Rechtspraak
College van Beroep voor het bedrijfsleven
2024-10-21
ECLI:NL:CBB:2024:786
Bestuursrecht
Mondelinge uitspraak
1,455 tokens
Inleiding
proces-verbaal uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 23/1916
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 oktober 2024
Rechter: mr. H.S.J. Albers
Griffier: mr. D. de Vries
Partijen:
[naam] , te [plaats]
en
Argonaut Advies B.V.
(gemachtigden: mr. I van den Assem en L. ten Hove)
Overwegingen
1. [naam] heeft begin 2022 een OV-begeleiderskaart aangevraagd. Om in aanmerking te komen voor een OV-begeleiderskaart moet de aanvrager aantonen dat hij als gevolg van een aandoening een loopbeperking heeft, waardoor hij met de gebruikelijke hulpmiddelen in redelijkheid niet in staat is zelfstandig een afstand van meer dan honderd meter te lopen. Dit volgt uit artikel 2, tweede lid, onder a, van de Regeling OV-begeleiderskaart.
2 [naam] voert aan dat hij in een rolstoel zit en niet zelfstandig gebruik kan maken van het openbaar vervoer. De aanvraag is echter niet volledig ingevuld en ook ontbreekt er actuele medische informatie. De medische informatie die [naam] heeft bijgevoegd dateert van 2008 en is dus niet meer actueel. Uit die informatie blijkt niet dat [naam] ten tijde van de aanvraag zulke ernstige beperkingen had als bedoeld in de Regeling. Argonaut heeft daarom terecht geconcludeerd dat er geen medische indicatie is voor een OV-begeleiderskaart.
3 Ten overvloede merkt het College op dat op de zitting is besproken dat [naam] actuele medische gegevens kan opvragen. Partijen zullen onderling bespreken hoe [naam] daarmee zo snel mogelijk een nieuwe aanvraag kan doen.
4. Het beroep is ongegrond. Argonaut hoeft geen proceskosten te betalen.
w.g. H.S.J. Albers w.g. D. de Vries
Inleiding
proces-verbaal uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 23/1916
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 oktober 2024
Rechter: mr. H.S.J. Albers
Griffier: mr. D. de Vries
Partijen:
[naam] , te [plaats]
en
Argonaut Advies B.V.
(gemachtigden: mr. I van den Assem en L. ten Hove)
Overwegingen
1. [naam] heeft begin 2022 een OV-begeleiderskaart aangevraagd. Om in aanmerking te komen voor een OV-begeleiderskaart moet de aanvrager aantonen dat hij als gevolg van een aandoening een loopbeperking heeft, waardoor hij met de gebruikelijke hulpmiddelen in redelijkheid niet in staat is zelfstandig een afstand van meer dan honderd meter te lopen. Dit volgt uit artikel 2, tweede lid, onder a, van de Regeling OV-begeleiderskaart.
2 [naam] voert aan dat hij in een rolstoel zit en niet zelfstandig gebruik kan maken van het openbaar vervoer. De aanvraag is echter niet volledig ingevuld en ook ontbreekt er actuele medische informatie. De medische informatie die [naam] heeft bijgevoegd dateert van 2008 en is dus niet meer actueel. Uit die informatie blijkt niet dat [naam] ten tijde van de aanvraag zulke ernstige beperkingen had als bedoeld in de Regeling. Argonaut heeft daarom terecht geconcludeerd dat er geen medische indicatie is voor een OV-begeleiderskaart.
3 Ten overvloede merkt het College op dat op de zitting is besproken dat [naam] actuele medische gegevens kan opvragen. Partijen zullen onderling bespreken hoe [naam] daarmee zo snel mogelijk een nieuwe aanvraag kan doen.
4. Het beroep is ongegrond. Argonaut hoeft geen proceskosten te betalen.
w.g. H.S.J. Albers w.g. D. de Vries
Inleiding
proces-verbaal uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
zaaknummer: 23/1916
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 oktober 2024
Rechter: mr. H.S.J. Albers
Griffier: mr. D. de Vries
Partijen:
[naam] , te [plaats]
en
Argonaut Advies B.V.
(gemachtigden: mr. I van den Assem en L. ten Hove)
Overwegingen
1. [naam] heeft begin 2022 een OV-begeleiderskaart aangevraagd. Om in aanmerking te komen voor een OV-begeleiderskaart moet de aanvrager aantonen dat hij als gevolg van een aandoening een loopbeperking heeft, waardoor hij met de gebruikelijke hulpmiddelen in redelijkheid niet in staat is zelfstandig een afstand van meer dan honderd meter te lopen. Dit volgt uit artikel 2, tweede lid, onder a, van de Regeling OV-begeleiderskaart.
2 [naam] voert aan dat hij in een rolstoel zit en niet zelfstandig gebruik kan maken van het openbaar vervoer. De aanvraag is echter niet volledig ingevuld en ook ontbreekt er actuele medische informatie. De medische informatie die [naam] heeft bijgevoegd dateert van 2008 en is dus niet meer actueel. Uit die informatie blijkt niet dat [naam] ten tijde van de aanvraag zulke ernstige beperkingen had als bedoeld in de Regeling. Argonaut heeft daarom terecht geconcludeerd dat er geen medische indicatie is voor een OV-begeleiderskaart.
3 Ten overvloede merkt het College op dat op de zitting is besproken dat [naam] actuele medische gegevens kan opvragen. Partijen zullen onderling bespreken hoe [naam] daarmee zo snel mogelijk een nieuwe aanvraag kan doen.
4. Het beroep is ongegrond. Argonaut hoeft geen proceskosten te betalen.
w.g. H.S.J. Albers w.g. D. de Vries