Rechtspraak
College van Beroep voor het bedrijfsleven
2025-01-13
ECLI:NL:CBB:2025:42
Bestuursrecht
Mondelinge uitspraak
608 tokens
Inleiding
proces-verbaal uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 23/2029
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 januari 2025
Rechter: mr. R.W.L. Koopmans
Griffier: mr. A. Verhoeven
Partijen
[naam 1] h.o.d.n. [naam 2], te [plaats] , (de ondernemer), waarvoor aanwezig zijn [naam 3] en [naam 4]
en
de minister van Economische Zaken, vertegenwoordigd door mr. S. Piron en C. Zieleman
Overwegingen
De ondernemer heeft verzet gedaan tegen de uitspraak van het College met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht, dus zonder zitting, van 24 september 2024. Met deze uitspraak heeft het College het beroep van de ondernemer (kennelijk) niet-ontvankelijk verklaard, omdat de ondernemer het beroep ruim drie maanden te laat heeft ingesteld en de ondernemer hiervoor naar het oordeel van het College geen goede redenen heeft gegeven.
De gemachtigde van de ondernemer heeft aangevoerd dat de termijnoverschrijding is veroorzaakt door ziekte en capaciteitsgebrek, waardoor hij niet in staat was het beroepschrift tijdig in te dienen. De gemachtigde van de ondernemer heeft dit op de zitting nader toegelicht.
Voor het beoordelingskader voor de verschoonbaarheid van de termijnoverschrijding verwijst het College naar zijn uitspraak van 30 januari 2024 (ECLI:NL:CBB:2024:31). In deze uitspraak heeft het College overwogen dat in de situatie dat een belanghebbende wordt bijgestaan door een professionele hulpverlener, zoals ook in dit geval, blijft gelden dat diens handelen in beginsel voor rekening van de indiener, in dit geval de ondernemer, komt. Naar het oordeel van het College is niet gebleken van heel bijzondere omstandigheden aan de zijde van de gemachtigde van de ondernemer. Van een professionele rechtshulpverlener mag immers worden verwacht dat hij de termijnen bewaakt en tijdig voorzieningen treft in het geval hij door bijvoorbeeld ziekte uitvalt of sprake is van capaciteitsgebrek. Het College komt dan ook niet tot een verschoonbare termijnoverschrijding.
w.g. R.W.L. Koopmans w.g. A. Verhoeven