘documenten en toegang gegevens’ aangevraagd. Daarna heeft de vennootschap de melding overmacht gedaan op 27 juni 2023, gevolgd door de melding overdracht agrarisch bedrijf en de Gecombineerde opgave op 5 juli 2023. 4 De minister stelt dat de vennootschap de melding overmacht op 10 juli 2023 niet zo spoedig mogelijk heeft gedaan, nu zij vóór 4 mei 2023 problemen heeft ondervonden bij het indienen van de Gecombineerde opgave en de minister daarvan eerst op 23 juni 2023 telefonisch op de hoogte heeft gebracht. Beoordeling 5.1 Van de uiterste aanmelddatum van